Een betere positie voor ouders

De positie van ouders wordt wettelijk sterker. Het adviesrecht op pedagogische kwaliteit wordt uitgebreid en er komt één klachtenloket met daarachter een geschillencommissie die bindende uitspraken doet. Een doorbraak volgens BOinK.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Ouders krijgen een steeds sterkere positie in de kinderopvang.
Ouders krijgen een steeds sterkere positie in de kinderopvang. - Foto: Nationale Beeldbank

Bijna vier jaar geleden kwam een sterkere positie voor ouders in de kinderopvang voor het eerst ter sprake. De Tweede Kamer schaarde zich toen unaniem achter een motie van D66. Van begin 2013 tot halverwege 2014 voerden ouderbelangenvereniging BOinK en de Brancheorganisatie Kinderopvang intensief overleg. Zij vonden elkaar snel in de verplichte aansluiting bij één geschillencommissie voor alle aanbieders van kinderopvang en peuterspeelzalen. Ook was er al snel overeenstemming over het adviesrecht op de prijs. Dit adviesrecht werkt niet goed genoeg en overschaduwt vaak het adviesrecht over de pedagogische kwaliteit. BOinK hamerde vooral op het belang van een verplichte oudercommissie voor alle organisaties. De Raad van State gaf in juli 2014 advies over het adviesrecht van ouders over de prijs. Het oordeel: ‘Prijs en kwaliteit kunnen naar het oordeel van de afdeling niet geheel los van elkaar worden gezien.’ En: ‘Het afschaffen van het adviesrecht op de prijs betekent dat de oudercommissie een (forse) prijsstijging niet meer aan een externe geschillencommissie kan voorleggen. In dat geval kan de oudercommissie alleen nog naar de burgerlijke rechter stappen.’ Na dit advies begonnen politici te twijfelen over de meerwaarde van het afschaffen van het adviesrecht op de prijs. Minister Asscher bleef achter de mening van BOinK en de Brancheorganisatie Kinderopvang staan dat adviesrecht over de prijs een goed adviesrecht over kwaliteit in de weg staat. De Kamer gaat niet met deze mening mee. De motie voor het behoud van het adviesrecht van ouders over de prijs is uiteindelijk door een Kamermeerderheid gesteund.

Smetjes

Het is één van de weinige smetjes op de wetswijziging, vinden managers in de kinderopvang. ‘Ik vind het jammer dat het adviesrecht over de prijs behouden is gebleven voor ouders’, zegt bijvoorbeeld Mirjam Brussée, manager beleid en kwaliteit van Kanteel Kinderopvang (Den Bosch). Zij merkt dat een gesprek over de inhoud soms niet meer mogelijk is als de focus al ligt op de prijs. ‘Dat kan tot rare situaties leiden omdat het een gesprek te snel op scherp zet.’ Margriet Leentjens, eigenaar van kinderopvang Het Woldkasteel in Steenwijkerwold en Tuk, heeft dergelijke gesprekken met ouders nog niet gehad. ‘Natuurlijk voer ik liever een goed gesprek over kwaliteit dan een gesprek over prijs.’ Leentjens voelt meer onzekerheid over vragen van ouders over kwaliteit. ‘Inspraak zonder inzicht kan leiden tot uitspraak zonder uitzicht. Adviezen kunnen goedbedoeld zijn, maar tegelijk ook pedagogisch onverantwoord. Wat dat betreft ben ik blij dat het bij een adviesrecht blijft.’ Daar kijkt Brussée dan juist met vertrouwen naar. ‘Bij Kanteel is het al heel gebruikelijk dat ouders advies geven over pedagogiek en mijn ervaring is dat ouders daar heel goede ideeën over hebben.’

Brede steun

Een verplichte oudercommissie voor alle organisaties kan op een brede steun rekenen. BOinK vreest wel voor de kwaliteit en transparantie van de alternatieve ouderraadpleging bij ongeveer een derde van de organisaties met minder dan 50 ouders of gastouders. De wet voorziet namelijk in een uitzonderingspositie voor deze organisaties. De grens van 50 is gebaseerd op de Wet op de ondernemingsraden. ‘Daar moeten wel heldere afspraken over worden gemaakt’, vindt Leentjens. ‘Want wanneer doe je echt je best? Is een oproepje op het prikbord genoeg? Of zou je nog iets meer kunnen doen?’ Kamerleden vroegen in een motie om voorbeelden van een alternatieve ouderraadpleging onder de aandacht te brengen van de kinderopvangsector. Deze motie werd aangenomen.

