VVE en taalachterstanden

Dit kan een pedagogisch coach in de VE bereiken

Het verbeteren van de educatieve kwaliteit in de voorschoolse educatie. Dat is volgens Heleen Versteegen van bureau Sardes de belangrijkste rol van de pedagogisch beleidsmedewerker/coach. ‘Kinderen kunnen veel meer dan je denkt, ook ouders onderschatten kun kind nog weleens. Je mag best hoge verwachtingen laten zien.’

Subsidie voor aanvullend VE-aanbod in schoolvakanties

Met het sluiten van de kinderopvang van 15 maart tot 11 mei, kwam ook de voorschoolse educatie aan peuters stil te liggen. Om achterstand te voorkomen, stelt het kabinet 7 miljoen euro beschikbaar. Vanaf 15 juni kunnen VE-aanbieders een subsidieaanvraag indienen.

‘Peuters trekken het VVE-aanbod van 960 uur niet’

Pm’ers Gaby en Mariëlle zien dat de peuters die bij hun op de peuteropvang komen, nog niet toe zijn aan het verplichte voorschoolse educatie-aanbod van 960 uur. ‘We merken dat ze dat eigenlijk niet trekken.’ Heeft pedagoog Marieke Grijpink advies?

Utrechtse kinderopvang neemt VE over van Spelenderwijs

Vijf Utrechtse kinderopvangorganisaties nemen per 1 januari 2020 de voorschoolse educatie over van Spelenderwijs Utrecht. Kind & Co en Ludens lichten de samenwerking toe.
VVE en taalachterstanden

Blog Jolanda Rikers – Te late start

Vandaag las ik in ons regionaal dagblad dat het mooie project startklas voor peuters gaat starten. Ik had al eerder van het project gehoord. Kleuters die het nodig hebben, worden in kleinere klassen begeleid, dicht bij de wijk waar ze wonen.

Thema: Slapen

Slaap lekker is een bekend VVE-thema waarbij alle ontwikkelingsgebieden aan de orde kunnen komen.

Zestien uur is niet makkelijk

De onderwijsachterstandsgelden worden vanaf 2019 op een andere manier over gemeenten verdeeld. Daarnaast moet het aanbod voor peuters uitgebreid worden van tien naar zestien uur. Dat is geen eenvoudige opgave. Niet voor kleine, maar ook niet voor grote gemeenten. Daar komt bij dat de harmonisatie niet altijd heeft bijgedragen aan een groter bereik van de doelgroep.

Asschergelden bevroren op 30 miljoen euro

De Asschergelden worden niet verder verhoogd tot 60 miljoen euro in 2021, maar blijven op maximaal 30 miljoen euro steken. Er blijken veel minder peuters onder de regeling te vallen dan van te voren verwacht.
Taal

‘Moeten we taalfoutjes van peuters corrigeren?’

Samantha en haar collega's zijn op allerlei manieren bezig met de taalstimulering van hun peuters. Tijdens een teamoverleg over het direct of indirect verbeteren van taal van peuters. Moet je kinderen corrigeren of werkt dat niet?

Achterstandsgeld gelijkmatiger over gemeenten verdeeld

Minister Arie Slob van Onderwijs heeft gekozen. Vanaf 2019 wordt het onderwijsachterstandsgeld anders over gemeenten en scholen verdeeld. Doordat er extra geld beschikbaar is, gaan veruit de meeste gemeenten erop vooruit. Maar dat geldt niet voor alle gemeenten.

Over vve en taalachterstanden

Taalachterstanden zo vroeg mogelijk voorkomen

Voor peuters met een taalachterstand is er vroeg- en voorschoolse educatie, ook kinderen zonder achterstand komen op de kinderopvang en de peuterspeelzaal met deze educatieve programma’s in aanraking. Pedagogisch medewerkers leren om peuters al op jonge leeftijd spelenderwijs en themagericht taal bij te brengen en meteen andere ontwikkelingsgebieden aan te spreken. Gemeenten krijgen subsidie om achterstanden aan te pakken. Hier gaat veel geld in om en er is nogal eens kritiek over de efficiëntie van de huidige VVE-methodieken. In dit dossier leest u meer over deze discussie en andere VVE-gerelateerde onderwerpen.

Lees meer

Bij een onderwijsachterstand presteert een kind met bepaalde omgevingskenmerken minder goed in het onderwijs in vergelijking met een kind met eenzelfde leerpotentieel, maar zonder die kenmerken. Het onderwijsachterstandenbeleid is gericht op het verminderen en voorkomen van onderwijsachterstanden. Binnen dit beleid krijgen peuters met een risico op een onderwijsachterstand door middel van voor- en vroegschoolse educatie spelenderwijs een stimulerend en taalrijk aanbod waarmee hun ontwikkeling op het gebied van taal, rekenen, motoriek, en op sociaal-emotioneel vlak op gestructureerde en samenhangende wijze wordt gestimuleerd. Het is de bedoeling dat deze deze kinderen een betere start op de basisschool (groep 3) maken en een toekomstige onderwijsachterstand mogelijk worden voorkomen of verminderd.

