Sector heeft werk gemaakt van open aanspreekcultuur’

Opnieuw wordt bekeken hoe de kinderopvangsector ervoor staat na de aanbevelingen van de commissie Gunning in 2011. Staatssecretaris Tamara van Ark toont aan dat de sector het afgelopen jaar veel stappen heeft gezet, met name met het personenregister en met het agenderen van de open aanspreekcultuur.

De kinderopvang moest veiliger en van een betere kwaliteit, concludeerde de commissie Gunning die was ingesteld kort na de Amsterdamse zedenzaak. Eind 2016 verscheen een rapport van PricewaterhouseCoopers. Zij bekeek wat de sector met de aanbevelingen gedaan had en concludeerde toen dat de kinderopvang sinds 2011 inderdaad veiliger en van betere kwaliteit geworden was.

Belofte Asscher

Toenmalig minister van Sociale Zaken Lodewijk Asscher beloofde om in het voorjaar van 2018 nog eens te kijken naar de stand van zaken. Dat doet staatssecretaris van SZW Tamara van Ark nu in een brief aan de Tweede Kamer. Ze gaat hierin stap voor stap de aanbevelingen van de commissie Gunning na en geeft aan wat er de afgelopen anderhalf jaar gebeurd is in de kinderopvang.

Cultuuromslag

Over het algemeen vindt Van Ark dat de sector de aan hen gerichte aanbevelingen ter harte heeft genomen. ‘Zij hebben zich hard gemaakt om concrete verbeterstappen te zetten’, aldus Van Ark. PricewaterhouseCoopers gaf eind 2016 aan dat alle betrokken partijen het meeste waarde hechten aan een open aanspreekcultuur om de veiligheid in de kinderopvang te vergroten. Toen werd aangegeven dat dit niet op korte termijn te realiseren is omdat hiervoor een echte cultuuromslag nodig is. Van Ark vindt dat de sector dit onderwerp het afgelopen jaar wel degelijk op de agenda heeft gezet.

Oprichting PPINK

Zij noemt onder andere het cao-akkoord waarin aandacht is voor scholing op het terrein van ethiek. Ook noemt ze de komst van beroepsvereniging PPINK. ‘Dit wordt binnen de sector gezien als een belangrijke stap in verdere professionalisering. Het draagt bij aan een groeiende zelfverzekerdheid en zelfbewustheid van pedagogisch medewerkers.’ Het vormt daarbij indirect een stimulans voor een open aanspreekcultuur. Verder noemt de staatssecretaris de komst van pedagogische coaches in 2019 en de mentoren die nu al verplicht zijn ingevoerd. Beroepskrachten en ouders hebben zo aanspreekpunten voor het geven van feedback. Los van deze initiatieven roept Van Ark de sector op om te blijven investeren in een aanspreekcultuur, ‘gezien het belang ervan voor de kwaliteit en veiligheid’.

Personenregister kinderopvang

Een direct gevolg van de aanbevelingen van de commissie Gunning is de invoering van de continue screening en nu het personenregister kinderopvang. Tamara van Ark noemt de uitvoering van het personenregister door DUO tot nu toe succesvol. Ze vindt dat de inschrijvingen voorspoedig lopen. Tegelijk met de evaluatie van de aanbevelingen van Gunning, stuurt de staatssecretaris een factsheet mee over het aantal meldingen en de aard ervan aan het adres van vertrouwensinspecteurs. Bij deze persoon kunnen beroepskrachten terecht als zij geweld of misbruik vermoeden in de thuissituatie van een kind of twijfelen aan een collega.

Meldcode kindermishandeling

In de brief gaat Van Ark vrij uitgebreid in op wat er op het gebied van de aanpak van kindermishandeling gaat gebeuren. In de toepassing van de meldcode kindermishandeling is veel winst te halen, schrijft Van Ark. Maar net als in andere sectoren is er ook voor de kinderopvang een eigen afwegingskader opgesteld. Deze wordt vanaf 1 januari 2019 verplicht. Verder verwacht zij stappen met de lancering van het landelijke programma ‘geweld hoort nergens thuis’. Zij noemt de beweging tegen kindermishandeling. Eén van de concrete uitwerkingen is dat er in alle 26 Veilig Thuis-regio’s de komende tijd driehoeken worden gevormd bestaande uit vertegenwoordigers van de kinderopvang, het onderwijs en Veilig Thuis.

Toezicht kindaantallen

Een ander belangrijk onderwerp in de brief is het toezicht. Van Ark noemt de wens van GGD’en en gemeenten om de eisen aan de administratie van de kindaantallen en pm’ers aan te scherpen. Zo kunnen zij nog sneller zien of de beroepskracht-kindratio op groepen klopt. Van Ark zegt dit onderwerp alsnog binnenkort op te gaan pakken omdat zij het belang ervan onderschrijft en zij uitstel niet gewenst vindt. Verder haalt ze stappen aan die er zijn gezet om het toezicht te verbeteren.

Herstelaanbod

Om te beginnen noemt ze de regel Streng aan de Poort die in 2017 is ingevoerd. Deze regel houdt in dat GGD’en en gemeenten voorafgaand aan een registratie toetsen of nieuwe kinderopvangorganisaties voldoen aan alle kwaliteitseisen. Momenteel wordt de invoering van deze regel gemonitord en vindt een effectmeting plaats. Wellicht komt hieruit dat de regel verder ontwikkeld moet worden. Verder wordt er gewerkt aan een herstelaanbod. Dit houdt in dat kinderopvangorganisaties de mogelijkheid krijgen om een tekortkoming binnen een door de toezichthouders gestelde termijn te herstellen. Deze mogelijkheid wordt in 2019 landelijk geïmplementeerd. Tot slot zijn GGD GHOR Nederland en VNG aan het verkennen of zij informatie over specifieke kinderopvangorganisaties kunnen delen. Daarmee moet voorkomen worden dat ondernemers die slecht hebben gepresteerd zomaar in een andere gemeente opnieuw kunnen beginnen.

Positie ouders

Naast het toezicht en het signaleren van kindermishandeling, noemt Van Ark de verbeterde positie van ouders. Met de invoering van in-één-oogopslag kunnen ouders gemakkelijker de kwaliteit van een opvanglocatie beoordelen en vergelijken met die van een andere locatie. De bedoeling is dat dit instrument nog doorontwikkeld wordt.

Lees hier de brief van staatssecretaris Tamara van Ark


Wat was er eind 2016 gedaan met de aanbevelingen van de commissie Gunning? PricewaterhouseCoopers (PwC) bracht begin 2017 een aanvullende analyse uit. Bekijk hier de resultaten


 

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.