Tips: praten met ouders bij vermoeden kindermishandeling

Hoe praat je als professional met ouders, wanneer je vermoedt dat er thuis iets aan de hand is? Het is misschien wel de moeilijkste stap binnen de meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld. Maar ook een belangrijke. Augeo geeft tips.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
AdobeStock
AdobeStock

Augeo traint professionals die met kinderen werken om kindermishandeling sneller te herkennen en aan te pakken. Kinderopvangmedewerkers zien vrijwel dagelijks heel veel kinderen en kunnen daarom een belangrijke schakel zijn bij het in beeld brengen van kinderen die te maken hebben met kindermishandeling.

Stap 3 van de Meldcode kindermishandeling en huiselijke geweld is het in gesprek gaan met de ouder(s) van het kind, waar de professional een vermoeden heeft dat er iets niet goed gaat thuis:

Gesprek met de ouder (en indien mogelijk met het kind)

De aandachtsfunctionaris bespreekt de signalen met de ouders, en indien mogelijk met het kind. De kinderopvangorganisatie kan er echter ook voor kiezen dat het gesprek door de beroepskracht wordt gevoerd, eventueel samen met aandachtsfunctionaris, bemiddelingsmedewerker of leidinggevende. In die gevallen wordt het gesprek altijd voorbereid met de aandachtsfunctionaris. Ook kan tijdens de voorbereiding ondersteuning worden gevraagd aan Veilig Thuis. In de voorbereiding is het van belang rekening te houden met emoties van de ouder(s) en het kind, zoals boosheid, verdriet en angst veroorzaakt door onmacht, loyaliteit, isolement en schaamte.

Augeo Academy geeft vier tips die helpen om in gesprek te gaan met de ouder(s). Bedenk van te voren of je je leidinggevende of een aandachtsfunctionaris bij het gesprek wilt hebben.

1. Geen oordeel

Leg je zorgen voor aan ouders. Doe dat zonder oordeel. Spreek niet van (vermoedens van) kindermishandeling, maar zeg dat je iets hebt gezien of gehoord dat je opvallend vindt: een kind dat zich bijvoorbeeld anders gedraagt. Je wilt graag hun visie daarop. Wees betrokken en open, vraag wat ouders ervan vinden: van de zorgen, van het gesprek, van hun kind.

2. Bouw het gesprek op

Bouw het gesprek heel zorgvuldig op, val niet meteen met de deur in huis. Formuleer concreet wat je bij het kind hebt waargenomen. Ga uit van een gezamenlijk doel: het beste voor hebben met het kind. Wees open over je zorgen en over wat je van plan bent te gaan doen. Doe niets achter de rug van ouders om: dat roept weerstand op en vergroot de kans op hevige emoties of weigeren om met jou te praten.

3. Actief luisteren

Actief luisteren betekent: doorvragen en samenvatten. Laat zien dat je aandachtig luistert. Herhaal de belangrijkste dingen die de ouder heeft verteld. Geef ruimte aan emoties die soms hoog oplopen: boosheid, verdriet of onbegrip.

4. Geheimhouding?

Je mag ouders, die daarom vragen, geen geheimhouding toezeggen. Als je geheimhouding belooft, kan je in een lastige situatie komen: je wilt het vertrouwen niet beschamen, maar al zij jou iets vertellen wat ernstig is, moet je in actie komen en anderen betrekken om de situatie te veranderen. Je kunt wel beloven dat je niets zult doen, zonder eerst met de ouder te overleggen.

Blijf niet rondlopen met het gevoel dat er ‘iets niet klopt’. Kijk voor de volledige tips en voor meer informatie en training over wat te doen bij vermoedens van kindermishandeling of huiselijk geweld op: augeo.nl

Bron: Augeo

Bekijk ook: alle boeken over kindermishandeling.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.