Kinderen die slaan, schoppen of spullen kapotmaken. Maar ook kinderen die stilletjes aan de rand van de groep verdwijnen. Steeds vaker lijken pedagogisch professionals te maken te krijgen met kinderen die extra ondersteuning nodig hebben. Lector Pedagogiek en bijzonder hoogleraar Ruben Fukkink ziet één oplossing steeds belangrijker worden: samenwerken. Met onderwijs, jeugdhulp én met elkaar.
Stel je voor, een peuter zit midden in een flinke woedeaanval. Je hurkt bij hem neer en probeert rustig te praten. Toch lijkt dit alleen maar averechts te werken. Hij wordt nog bozer en plotseling krijg je een harde mep vol in je gezicht. Wat zou jij doen?
De zorgen om jonge kinderen nemen toe. Niet omdat kinderen fundamenteel veranderd zijn, maar omdat de context waarin zij opgroeien én de systemen die hen moeten ondersteunen onder druk staan. Dat was de centrale boodschap tijdens de jaarlijkse bijeenkomst van het Landelijk Overleg Peuteropvang (LOP). Deze stond dit jaar in het teken van de toenemende zorgvragen bij peuters.
Wanneer we denken aan stress bij kinderen, denken we vaak aan huilen, terugtrekken of zichtbaar overprikkeld raken. Maar bij hyperarousal bevindt het zenuwstelsel zich voortdurend in een verhoogde staat van paraatheid. Het lichaam staat als het ware continu klaar om te reageren. Tricky: veel mensen hebben het niet door.
Nederland is een super diverse samenleving. Toch behandelen we kinderen soms alsof iedereen hetzelfde is. Volgens Jochen Devlieghere, professor gezinspedagogiek, is dat niet goed: ‘In die krampachtige drang om iedereen hetzelfde te benaderen, ontkennen we soms dat diversiteit bestaat.’
De techniekkamer is nieuw op onze bso. Ik ben blij, ook voor whizzkid David, die hier nu een nieuwe uitdaging heeft: van de oude mobieltjes die hij uit elkaar haalt, wil hij er zelf een bouwen. Twee vrolijke meiden uit groep acht, een tweeling, zijn ook dol op de techniekkamer. Is het de nieuwe uitdaging of is het om David?
Misschien zie je dit regelmatig op de bso: kinderen die vaak alleen in een hoekje met LEGO spelen of in hun eentje gaan knutselen. Waarom doen ze dit? Moet je hier iets mee? En zo ja: wat kun je doen om samenspelen te stimuleren?
In het keukentje speel je vader en moedertje en in de bouwhoek stapel je blokken. Maar wat als een kind op het keukentje klimt of met de blokken gaat gooien? Dat wil je als professional snel corrigeren. Toch zou je hier eens met een andere bril naar moeten kijken.
Als je langer in de kinderopvang werkt, zijn er zoveel kinderen ‘door je handen' gegaan. Elk kind met een eigen verhaal. Van sommige kinderen blijft het verhaal nog lang in je hoofd hangen. Misschien vraag je je af: wat zou er van dit kind geworden zijn? Hebben we het wel goed gedaan? In dit nummer: het verhaal van Julio (niet de echte naam).