Niet eenvoudig

Brussée denkt dat het voor kleine peuterspeelzalen echt niet zo eenvoudig is om een oudercommissie te vormen als Jellesma van BOinK misschien denkt. ‘Ik heb zelf als clustermanager ook wel eens te maken gehad met een peuterspeelzaal (16 kinderen) waarbij we het niet voor elkaar kregen om een oudercommissie te vormen. De vijver waaruit je moet vissen, is simpelweg te klein. De doorstroom is groot omdat ouders korter bij je zijn. Dat maakt de ouderbetrokkenheid bij een kinderdagverblijf groter.’ De verplichte aansluiting van alle kinderopvangorganisaties, gastouderbureaus en peuterspeelzalen bij de Geschillencommissie Kinderopvang kan op goedkeuring rekenen. Brussée: ‘Dat is van toegevoegde waarde voor de kinderopvangbranche.’ Kanteel was zelf, net als Het Woldkasteel, al aangesloten bij een klachtencommissie. Leentjens: ‘Ik ben benieuwd of ouders nog wel steeds de juiste weg bewandelen en niet gelijk naar de geschillencommissie lopen. Dit zal, vooral in het begin, misschien wel veel werk opleveren voor de geschillencommissie. Ik neem aan dat ze zich dit ook realiseren en hier op voorbereid zijn.’

‘Is een oproepje op het prikbord genoeg?’

Sterkere positie ouders. Wat verandert er?

Ouders krijgen een uitbreiding van het adviesrecht over pedagogische kwaliteit.De verplichte oudercommissie voor kinderopvangorganisaties, gastouderbureaus blijft behouden.Peuterspeelzalen zijn nu ook verplicht een oudercommissie in te stellen.Wanneer het aantoonbaar niet lukt een oudercommissie in te stellen, dan mogen organisaties met minder dan 50 kinderen of gastouders de ouderraadpleging anders vormgeven.Er worden modellen ontwikkeld voor deze alternatieve ouderraadpleging.Alle organisaties sluiten zich aan bij één geschillencommissie.Alle organisaties moeten een klachtenregeling hebben en deze voorleggen aan ouders.Er moet altijd een verslag van een klacht en de oplossing worden gemaakt.Alle organisaties zijn verplicht om het jaarverslag onder de aandacht van ouders te brengen.Ouders behouden adviesrecht over de prijs.

Hoe werkt de nieuwe geschillencommissie?

Stel dat ouders een klacht hebben. Welk pad kunnen zij vanaf 1 juli 2015 bewandelen om hun klacht in te dienen?

Ouders moeten een klacht altijd schriftelijk indienen.De eigenaar/leidinggevende krijgt vier weken de tijd om op de klacht te reageren.Een ouder mag niet zonder schriftelijk bewijs van de ingediende klacht naar de geschillencommissie stappen.Reageert de eigenaar niet of komen de ouder en de eigenaar er samen niet uit, dan kan de geschillencommissie uitkomst bieden.Er komt één loket waarbij zowel ouders als aanbieders informatie kunnen inwinnen en waarbij de mogelijkheid bestaat om via een lichte vorm van mediation het geschil op te lossen.Het klachtengeld voor ouders wordt verlaagd naar € 25,-.Er komt één garantiefonds waarop zowel ouders als aanbieders een beroep kunnen doen wanneer na een uitspraak van de geschillencommissie ouders of aanbieders hun financiële verplichting niet nakomen.De uitspraken over geschillen/klachten over individuele ouders en over het adviesrecht van oudercommissies zijn bindend. Partijen kunnen een uitspraak vervolgens alleen nog marginaal laten toetsen door de burgerrechter. Daarbij kijkt de rechter niet zozeer inhoudelijk, maar vooral naar de wijze waarop de klacht/het geschil is behandeld.
Meer weten? www.degeschillencommissie.nl.

Auteur: Marianne Velsink

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.