Estro: Pedagogische kwaliteit nooit in het geding geweest

Estro

Vijf vestigingen van kinderopvangorganisatie Estro moeten uit het Landelijk Register Kinderopvang worden geschrapt wat de Amsterdamse GGD betreft. Dat de gemeente Amsterdam dit advies niet opvolgt, is opvallend voor een gemeente die de kwaliteit van kinderopvangorganisaties sinds de zedenzaak onder een vergrootglas legt. Estro daarentegen zegt pal te blijven staan voor de kwaliteit tot nu toe en in de toekomst.

‘De pedagogische kwaliteit op de groepen van Estro en de veiligheid van onze kinderen is nooit in het geding geweest.’ Met die boodschap reageert Estro-woordvoerder Monique Schumans op de gebreken die door de GGD-inspectie zijn geconstateerd.

Abvakabo kreeg 158 meldingen
De kritiek op de grootste kinderopvangorganisatie van Nederland werd zaterdag bevestigd door de Abvakabo en BOinK in het radio-programma Argos en het tv-programma Nieuwsuur. Zij maken zich zorgen over de kwaliteit en een nieuwe deuk in het imago van de kinderopvang. Abvakabo spreekt van 158 meldingen van pedagogisch medewerkers in twee maanden tijd. Estro wilde in het item niet voor de camera reageren.

Schriftelijk antwoord
De kinderopvangorganisatie gaf wel schriftelijk antwoord op vragen, en ook op Kinderopvangtotaal.nl wil Estro haar kant van het verhaal vertellen. Een verhaal waarin niet alles vlekkeloos verloopt. Want administratieve fouten zijn er gemaakt, geeft Schumans toe. Dat is in 2012, en zeker in Amsterdam, niet handig omdat de kinderopvanginspectie millimeterwerk geworden is.

Administratieve fouten
Schumans ontkent dat er sprake is geweest van een slechte pedagogische kwaliteit. ‘De verkeerde ratio en de inzet van stagiaires is meestal te herleiden tot administratieve fouten. Omdat een collega bijvoorbeeld ziek uitviel, viel de locatiemanager voor haar in. Maar dit was niet aangegeven op het rooster. Gevolg: een verkeerde ratio. Ik zeg niet dat we geen fouten gemaakt hebben, dat is absoluut gebeurd. Maar we hebben ervan geleerd en het is aangepakt en opgelost.’

Maar de pedagogische kwaliteit komt toch in het geding als je gaat schuiven met kinderen naar andere groepen?
‘Als we op rustige dagen één jongetje van 3 jaar hebben en voor de rest alleen maar baby’s, is het onze pedagogische keuze om hem te laten spelen met leeftijdsgenootjes op een andere groep. De GGD geeft hierover een oordeel, maar voor ons is relevanter: wat vinden de ouders ervan? Stel dat een inspecteur concludeert dat het verplaatsen van de peuter fout is, dan ben ik benieuwd wat de oudercommissie daarvan vindt. De GGD-inspecteur is niet altijd pedagoog en de ouder meestal niet, maar het zou de inspectie op een hoger niveau brengen als ouders hierin ook worden gehoord.’

In de beantwoording van de vragen zeggen jullie dat overtredingen zijn aangepakt. Hoe weten we dat dat daadwerkelijk is gebeurd?
‘De GGD voert nu herinspecties uit en de eerste geluiden zijn positief. Het aanpakken van overtredingen kost in de meeste gevallen niet veel werk. We werken aan een verbeterslag als het gaat om documenteren. Dat was niet goed en dat erkennen we ook.’

Waarom wilden jullie eigenlijk niet voor de camera verschijnen bij Nieuwsuur?
‘Omdat de toon van de reportage suggestief was. We hoorden van stakeholders die waren benaderd, dat ze in een bepaalde hoek werden gedrukt. We besloten niet aan deze hetze mee te werken. Ondertussen hebben we met onze eigen contactpersonen van BOinK en de Abvakabo goed contact, bijvoorbeeld over de klachten die zijn binnengekomen. Deze klachten zijn nooit eerder met ons gedeeld en dat bevreemdt ons.’

In de media wordt een verband gelegd met jullie financiële instabiele situatie. De discussie over de marktwerking in de kinderopvang laait weer op.
‘Ik kan hier heel kort in zijn: de politiek heeft het vanaf 2005 mogelijk gemaakt dat de marktwerking in de kinderopvang een optie werd. Sterker nog, ze hebben samenwerking met investeerders gestimuleerd. Marktwerking in de kinderopvang is geen keuze geweest van Estro, maar van de politiek.’

Hoogleraar Corporate Finance Jaap Koelewijn zegt dat Estro niet een lang bestaansrecht heeft. Jullie beweren dat dit onzin is. Wij hebben geen inzicht in jullie financiële situatie. Wie moeten we geloven?
‘Net als veel andere kinderopvangorganisaties merken we dat de markt verandert. Waar we deze week in Den Bosch een locatie openden, moeten we op andere plekken locaties sluiten.
Wij passen ons aan aan de veranderende marktomstandigheden. We hebben niet voor niets zelf de stap gezet om met onze investeerders in gesprek te gaan om over de toekomst te praten. Dat Estro een tikkende tijdbom is, is onzin. Operationeel is Estro een gezond bedrijf.’

