Subsidies kunnen aangevraagd worden bij meerdere loketten. De eerste uitdaging begint bij het in kaart brengen van de subsidiemogelijkheden. U kunt hier zelf een specifieke subsidieadviseur of fondsenwerver voor inzetten. In de kinderopvangsector zijn de drie voornaamste loketten voor het aanvragen van subsidies:
- De gemeente (peuteropvang en voorschoolse educatie)
- De rijksoverheid (met name Ministerie van SZW en Rijksdienst voor Ondernemend Nederland RVO)
- De belastingdienst en het UWV (subsidies in de vorm van belastingkortingen of premievermindering)
Gemeentelijke subsidieregelingen
De gemeentelijke subsidieregelingen voor peuteropvang en voorschoolse educatie zijn zeer divers. De praktijk leert dat gemeentes de eigen beleidsvrijheid gebruiken om specifieke regelingen op te zetten. Vooral wanneer je als kinderopvangorganisatie actief bent in meerdere gemeenten kan dit een grote uitdaging zijn. Grofweg houdt de subsidie in dat de gemeente het volgende subsidieert:
- Een subsidie om de inkomensafhankelijke bijdrage van de ouders aan te vullen tot een vastgesteld uurtarief;
- Een subsidie om gratis (aanvullend) voorschools aanbod te realiseren tot 960 uur per kind;
- Een kwaliteitssubsidie, waarmee specifieke kwaliteitseisen ten aanzien van voorschools aanbod gerealiseerd kunnen worden.
De ervaring leert dat de subsidie op verschillende manieren wordt bepaald. Door middel van vaste opslagen op het uurtarief, vaste bedragen per groep, staffels afhankelijk van aantal kinderen etcetera. Daar komt nog bij dat gemeentes de subsidieregeling met enige regelmaat wijzigen. Waar je in ieder geval scherp op moet zijn als kinderopvangorganisatie:
- Welk uurtarief vergoedt de gemeente? De maximum uurprijs voor de kinderopvangtoeslag is vaak niet kostendekkend. Steeds meer gemeenten kiezen ervoor in overleg met de kinderopvangorganisaties een uurtarief vast te stellen dat een goede weerspiegeling van de kostprijs is;
- Welke verantwoordingsvereisten zijn er? Subsidie wordt vaak aangevraagd op basis van een geprognotiseerd aantal uur, kindplaatsen of groepen. Maar wat als de werkelijke aantallen anders zijn? Wordt bij hogere aantallen ook meer subsidie verstrekt? Of is dan vroegtijdig actie vereist van de kinderopvangorganisatie om de subsidie bij te stellen? En wordt bij lagere aantallen de subsidie lager vastgesteld? Het is van belang om goed op de hoogte te zijn van wat hierover in de subsidieregeling is vastgelegd en om tijdig in actie te komen.
Rijksoverheid
Ook de rijksoverheid kent steeds meer subsidieregelingen. De rijksoverheid erkent de uitdaging op gebied van kwaliteitseisen en personeelstekorten. Daarom zijn er subsidieregelingen ingesteld die hierop inspelen. U kunt bijvoorbeeld denken aan de subsidie praktijkleren, de subsidie groepshulpen in de kinderopvang of de SLIM-subsidie.
Aan deze subsidies zijn echter ook aandachtspunten verbonden, denk daarom goed na voordat je een aanvraag indient. De subsidies betreffen over het algemeen specifieke subsidieactiviteiten. Activiteiten die er wellicht tot op heden nog niet waren. Het ontvangen van subsidie betekent hogere inkomsten, maar waarschijnlijk ook hogere kosten. Ook kennen subsidies van de rijksoverheid vaak bepalingen ten aanzien van co-financiering. De kinderopvangorganisatie moet in dat geval een deel van de kosten financieren met andere bronnen dan de subsidie zelf. Een goed plan aan de voorkant, voorkomt onaangename verrassingen achteraf.
Bij subsidies van de rijksoverheid moet je er tijdig bij zijn. De subsidieregelingen worden vaak eenmaal per jaar (of enkele keren per jaar) opengesteld. Ook is er een subsidieplafond. Wordt de subsidie overvraagd of ben je te laat met het indienen van de aanvraag, dan kan je zomaar achter het net vissen.
Belastingdienst en UWV
Naast subsidies zijn er ook kortingen op belastingen of premies. Onze ervaring is dat veel kinderopvangorganisaties onvoldoende op de hoogte zijn van deze kortingen, waardoor kortingen niet worden benut. Een gemiste kans natuurlijk. Alhoewel het complexe materie is, kan het zeker lonen om hier eens goed naar te (laten) kijken. Werkt u, bijvoorbeeld in het kader van de banenafspraak, met medewerkers die afstand hebben tot de arbeidsmarkt? Dan komt u wellicht in aanmerking voor loonkostenvoordelen. De regels zijn best complex, zoals het aanvragen van een ‘doelgroepverklaring’, maar de voordelen zijn aanzienlijk.
Ook zijn er diverse kortingen op de vennootschapsbelasting mogelijk. De kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) is bij veel organisaties wel bekend. Maar wist je dat er ook energie-investeringsaftrek (EIA) en milieu-investeringsaftrek (MIA) bestaan? Veel kinderopvangorganisaties denken na over investeringen in duurzaamheidsmaatregelen. Veel van deze maatregelen zijn naar verwachting opgenomen in de Energielijst van de RVO en komen voor aftrek in aanmerking. Let wel op: binnen 3 maanden na de investering moet er melding gedaan worden bij de RVO. Zelf tijdig in actie komen is dus een voorwaarde.
Ons advies
Heb je het gevoel dat je subsidies of belastingkortingen misloopt? Eén van de sectorspecialisten, HR- of fiscale deskundigen van Van Ree Accountants kan je vast en zeker op weg helpen. Neem gerust contact op voor een vrijblijvend gesprek via 0343-415940 of info@vanreeacc.nl!

