Uiteindelijk staan de neuzen dan toch dezelfde kant op

Ze stonden de afgelopen maanden soms lijnrecht tegenover elkaar tijdens het cao-overleg. Toch zijn FNV, Brancheorganisatie Kinderopvang en Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang eruit. Ook als het gaat om de niet-groepsgebonden uren, het struikelblok tijdens de vorige onderhandelingen.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
AdobeStock

De niet-groepsgebonden uren in de kinderopvang, ook wel taakuren genoemd, worden zeer uiteenlopend ingevuld. Werkgevers- en werknemersorganisaties willen een einde aan de onduidelijkheid. Daarom start dit jaar een onderzoek naar welke werkzaamheden wel en welke niet onder taakuren zouden moeten vallen. Er wordt ook gekeken naar alternatieven voor een uniforme regeling. Afhankelijk van de uitkomsten van het onderzoek wordt de regelgeving omtrent de niet-groepsgebonden uren in de toekomst aangepast. Dit zou dan in 2020 moeten gebeuren.

Ondergrens taakuren

Juist dit punt leidde de afgelopen periode tot een breuk in de cao-onderhandelingen. Brancheorganisatie Kinderopvang wilde niet een algemene ondergrens van 37,5 taakuren voor pm’ers per jaar aan organisaties opleggen, maar bestaande afspraken tussen OR/houder en werknemers respecteren. Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang (BMK) en de vakbonden wilden dit wel. Uiteindelijk zijn de partijen tóch tot overeenstemming gekomen en heeft de Brancheorganisatie alsnog ingestemd met 37,5 uur als minimum aantal taakuren per jaar per beroepskracht.

Geen cao niet langer verantwoord

‘Er is vanuit de Brancheorganisatie uiteindelijk water bij de wijn gedaan’, legt cao-onderhandelaar van de Brancheorganisatie Kinderopvang Ramon Rikken uit. ‘Als we 100 procent bij ons standpunt bleven staan, zou er geen cao komen. Dat vinden we in deze tijd niet verantwoord.’ Maar helemaal overstag is de BK niet gegaan. De ondergrens van 37,5 uur per jaar gaat niet per direct, maar vanaf 1 januari 2019 in. We hebben ondernemers dus tijd gegeven om hierop te anticiperen. Verder wilden we dat er in het onderzoek gekeken wordt naar welke alternatieven er bestaan voor de taakurenregeling. En als er goede alternatieven zijn die het gelijke speelveld niet beïnvloeden mogen deze na het onderzoek ook worden gebruikt.’

Babylonische spraakverwarring

Daarbij heeft niet alleen de Brancheorganisatie water bij de wijn gedaan, vertelt cao-onderhandelaar namens FNV Zorg & Welzijn Ilse van der Weiden. ‘Wij hadden als FNV in eerste instantie ingezet op een hoger aantal uur als ondergrens. Maar ik ben blij dat we na een moeizaam traject nu goede afspraken hebben kunnen maken voor de hele sector.’ Ze hoopt dat het onderzoek een einde maakt aan de ‘Babylonische spraakverwarring’ die er rond taakuren bestaat. Van der Weiden: ‘Er zijn organisaties die taakuren inzetten voor werkzaamheden die niet bij het vak pedagogisch werk horen, zoals schoonmaakwerk. Wij vinden dat dat niet de bedoeling is. Het is goed dat we daar nu overeenstemming in zoeken zodat we wel allemaal over hetzelfde praten. ‘

Flexibele inzet

Verder zegt ze blij te zijn dat pedagogisch medewerkers nu weer terug kunnen vallen op centraal gemaakte afspraken. Voorheen mochten werknemers eigen afspraken maken met hun OR. Maar in de praktijk leidde dit tot uiteenlopende afspraken. ‘Wij zijn blij dat we dit onderwerp weer in de cao hebben gekregen.’  Blij is Van der Weiden ook met de afspraak over de flexibele inzet van werknemers. ‘Er werd van pm’ers verwacht dat ze, ook bij een kleine baan, vijf dagen per week beschikbaar waren. Dit leidde tot onzekerheid en stress.’ In het onderhandelaarsakkoord is een staffel opgenomen die deze flexibiliteit inperkt. Dit houdt in dat medewerkers één extra dag beschikbaar moeten zijn naast hun normale aantal werkdagen.

Aantrekkelijk voor potentiële medewerkers

Ook vanuit de twee werkgeversorganisaties zijn positieve geluiden te horen over het akkoord. Sharon Gesthuizen namens de Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang: ‘’ We hebben in de cao ruimte weten te realiseren voor de kwaliteit van de dienstverlening en werkdrukverlaging, onder andere door de afspraak over de niet-groepsgebonden uren. Samen met de overeengekomen salarisstijging vormt dit tevens een investering in de sector, waarmee we bovendien interessant blijven voor (potentiële) medewerkers in de concurrentie met andere sectoren.’ In een eerste korte reactie laat de Brancheorganisatie weten ‘blij te zijn met het tot stand gekomen resultaat. Het doet recht aan de ontwikkelingen in onze sector, de wensen van werknemers en blijft ruimte geven om te ondernemen.’

Acties afgeblazen

De al voorbereide acties vanuit de vakbonden zijn voorlopig afgeblazen. ‘Zover heeft het niet hoeven komen’, aldus Van der Weiden. ‘We waren nog bezig met ons contact met bekende of grote werkgevers in de kinderopvang. We hebben hen gevraagd en ook alle OR-afdelingen in de kinderopvang hoe zij tegenover een minimum aantal taakuren van 37,5 uur per jaar stonden. Eigenlijk had niemand daar bezwaar tegen. Het is daarom fijn dat dit geluid nu ook doorklinkt in het cao-akkoord.’


Wat staat er precies in het cao-akkoord? En wanneer gaat dit akkoord daadwerkelijk in? Lees meer in dit artikel


 

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.