Blog Simon Hay – Mannelijke opvoeders (dl. 1)

Mijn zoon, Mason van zes, heeft elke week op woensdagmiddag zwemles. Vaak heeft hij dan op woensdagochtend tranen in zijn ogen en vraagt hij of hij echt naar zwemles moet. Van zijn voormalige zwemjuf begrijp ik dat hij water in zijn ogen vervelend vindt. Hij voelt zich onzeker als zijn benen ‘wiebelen’ als hij door het water moet lopen. Ook is hij bang om zijn hoofd helemaal onder water te doen.
Simon Hay Pedagoog KindeRdam.jpg
'Je ligt als mannelijke opvoeder onder een vergrootglas en je krijgt te maken met (voor)oordelen.'

Ik zie dat Mason heel kwetsbaar is op deze momenten. Ook is hij onzeker en wij als ouders ook. We hebben er dan ook veel met elkaar en met Mason over gesproken. Samen kwamen we tot de conclusie dat Mason fysiek sterk genoeg is voor het zwemmen, maar dat hij het best eng vindt iets nieuws te leren. En daarvoor heeft hij net wat andere begeleiding nodig.

Van een grote naar een kleine groep

De grote groep kinderen die door één zwemjuf begeleid worden, past niet bij Mason. Daarom zijn we overgestapt naar een kleinschalige zwemschool. Mason krijgt nu les van twee begeleiders in een groepje van acht kinderen. Dit blijkt een betere setting voor Mason te zijn en wel om meerdere redenen. Ten eerste mag ik tijdens de les aan de kant van het zwembad blijven zitten. Verder is de situatie voor Mason meer overzichtelijk en daardoor minder eng. Maar de belangrijkste reden is de manier waarop de begeleiders met hem en de andere kinderen omgaan.

Kwetsbaarheid zien en aandacht geven

Mason was na twee keer zwemmen veel meer op zijn gemak, ik zag hem op steeds meer momenten ook genieten. De meesters maken duidelijke afspraken met de kinderen en houden de kinderen ook aan de afspraken. Zij geven de kinderen ruimte, maken grapjes en lachen samen met de kinderen. Als vader, maar zeker ook als pedagoog, stelt dit mij gerust. En Mason helemaal! De meesters zien het ook wanneer één van de kinderen zich kwetsbaar voelt en aandacht nodig heeft. Er wordt getroost, gestimuleerd en geholpen. De meesters zijn op gepaste momenten onderdeel van de groep en spelen met de kinderen mee.

Verschil mag er zijn

Een groot verschil met de vorige zwemschool is dat Mason hier les krijgt van twee zwemmeesters. Als man maakt werken met jonge kinderen je kwetsbaar. Je ligt onder een vergrootglas en je krijgt te maken met (voor)oordelen. Je moet doorzettingsvermogen, een dikke huid en zelfvertrouwen hebben. Mannen geven anders les dan vrouwen, maar dat wil niet zeggen dat de ene manier beter is dan de andere. Het is alleen verschillend. Gelukkig zijn er verschillen in aanpak, dit maakt de kans groot dat elk kind zich begrepen en ondersteund voelt.

Uit persoonlijke ervaring weet ik hoe belangrijk het is dat anderen, collega’s, leidinggevenden en ouders, vertrouwen in jou uitspreken. Daarom heb ik mijn waardering uitgesproken naar de zwemmeesters van Mason, zij waren aangenaam verrast.

In mijn volgende blog ga ik nog dieper in op het verschil tussen mannelijke en vrouwelijke opvoeders. Nogmaals, dit verschil is goed en is vaak ook nodig om voor het kind een mooie balans in opvoeding te krijgen.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.