Meer kinderen naar kinderopvang, wel minder uren

Er maken in 2016 41.000 kinderen meer gebruik van kinderopvang dan in 2015, maar zij komen gemiddeld wel een uur korter naar de opvang dan vorig jaar. Dit blijkt uit cijfers van de eerste twee kwartalen van 2016 van het ministerie van Sociale Zaken.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
1 Kwartaalcijfers 2016.jpg
De trend dat kinderen korter naar de kinderopvang gaan

Het groeiende gebruik van kinderopvang is zichtbaar in de kinderdagopvang (+3,6 %), de bso (+4, 5%) en gastouderopvang voor 0-4 jarigen (+5,5 %).Vooral in het eerste kwartaal van 2016 was er sprake van groei.

Minder uur

De trend dat kinderen korter naar de kinderopvang gaan, zet ook in 2016 door. In het eerste kwartaal gingen kinderen gemiddeld 57,4 uur per maand naar de kinderopvang en in het tweede kwartaal was dit 57,2 uur. Dat is een uur korter dan in 2015. Vooral in kinderdagverblijven nam het aantal uren af (1,8 uur), maar dat wordt mede beïnvloed door de omvorming van peuterspeelzalen naar kinderdagopvang. Door het kortdurende aanbod van peuteropvang, ligt het aantal uren per kind lager. Opvallend is ook de forse daling van het aantal uur opvang in de gastouderopvang voor 4-12 jarigen (gemiddeld 1,4 uur minder dan in 2015).

Uurtarieven

De uurtarieven in de kinderopvang zijn in de eerste twee kwartalen van 2016 gestegen. Tegelijkertijd zijn per 1 januari 2016 de maximum uurprijzen geïndexeerd met 0,7 procent. Door de stijging is het verschil tussen het uurtarief en het maximale tarief waarover ouders kinderopvangtoeslag terugkrijgen, iets toegenomen vergeleken met 2015.

Aantal locaties

Het aantal locaties voor kinderopvang groeit nog altijd. Dat gebeurde ook tijdens de jaren van krimp, maar ook toen werd dit cijfer deels beïnvloed door de grootschalige omzetting van peuteropvang naar kinderdagopvang. Begin juli 2016 werden er 284 nieuwe dagopvanglocaties ingeschreven: een stijging van ruim 4 procent. Het aantal bso’s steeg ook licht. De dalende trend in het aantal gastouders, wordt in juli onderbroken door een lichte stijging. Het is nog te vroeg om te zeggen of dit eenmalig is of een trendbreuk. In totaal waren er in juli 2016 34.375 gastouders ingeschreven.

Arbeidsparticipatie

De arbeidsparticipatiecijfers laten een positief beeld zien over het eerste half jaar van 2016. De netto arbeidsparticipatie van vrouwen en moeders met jonge kinderen steeg. Vooral alleenstaande moeders werkten meer (+3,1 %). Daarnaast is de netto arbeidsparticipatie van vrouwen in de leeftijd 15-64 jaar in het tweede kwartaal gestegen naar 70,1 %, het hoogste niveau van de afgelopen jaren.  Bij mannen en vaders ook groeicijfers, vooral in de groep 35-44 jaar. Vaders met jonge kinderen werken in 93,2 procent van de gevallen. Op de langere termijn is het aantal uren dat moederen met jonge kinderen werken met 1,8 uur per week gestegen.

Inkomensgroepen

In het huidige overzicht van het ministerie ontbreken gegevens over het aantal kinderen en uren naar verzamelinkomen. Hiervoor is gekozen nadat bleek dat deze cijfers vaak achteraf nog moesten worden bijgesteld. Zo zijn voor de jaren 2012 tot en met 2014 de inkomens bij definitieve vaststelling gemiddeld genomen naar beneden bijgesteld. Hierdoor is voor deze jaren het aantal kinderen van lagere inkomensklassen dat naar de kinderopvang gaat, hoger dan eerder uit de voorlopige cijfers naar voren kwam (en het aantal kinderen van hogere inkomensklassen lager).

In 2015 werd bekend dat het gebruik van  kinderopvang daalde, voornamelijk bij de lage inkomensgroepen. Dit baarde minister Asscher van Sociale Zaken zorgen. Lees meer

Bekijk meer cijfers en de tabellen over het gebruik van kinderopvang in 2016 hier

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.