Taal

Taal
diversiteit

Groen licht voor meertalige kinderopvang

Meertalige kinderopvang heeft geen negatief effect op het Nederlands van de kinderen. Dat is de belangrijkste conclusie uit het net verschenen rapport ‘Meertaligheid in de kinderopvang’, uitgevoerd door de Universiteit van Amsterdam, in opdracht van het ministerie van SZW. De praktijkervaringen zijn heel positief en het sein staat nu op groen voor aangepaste wetgeving.
Taal
Er is in totaal 15 miljoen euro beschikbaar om de interactievaardigheden van pedagogisch medewerkers en hun taalniveau te verbeteren.

Begin 2016 tweede termijn taal- en interactietrainingen

De eerste aanvraagtermijn voor taal- en interactievaardigheden in de kinderopvang heeft 594 aanvragen vanuit de kinderopvangbranche opgeleverd. Een tweede aanvraagtermijn start begin 2016.
Taal
Het is langer mogelijk om subsidie voor de taal- en interactietraining aan te vragen. Dit kan tot 30 april.

Subsidieaanvraag taal- en interactietrainingen verlengd

Het is langer mogelijk om subsidie aan te vragen voor taal- en interactietrainingen. Dit is het voornemen van het ministerie van Sociale Zaken. Het Agentschap SZW heeft de uiterlijke aanvraagdatum ingesteld op 30 april.
Taal
BKK-bestuur wil vijf taal- en interactietrainingen

BKK-bestuur wil vijf taal- en interactietrainingen

Twee van de vijf interactietrainingen voor de kinderopvang werden goed genoeg bevonden om deel uit te maken van de subsidieregeling Taal- en interactievaardigheden. Drie vielen af. BKK heeft de minister geadviseerd om uiteindelijk toch vijf trainingen voor de subsidieregeling in aanmerking te laten komen.
Taal
BKK-bestuur wil positie wetenschap versterken

BKK-bestuur wil positie wetenschap versterken

Het BKK-bestuur wil de positie van wetenschappers binnen de organisatie versterken. Onlangs traden wetenschappers uit de adviesraad vanwege een conflict, maar twee van hen keerden weer terug. Het BKK-bestuur stelt voor om in de toekomst met twee aparte adviesraden te gaan werken: één die bestaat uit wetenschappers en de ander die bestaat uit vertegenwoordigers uit de kinderopvangbranche.

Over taal

Taaleisen voor pedagogisch professionals

Om kinderen met een taalachterstand goed te kunnen ondersteunen, is het heel belangrijk dat je als pedagogisch medewerker, zeker op VVE-groepen, de taal zelf goed machtig bent. Grote gemeenten hebben de afgelopen jaren subsidie gekregen om het taalniveau van pm’ers op te krikken. Nu zijn de kleinere gemeenten aan de beurt.

Lees meer

Om VVE goed toe te kunnen passen is een goede beheersing van de Nederlandse taal door pm’ers belangrijk. Daarmee kunnen ze een stimulerende en verrijkende taalomgeving voor kinderen creëren. Het beschikken over een hoog taalniveau is van groot belang voor de ontwikkeling van het kind én van de pedagogisch medewerker zelf. Voor kinderen die thuis weinig of zwak Nederlands horen en spreken, of alleen buitenshuis Nederlands horen is het van groot belang dat het taalaanbod in voorschoolse instellingen van een hoog niveau is.Van een pedagogisch medewerker die het Nederlands goed beheerst, leren kinderen een grote basiswoordenschat en zinsconstructies. Ook voor de contacten met ouders is een goede taalbeheersing belangrijk.

In lijn met een motie van de Tweede Kamer wordt wettelijk verplicht gesteld dat pedagogisch medewerkers in VVE-locaties voldoen aan het taalniveau 3F. De volgende taalnormen voor pedagogisch medewerkers in de VVE worden verplicht gesteld: Taalniveau 3F voor mondelinge vaardigheden (luisteren, spreken en gesprekken voeren) en taalniveau 3F voor leesvaardigheden (lezen en interpreteren van teksten).

In 2017 en 2018 krijgen kleinere gemeenten in Nederland extra financiële middelen (4,7 miljoen per jaar) om pm’ers van gesubsidieerde VVE- locaties bij te scholen. Ook zij moeten dan vanaf augustus 2019, net als hun collega’s in grotere gemeenten, voldoen aan de taaleis 3F op de onderdelen lezen en mondelinge vaardigheden. Dit taalniveau wordt momenteel al nagestreefd voor alle pedagogisch medewerkers in de VVE van de G37 en 86 (middel)grote gemeenten (aangeduid als G86).

Wet IKK

Met de Wet IKK moeten alle pedagogisch medewerkers (dus ook buiten de VVE-locaties) het niveau 3F voor spreekvaardigheid halen. Voor de invoering wordt een ruime ingroeiperiode gehanteerd.

Beroepsopleidingen anticiperen al op deze taaleis. Studenten van de mbo 4-opleiding voldoen aan de 3Ftaaleis. Studenten die op niveau 3 afstuderen kunnen vanaf het studiejaar 2018-2019 uitstromen op taalniveau 3F (indien zij dit keuzedeel hebben gekozen).

Taal- en interactievaardigheden

Minister Asscher zet al langer in op het verhogen van de (taal)vaardigheden van pedagogisch medewerkers. In december 2014 is de tijdelijke subsidieregeling ‘Taal- en interactievaardigheden kinderopvang’ van start gegaan, een meerjarig trainingstraject voor het bevorderen van de taal- en interactievaardigheden van pm’ers. Daaruit zijn twee trainingen goedgekeurd: Oog voor Interactie (NJi) en Tink (Sardes). De regeling, die wordt uitgevoerd door het Agentschap SZW, loopt tot eind 2018. Stichting BKK is verantwoordelijk voor de monitoring van de uitvoeringspraktijk.

Stichting BKK heeft het tweede tussentijds verslag van de subsidieregeling Taal- en interactievaardigheden kinderopvang naar het ministerie van SZW gestuurd. Inmiddels hebben bijna 8.000 pedagogisch medewerkers en meer dan 700 interne trainers de training gevolgd. In de tweede tranche van deze subsidieregeling vielen ook medewerkers van peuterspeelzalen en vve geschoolde professionals onder de regeling.