‘Kennis peuterwerk niet zomaar weg-harmoniseren’

‘Gemeenten; grijp de harmonisatie aan als kans om een integrale visie op het jonge kind te ontwikkelen en verlies daarbij niet de onderscheidende plek van het peuterwerk uit het oog.’ Dit zegt Lex Staal, directeur van Sociaal Werk Nederland.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Expertise peuterwerk harmonisatie.jpg
‘Peuterspeelzalen zijn van oudsher goed geworteld in de sociale infrastructuur van buurten en wijken.’ - Foto: Fotolia

Staal noemt het zorgwekkend dat veel gemeenten zich bij het plannen van de harmonisatie laten leiden door bedrijfseconomische belangen. ‘De harmonisatie gaat om meer dan alleen het inkopen van opvangplaatsen voor niet-werkende ouders.’ Te vaak ziet hij dat gemeenten het peuterwerk ‘technisch harmoniseren’  en denken daarmee klaar te zijn. Ze realiseren zich kennelijk niet dat een visie op het jonge kind de uitgangspositie is van de harmonisatie.

Gelijke kansen

Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het sociale beleid. Armoedebestrijding, jeugdbeleid, achterstandenbeleid; vaak zijn hier al gemeentelijke visies en plannen voor ontwikkeld. Maar kinderen van 2-4 jaar maken niet altijd deel uit van deze integrale visie. Dat is gemiste kans, vindt Staal. ‘Het zou toch zonde zijn als gemeenten er pas over een paar jaar achter komen dat de basis voor een succesvol jeugdbeleid begint bij kansengelijkheid juist op jonge leeftijd. De basisvorming en talentontwikkeling start met het gezin en begint met taal, samen spelen en een prikkelende omgeving voor peuters.’ Het peuterspeelzaalwerk betrekt ook de ouders hierbij en speelt wat Staal betreft dus een centrale rol binnen het sociaal domein.

Minister Asscher (SZW) heeft het wetsvoorstel Harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk ingediend bij de Tweede Kamer. Doel is dat deze wet per januari 2018 van kracht wordt. Lees meer over de wet

Sociale infrastructuur

‘Peuterspeelzalen zijn van oudsher goed geworteld in de sociale infrastructuur van buurten en wijken.’ Zijn oproep aan gemeenten is om deze onderscheidende plek te behouden bij de harmonisatie en, sterker nog, deze troef verder uit te spelen. Daarmee wil hij niet zeggen dat kinderopvangorganisaties deze contacten niet hebben. ‘Kinderopvang heeft een andere achtergrond dan peuterspeelzaalwerk. Het één is niet beter dan het ander. Maar peuterspeelzaalwerk heeft expertises die niet zomaar uitgevlakt mogen worden. Gebruik dit ter versterking van kindvoorzieningen.Zeker nu er zoveel aandacht is voor gelijke kansen in onderwijs en ontwikkeling.’

Eerst een kindvisie

Aan gemeenten doet hij de oproep om eerst een visie te bepalen voor het jonge kind en dan pas een scenario te kiezen voor de harmonisatie. Peuterspeelzalen roept hij op om ook zelf uit te dragen wat hun toegevoegde waarde is. De zorgen over het wegvagen van het peuterspeelzaalwerk en alle kennis en contacten die is opgebouwd, krijgt Sociaal Werk Nederland regelmatig terug van peuterspeelzaalhouders. ‘Al zie ik wel een kentering’, zegt Staal. ‘De SER, landelijke politieke partijen en gemeenten onderstrepen dat sociaal beleid méér is dan de terechte aandacht voor kansármen, maar dat het vooral ook gaat om het scheppen van kansenríjkdom voor iedereen. Te beginnen met de basis, de allerjongsten. Daarmee investeer je bovendien als maatschappij in je totale maatschappelijke kapitaal.’

Meer lezen over de harmonisatie? Ga naar ons gelijknamige dossier met een hoop extra achtergrondinformatie. Naar het dossier

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.