Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Hoe ga je om met diversiteit bij kinderen? ‘Kinderen zien wel degelijk kleur’

Karin Broeren
Diversiteit is hot topic en antiracistisch opvoeden is daar natuurlijk een belangrijk onderdeel van. Sterker nog, diversiteit en inclusie omarmen begint natuurlijk bij de basis: de opvoeding van een kind. Hoe ga je met deze thema's om?
diversiteit
Foto: monkeybusinessimages / Getty Images / iStock

In 2018 toonde onderzoek van de Onderwijsinspectie aan dat segregatie, scheiding tussen bepaalde groepen van de bevolking, in het basisonderwijs toeneemt (bron: kinderrechten.nl). Populaire scholen met een hoge kwaliteit van onderwijs laten vaker witte kinderen toe dan kinderen met een migratieachtergrond. Uit het onderzoek blijkt ook dat kinderen met een migratieachtergrond vaker lager schooladvies voor de middelbare school krijgen dan hun eindtoets aangeeft. Ook op de middelbare school en het vervolgonderwijs is sprake van discriminatie. Jongeren worden bijvoorbeeld voor stages afgewezen op basis van hun huidskleur, achternaam, achtergrond of geloof. Conclusie: racisme is dus nog steeds aan de orde van de dag.

Benoem (kleur)verschillen

Als je dit probleem bij de basis wil aanpakken, begin je dus bij de opvoeding van kinderen. Niemand wil een kind laten opgroeien met vooroordelen en racistische gedachten. Maar hoe doe je dat? Hoogleraar Judi Mesman, auteur van het boek Opgroeien in kleur, opvoeden zonder vooroordelen, is specialist op dit gebied en ging hierover in gesprek met EOS wetenschap. Haar belangrijkste boodschap? Benoem kleurverschillen. ‘Kinderen zien wel degelijk dat sommige mensen er heel anders uitzien dan zijzelf. Als je daar als ouder nooit over praat, dan kweek je pas vooroordelen.’

Contact met andere bevolkingsgroepen

Volgens haar is daarnaast contact met andere bevolkingsgroepen in de opvoeding van het kind, cruciaal. Mesman: ‘Honderden studies ondersteunen de zogenaamde contacthypothese: meer contact tussen groepen leidt tot minder vooroordelen. Mensen kennen helpt, want onbekend maakt onbemind. Daarnaast helpt contact om mensen uit een andere groep te humaniseren, om te beseffen dat het gaat om individuen die niet allemaal hetzelfde zijn.’

Boeken, films en tv-programma’s

Een kinderopvang met veel diversiteit is harstikke positief volgens haar. ‘Ik zou dat van harte aanraden. Zo raken kinderen al heel jong vertrouwd met mensen die er anders uitzien dan zijzelf.’ Nu heb je daar als opvangorganisatie geen of weinig grip op en als ouder in een witte wijk heb je daar ook niet altijd de mogelijkheid toe. Hoe kun je dán zorgen voor een inclusieve opvoeding? ‘Ook dan kun je als ouder veel doen. Er zijn boeken en films genoeg waarin diversiteit aan bod komt. De contacttheorie is niet alleen bewezen voor contact tussen echte mensen, maar ook voor contact via boeken, films of tv-programma’s.’ Hetzelfde geldt natuurlijk op de kinderopvang: lees boeken voor met personages van diverse kleuren en afkomsten.

Kinderen zien wél kleurverschil

Volwassenen denken vaak dat kinderen geen kleur zien. En dat je de verschillen tussen kinderen niet moet benoemen. Maar zo maak je van de verschillen tussen kinderen een taboe volgens de hoogleraar. ‘Kinderen zien die verschillen wél. De gedachte dat kinderen ‘kleurenblind’ zijn, is niet correct. Onderzoek laat zien dat baby’s al onderscheid maken tussen een Afrikaans, Oost-Aziatisch en Europees uiterlijk. Als ze weinig contact hebben met andere groepen, zien ze ook minder verschillen tussen de individuen van die groep. Alle Chinezen lijken er hetzelfde uit te zien, net zoals voor de Chinezen alle Europeanen er hetzelfde uitzien.’

Voorkeuren

In de eerste levensjaren hangen daar nog geen oordelen aan vast volgens de deskundige. ‘Vanaf een jaar of vijf, zes krijgen kinderen een voorkeur voor kinderen die op hen lijken. Dat gaat ver. Als je ze foto’s laat zien en vraagt welke van de kinderen op de foto’s mooi, knap of lief is, en welke stout, gemeen of dom, dan zie je bij kinderen van zes jaar oud al dat ze etnische kenmerken gebruiken om een onderscheid te maken tussen kinderen die ze niet kennen.’

Prentenboek voorlezen? Benoem de kleuren

Mesman vervolgt: ‘Wij doen onderzoek met prentenboeken waarin kinderen met een verschillende huidskleur te zien zijn en laten ouders die bekijken met hun kind. Er zijn ouders die die verschillen niet benoemen, hoewel ze van de pagina afspatten. Ons onderzoek laat zien dat hun kinderen achteraf meer vooroordelen hebben dan de kinderen van wie de ouders het wel over de huidskleur hadden. Kinderen vinden dat vreemd. Want wat doen ouders van peuters en kleuters altijd als ze boekjes voorlezen? Kleuren benoemen: “Kijk, een rode bal, een blauwe jurk…” Als je alle kleuren benoemt behalve die bruine en witte huidskleur, dan valt dat op. Een kind denkt dan dat dit iets heel engs is waar je het vooral niet over moet hebben.’

Lees het hele interview met Judi Mesman hier >>  

Als het gaat om uitbannen van racisme in de samenleving dan zijn kinderen de verandering. Praten over verschillen tussen mensen begint dus bij de allerjongsten. Wat kan de kinderopvang doen aan het bevorderen van inclusie, zodat ieder kind gezien en gehoord wordt en zij zelf iedereen zien en horen? Lees het hier.

Bronnen: EOS wetenschap, Kinderrechten

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.