Pedagogiek

Groene kinderopvang
FONK natuureducatie

FONK: ‘Natuur is dé plek voor een kind om te groeien’

De natuur als dé leeromgeving waarin kinderen en jongeren zich optimaal kunnen ontwikkelen: dat is de gedachte achter het nieuwe natuureducatieprogramma FONK. Een school in Brabant heeft het programma als proef in gebruik genomen, maar de bedoeling is dat FONK voor alle basisscholen en kinderdagverblijven beschikbaar wordt.

Kinderparticipatie op de bso

Wat gebeurt er wanneer we kinderen een stem geven in de opvang? In al hun creativiteit bedenken ze de mooiste activiteiten! Ook kunnen ze kritisch meedenken over het beleid van een organisatie. Met de KinderKracht-koffer geeft Partou Kinderopvang praktische handvatten aan pm’ers voor kinderparticipatie binnen de organisatie.
Pedagogiek

Recensie: Kinderparticipatie in 50 vormen

Na het boek Betekenisvol werken in de Buitenschoolse tijd komt Jessica Schouten nu met haar tweede boek over kinderparticipatie. Christine ten Kate deelt een recensie van dit boek.

7 tips voor kinderparticipatie

Wil je kinderen in de bso een stem geven? Ga dan aan de slag met kinderparticipatie. En dat hoeft niet alleen in te houden dat ze gaan vergaderen. Je kunt kinderparticipatie ook op andere manier invullen! Doe inspiratie op met de volgende tips.

Kwaliteit bso: aandacht voor kinderparticipatie en zelfregulatie

Voor de Landelijke Kwaliteitsmonitor Kinderopvang werd met 64 pedagogisch medewerkers van bso-groepen gesproken en zij werden in hun werk geobserveerd. Welke inzichten leverde dit op?

Een middagje bij BSO de Boomhut

BSO de Boomhut in Maastricht werkt volgens de pedagogische visie van Janusz Korczak. Dat vertaalt zich in veel zelfstandigheid en regie voor de kinderen én in een divers activiteitenaanbod. ‘We maken als volwassenen vaak de fout om zelf te bedenken wat kinderen willen.’
Pedagogiek
Asscher kijkt naar verplicht kwaliteitskader

Asscher kijkt naar verplicht kwaliteitskader

Het Landelijk Pedagogenplatform kindercentra (LPk) is voorstander van een verplicht landelijk kader voor de pedagogische kwaliteit van de kinderopvang. Deze staan beschreven in ‘Bouwstenen voor een pedagogisch kwaliteitskader kinderopvang’. Asscher heeft de pedagogische visie ontvangen in het kader van de Kwaliteitsagenda Kinderopvang en neemt deze mee in het ontwikkelen van een kwaliteitsvisie voor de sector.

Over pedagogiek

Pedagogische keuzes in de kinderopvang

De vier pedagogische doelen van Marianne Riksen-Walraven vormen de basis van de kinderopvang. Maar daarmee is de branche er nog niet. Want waartoe dient de kinderopvang en hoe doe je dat: een goede pedagogische leefomgeving bieden aan het jonge kind en dat vaak in een wisselende groep? De Pedagogische kaders en het Pedagogisch curriculum geven houvast.

Lees meer

Pedagogiek

Pedagogische beleidsplannen in de kinderopvang lijken soms inwisselbaar. Hier moeten de nieuwe eisen die de Wet IKK aan kinderopvangorganisaties stelt een einde aan maken. Het pedagogisch beleidsplan is vanaf 2018 een belangrijke graadmeter van pedagogische afwegingen die een kinderopvangorganisatie maakt. Dit kan zowel voor ouders als voor de inspectie bepalend zijn in hun oordeel over een organisatie.

In de Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang staat dat de vier pedagogische doelen van Marianne Riksen-Walraven geconcretiseerd moeten worden in het pedagogisch beleidsplan. In een algemene maatregel van bestuur (amvb) is nu letterlijk uitgeschreven wat hiermee bedoeld wordt.