Randvoorwaarden
Voorschoolse educatie wordt aangeboden in VVE-groepen op kinderopvanglocaties of peuterspeelzaallocaties en is gericht op peuters tussen 2 en 4 jaar. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van het beleid ten aanzien van VVE. De randvoorwaarden voor de kwaliteit van VVE zijn geregeld in het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. De werking van dat Besluit is naar aanleiding van de cohortstudie pre-COOL geëvalueerd. Het is het eerste Nederlandse onderzoek waarin gebruik is gemaakt van een begintest en waarin peuters tussen 2 en bijna 6 jaar zijn gevolgd in hun ontwikkeling, vanaf het moment dat zij naar een voorschoolse voorziening gaan, tot op de basisschool.

Pre-COOL
Uit het pre-COOL onderzoek blijkt dat VVE eraan bijdraagt dat peuters uit de doelgroep hun achterstand grotendeels inlopen. Het onderzoek laat zien dat deelname aan VVE kan compenseren voor onvoldoende stimulatie in de thuisomgeving. Daarbij toont het onderzoek aan dat een hoge educatieve kwaliteit van de voorschoolse voorziening van belang is voor de ontwikkeling van de aandachtfunctie die een belangrijke voorspeller is voor latere schoolse vaardigheden. Ook uit internationaal onderzoek blijkt dat een hogere, met name educatieve, kwaliteit van voorschoolse voorzieningen leidt tot een betere sociale ontwikkeling, tot een grotere mate van zelfregulatie en tot beter ontwikkelde cognitieve vaardigheden.

Discussie over effectiviteit
Er is in Nederland veel discussie over de effectiviteit van VVE. Zo bleek uit een inventariserend onderzoek van hoogleraar Ruben Fukkink in 2015 dat VVE niet effectief is. Later liet hij in een eigen onderzoek zien dat VVE in combinatie met VIB wel effect sorteert. De overheid blijft onverminderd inzetten op een achterstandenbeleid met gebruikmaking van VVE. Wel worden de VVE-gelden de komende jaren op een andere manier verdeeld. De kleinere gemeentes krijgen meer en de grote gemeentes minder. Dit heeft tot veel protest van grote gemeenten geleid omdat zij inmiddels een infrastructuur hebben opgebouwd van voorscholen en VVE-klassen. Bezuinigigen betekent een gedeeltelijke afbraak van die voorzieningen.

Educatieve kwaliteit
Uit peilingen met betrekking tot de kwaliteit op Nederlandse kinderdagverblijven en peuterspeelzalen blijkt dat de pedagogische kwaliteit goed is, maar dat de educatieve kwaliteit verbetering behoeft. Zo scoorde ruim driekwart van de pedagogisch medewerkers (werkzaam op een kinderdagverblijf) een onvoldoende voor ontwikkelingsstimulering en begeleiding van interacties tussen kinderen. En ook op peuterspeelzalen waren deze educatieve vaardigheden gemiddeld genomen matig tot onvoldoende aanwezig. Ook uit een andere studie blijkt dat Nederlandse pedagogisch medewerkers wel goed in staat zijn om emotionele en gedragsondersteuning te bieden, maar moeite hebben met de educatieve ondersteuning van kinderen. Om de effecten van VVE te verhogen, zijn enkele maatregelen nodig.

Aanpassingen Besluit
De aanpassingen van het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie zetten in op verhoging van de kennis en vaardigheden van de beroepskracht VVE, een betere kwaliteitszorg op VVE-locaties en indirect op verbetering van het toezicht. Zo moet het taalniveau van pedagogisch medewerkers omhoog. Pm’ers die in VVE-groepen werken, moeten naar niveau 3F op de onderdelen Mondelinge Taalvaardigheid en Lezen.

Innovatiecentra VVE
Onderzoek speelt een rol in het zoeken naar factoren die de kwaliteit en effectiviteit van VVE verbeteren. Vanaf het schooljaar 2017/2018 wordt via innovatiecentra onderzoek gedaan naar (potentieel) succesvolle VVE-interventies in de praktijk. Uitbreiding van het aantal uren VVE wordt bijvoorbeeld gezien als een manier om de effectiviteit van VVE te vergroten. Maar deze maatregel is kostbaar en de effectiviteit ervan hangt naar verwachting mede af van de kwaliteit van het aanbod. Binnen de innovatiecentra kan onderzocht worden in hoeverre, op welke manieren en in welke omstandigheden het aantal uren VVE van invloed is op de effectiviteit ervan. Deze innovatiecentra spelen ook een rol bij het delen van wetenschappelijke kennis en goede voorbeelden, zo is te lezen in de toelichting op het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie.

Uitgelicht congres

Jaarcongres Management Kinderopvang 2021