Foto: Stock.xchng

6 REACTIES

  1. Ik ben het er niet mee eens dat het alleen pennenlikkerij is van de GGD. In onze kinderopvang voegen we, als de situatie daarom vraagt, ook groepen samen. Maar de ouders zijn hier allemaal van op de hoogte gesteld dat dit gebeurt op uren/dagdelen dat er minder kinderen op de groep zijn. Dit mag ook van de GGD omdat de kind-leidster ratio wel blijft kloppen, en omdat het in het beleid staat.
    Waar de GGD dus terecht op controleert, is of wat je pretendeert te doen, ook werkelijk doet! Hoe kunnen ouders anders op je vertrouwen??

  2. Lees alle reacties
  3. je moet doen wat je zegt dat je doet. Echter je kunt hierin doorslaan. Wanneer je dit geval in je pedagogische zou beschrijven, kun je het schalen onder de noemer: ”kindgericht individueel open deuren beleid”. Niemand die kan afkeuren. Echter vind je dit niet wat te vergaand? Ik denk dat bedoeld wordt met pennenlikkerij. Want laten we eerlijk zijn: wanneer de inspecteur iets gevonden denkt te hebben, wordt er meteen met het vermanende vingertje gewezen. Helaas zijn de inspecties doorgaans bureaucratisch & formeel (of het moet zijn dat dit per regio verschilt). Ik denk daarnaast dat ouders het juist prettig vinden dat hun driejarige gedurende de dag de kans krijgt om met leeftijdsgenootjes te spelen. In plaats dat het team strikt vasthoudt aan de planning. Het gaat toch om het welbevinden van het kind? Dit kun je vooraf aan ouders vertellen en desnoods geef je ze een belletje tussendoor. Dus waar gaat het nu om: professionele kwaliteit waarbij organisaties de ruimte krijgen om pedagogisch verantwoorde keuzes te maken? Of moeten we de GGD te vriend houden: met alle gevolgen van dien?

  4. Het moge duidelijk zijn ddat de GGD een inspecterend/controlerende rol heeft binnen de kinderopvang. Alleen denken sommige inspecteurs dat zij een regerende rol hebben en daar moeten zij eens van af stappen. Kinderopvang de naam zegt het al. het gaat om het welzijn van de kinderen en als daarbij hoort dat een kind op een bepaald moment in een andere groep verblijft om daar met leeftijdsgenootjes te kunnen spelen en leren dan is dat niet bedoeld ten koste van het kind maar ten goede van het kind. Laten we ophouden om op alle slakken zout te leggen. Zoals je begrijpt moorden we de hele kinderopvang op deze manier uit. Goede kinderopvang is ook gebasseerd op flexibiliteit. En onze ervaring is dat door goed te blijven communiceren met ouders dat deze flexibiliteit gewenst is en gewaardeerd wordt.

  5. Dat kinderen niet mogen worden opgevangen in een andere groep wordt niet bedacht door de GGD. Zij controleren gewoon de wet, waarin staat dat het niet mag. Natuurlijk zijn er wel eens situaties waarin je je afvraagt of het niet beter of leuker is voor een kind om in een andere groep opgevangen te worden, zoals in het voorbeeld van dat 3-jarige kindje in een groep vol baby’s. Maar het lijkt me dat de GGD zelf niet mag gaan bedenken waar zij toestaan of er van de wet mag worden afgeweken. Zij moeten immers objectief blijven. Doen zij dit niet, dan krijgen ze dáár weer gezeur over….en daarnaast: een organisatie kan er óók voor kiezen om zijn organisatie wat anders in te delen. Want waarom zou je één of enkele kinderen plaatsen in een groep die voornamelijk uit baby’s bestaat???

  6. L.S.
    Bekijk eerst de GGD-inspectierapporten (zowel individueel per locatie als de identieke GGDzienswijze bij alle locaties – nieuwsuur heeft de data bij elkaar staan) voor er in algemene termen gesproken wordt: het ligt genuanceerd. Duidelijk is echter wel dat het geen incident betreft en zeker niet over een toevallige wisseling van een losse peuter gaat. Kern van probleem is dat de gemeente amsterdam zich al twee jaar (sinds estro bestaat) zorgen maakt over de kwaliteit die Estro biedt. Dat komt niet door de leidsters of locatiemanagers maar volledig door de (inmiddels wettelijk verboden) financieringsstructuur van estro. De kwaliteit van de opvang komt hiermee wel degelijk in het geding en dat is uiteindelijk ook de reden voor de ‘heronderhandeling’ met banken en amerikaanse eigenaar: bij nog meer afroming van gelden valt het bedrijf om omdat op termijn de kwaliteit dan structureel onder het minimum komt (ipv incidenteel). Daar heeft op dit moment niemand baat bij.
    Estro kiest nu helaas en onhandig voor een sluiks tegenoffensief, maar het zou beter zijn (voor kind, leidster, ouder en het moederbedrijf) om nu direct water bij de wijn te doen en structurele hervormingen door te voeren. Imago wordt (of is inmiddels) belangrijker dan positie… Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald – niet in de laatste plaats met oog op je personeel en klanten

  7. Als Estro al een gezond bedrijf is (wat ik betwijfel) is dat in ieder geval zo over de ruggen van de belastingbetaler heen. Door een boekhoudkundige schuld te ‘maken’ hoeven ze namelijk veel minder belasting te betalen dan alle andeandere grote kinderopvang organisaties. Dat is speciaal zo bedacht en dus geen bijverschijnsel van de crisis. Volgens mij is dat graaien. Ik wou dat ik kon kiezen maar bij ons in de stad is vrijwel alles door Estro over genomen. schokkend!

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.