Pedagogische doelen

De concrete uitwerking van de vier bekende pedagogische doelen voor de kinderopvang, zijn voor de dagopvang, peuterspeelzaalwerk en de bso exact hetzelfde geformuleerd. Wel moet er in de uitwerking rekening gehouden worden met de ontwikkelingsfase waarin kinderen zich bevinden. Daarom staat er dat er op de groepen:

– op een sensitieve en responsieve manier met kinderen wordt omgegaan, respect voor de autonomie van kinderen wordt getoond en grenzen worden gesteld aan en structuur wordt geboden voor het gedrag van kinderen, zodat kinderen zich emotioneel veilig en geborgen kunnen voelen;

– kinderen spelenderwijs worden uitgedaagd in de ontwikkeling van hun motorische vaardigheden, cognitieve vaardigheden, taalvaardigheden en creatieve vaardigheden, teneinde kinderen in staat te stellen steeds zelfstandiger te functioneren in een veranderende omgeving;

– kinderen worden begeleid in hun interacties, waarbij hen spelenderwijs sociale kennis en vaardigheden worden bijgebracht, teneinde kinderen in staat te stellen steeds zelfstandiger relaties met anderen op te bouwen en te onderhouden, en

– kinderen worden gestimuleerd om op een open manier kennis te maken met de algemeen aanvaarde waarden en normen in de samenleving met het oog op een respectvolle omgang met anderen en een actieve participatie in de maatschappij.

Toezichthouder

De concretisering van de pedagogische doelstellingen is niet alleen van belang voor professionals en ouders, maar ook voor het gesprek over de praktijkobservatie tussen de houder en de toezichthouder. De huidige uitwerking van de vier pedagogische doelen alleen, vormde in de praktijk te weinig basis voor een goed gesprek over pedagogische kwaliteit. Het is belangrijk om te vermelden dat ouders mee mogen praten over het pedagogisch beleid en hierover advies mogen uitbrengen. Kinderopvangorganisaties dienen minstens één keer per jaar overleg te voeren met de oudercommissie over het pedagogische beleid.

Doorlopende ontwikkelingslijnen

Ook wordt met de Wet IKK ingezet op betere doorlopende ontwikkelingslijnen. Dit enigszins holle begrip krijgt handen en voeten in de uitwerking van deze nieuwe kwaliteitsmaatregel voor de kinderopvang. Om te beginnen wordt geëist dat in het pedagogisch beleidsplan te lezen is hoe kinderen worden gevolgd in hun ontwikkeling en hoe er wordt gestreefd naar een doorlopende ontwikkellijn met de buitenschoolse opvang en/of de school.

Pedagogisch kaders

Vanaf 2010 zijn vier verschillende Pedagogisch kaders uitgebracht: voor de dagopvang, bso en gastouderopvang. En er is een Pedagogisch kader Diversiteit. De Pedagogisch kaders bieden pedagogisch medewerkers een concrete uitwerking van de pedagogische doelen. Er staan theoretische hoofdstukken in en praktische hoofdstukken waarbij de theorie is uitgewerkt in de aanpak van praktische situaties.

Het gebruik van de Pedagogisch kaders voor de kinderopvang kan beter. De boeken, zowel uitgebracht voor de dagopvang, de bso als de gastouderopvang, worden vooral incidenteel gebruikt. Dit blijkt uit een enquête onder pm’ers en gastouders die de Stichting BKK heeft laten houden.

Pedagogisch kader 0-4 jaar

De 546 respondenten van de BKK-enquête vinden het in meerderheid nuttig dat het Pedagogisch kader verder ontwikkeld wordt, ook al maken ze nu nog weinig gebruik van het boek. Het Pedagogisch kader voor 0-4 jaar (het eerste deel) is het bekendst onder de respondenten. BKK, die de boeken beschikbaar stelde, concludeert dat het Pedagogisch kader niet zo veel wordt gebruikt als ze zouden wensen.

Digitale editie

Pm’ers en gastouders hebben de wens dat het Pedagogisch kader digitaal wordt gemaakt, met een online zoek-database als handige toepassing. Ook willen ze er meer les in krijgen. 36 procent van de respondenten zijn gastouders, 28 procent werkt in een kinderdagverblijf en 10 procent werkt op de bso. De meeste respondenten zijn mbo-opgeleid en werken al langer dan zeven jaar in de kinderopvang.

Pedagogisch curriculum

In 2017 verscheen het Pedagogisch curriculum. Dit werk biedt de theoretische achtergrond bij de pedagogische doelen binnen de Wet IKK. Deze kan gebruikt worden bij het schrijven van de pedagogische beleidsplannen.

Uitgelicht congres

Openingscongres Week van het Jonge Kind

ReeHorst