Beroepskracht-kindratio (bkr)

Bso’s zien nieuwe ratio van 1:12 helemaal niet zitten

In de luwte van de discussie over de nieuwe beroepskracht-kindratio voor baby’s, bereiden bso’s zich ook voor op een bkr-wijziging. Vanaf 1 januari 2019 mogen bso’s 12 7+’ers per pedagogisch medewerker opvangen, in plaats van 10. Maar veel bso’s zien dit, om allerlei redenen, helemaal niet zitten.
Wet IKK

Veranderingen door Wet IKK nu in één overzicht

Hoe zit het nu precies met de aankomende maatregelen uit de Wet IKK? Wat moet mijn leidinggevende regelen en waar kan ik zelf achteraan? Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft alle veranderingen per 2019 en vanaf 2025 overzichtelijk gebundeld.

‘Nieuwe bkr voor baby’s biedt alleen schijnveiligheid’

Ine van Liempd, psycholoog en promovendus aan de Universiteit van Utrecht, mist de fundamentele vraag die aan de invoering van IKK-regels vooraf hoorde te gaan: Hoe bieden we onze jonge kinderen de beste kwaliteit kinderopvang?
Wet IKK

‘Lage- en middeninkomens betalen straks 900-2000 euro meer’

Brancheorganisatie Kinderopvang maakt zich grote zorgen over de betaalbaarheid van kinderopvang in 2019. ‘De hete aardappel wordt door het kabinet doorgeschoven naar de kinderopvangsector en komt op het bord van de ouders terecht.’

Column – Impasse over de bkr

Het actuele onderwerp in de kinderopvang is de nieuwe beroepskracht-kindratio op de babygroep. Maar is dit haalbaar in de praktijk? Peter van Zijl zoekt creatieve oplossingen.

‘Ouders dupe van dure regels babyopvang’

Felix Rottenberg, voorzitter van de Brancheorganisatie Kinderopvang voorziet desastreuze gevolgen: hogere kosten voor ouders, faillissementen onder kleine organisaties, locatiesluitingen en daardoor minder opvangbeschikbaarheid en langere wachtlijsten.

Van Ark verhoogt maximum uurtarief niet verder

Uit een verschillenanalyse van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt volgens de staatssecretaris dat SEO een realistisch kosteneffect heeft geschetst van de nieuwe bkr-regel in de kinderopvang.

‘Dit is gewoon een regelrechte bezuiniging’

In de luwte van de discussie over de nieuwe beroepskracht-kindratio voor baby’s, bereiden bso’s zich ook voor op een bkr-wijziging. Vanaf 1 januari 2019 mogen bso’s twaalf 7+’ers per pedagogisch medewerker opvangen, in plaats van tien. Maar veel bso’s zien dit, om allerlei redenen, helemaal niet zitten.

Serie IKK in de praktijk – Een onmogelijke puzzel

De wet IKK belooft op papier kwaliteitsverbetering, maar de praktijk is weerbarstig. In deze serie volgen we Ramona Overmars, eigenaresse van kinderopvangorganisatie High Five! in Almelo. Deel 2: Een onmogelijke puzzel.

Goed puzzelen kan straks geld besparen

Er wordt druk gepuzzeld in de kinderopvang. Met de nieuwe beroepskracht-kindratio kan de komst van één nieuwe baby de planning volledig overhoop gooien. Wat is de ideale groepsindeling? Tony Weggemans van adviesbureau Ayit Consultancy zet verschillende groepsindelingen tegenover elkaar.

Over beroepskracht-kindratio (bkr)

Nieuwe bkr voor baby's en bso

De beroepskracht-kindratio (BKR), ook wel leidster-kindratio genoemd, is een veelbesproken onderwerp in de branche. Per leeftijdscategorie gelden er andere eisen voor het aantal kinderen dat één beroepskracht mag opvangen. In de babygroepen en op de bso-groepen voor de oudere kinderen gaat dit per 2019 veranderen.

Lees meer

Met de nieuwe wet- en regelgeving binnen de Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang komen er ingrijpende veranderingen in de bkr. Voor baby’s mogen er vanaf  januari 2019 nog maar 3 baby’s tot 1 jaar per pm’er opgevangen worden. Voor de toezichthouder is een overtreding van de ratio vaak reden tot het geven van een slechte beoordeling of in ieder geval een waarschuwing. Voor de personeelsplanning en –inzet zijn de BKR-eisen leidend en het is vaak een hele puzzel om aan alle eisen te voldoen. Het ministerie heeft daarom een rekentool ontwikkeld om hulp te bieden bij het maken van de berekeningen.

Horizontale groepen

Duidelijk is dat de bkr-regels voor verticale groepen gunstiger uit lijken te pakken dan voor horizontale groepen. Op een horizontale groep mag een pm’er drie baby’s onder haar hoede hebben. In de leeftijdsgroep 1-2 jaar mag één pm’er vijf kinderen opvangen. In de verticale groep bestaat geen aparte ratio voor 0-1 jaar, alleen voor 0-2 jaar. Daar mag één pm’er vier kinderen van 0-2 jaar onder zich hebben. Pedagogen die voorstander zijn van horizontale groepen, vinden het jammer dat het realiseren van horizontale babygroepen met de nieuwe wetgeving een stuk lastiger wordt. Velen zijn bang dat de aparte babygroepen zullen gaan verdwijnen.

Groepsgrootte

Behalve de bkr speelt ook de groepsgrootte een rol. Babygroepen van 0-2 jaar mogen maximaal 16 kinderen tellen. Het aantal pedagogisch medewerkers is dan vier. In volledig verticale groepen van 0-4 jaar gelden specifieke eisen voor het maximum aantal kinderen van een bepaalde leeftijdscategorie. Zo mogen op een verticale groep van 0-4 jaar waar 14 kinderen worden opgevangen, maximaal 8 kinderen jonger zijn dan één jaar. Peuterspeelzalen hanteren na 2018 dezelfde rekenmodellen als de dagopvang, met als verschil dat de ratio voor baby’s voor hen niet relevant is.

Vaste gezichten

Een andere belangrijke aanpassing is het vaste gezichtencriterium. Voor alle kinderen is een vertrouwde beroepskracht op de groep van belang, maar voor baby’s weegt dit belang extra zwaar. Uit onderzoek blijkt: hoe vertrouwder de volwassene, hoe beter de stressreductie. Voor baby’s gaat na 2018 gelden dat ze twee vaste gezichten toegewezen moeten krijgen en één van deze gezichten moet op de dagen dat de baby op de groep is aanwezig zijn. Als de groep zo groot is, dat er drie pm’ers op staan, mogen dit maximaal drie vaste gezichten zijn.

Maximaal twee groepen

Als de dagen per week variëren omdat ouders een flexibel pakket afnemen, hoeven kinderopvangorganisaties niet aan dit vaste gezichtencriterium te voldoen. Nieuw is dat kinderopvangorganisaties straks verplicht zijn om ouders en kind te informeren over de groep waar het kind naartoe gaat en welke pm’ers er die dag op de groep staan. Een kind mag op de dagopvang gebruikmaken van maximaal twee groepsruimtes.  In de peuterspeelzaal was dit maximaal één ruimte, maar dit gaat veranderen naar twee. Overigens valt spelen in een andere ruimte vanwege een speciale activiteit niet onder deze regel.