Drie-uursregeling: ‘Kind centraal? Regelgeving centraal!’

De nieuwe interpretatie van de drie-uursregel vanaf 1 januari 2018 leidt tot vragen en zorgen in de kinderopvang. Houders vragen zich af hoe ze van te voren kunnen inschatten wanneer afwijken van de ratio verantwoord is. Jurist Reinoud Kroese verwacht meer handhaving en terughoudendheid met bijvoorbeeld ruil- en flexdagen. Ook convenantpartijen zijn niet eensgezind in de uitleg van de regel.
Foto; iStock

Zo vlak voordat het 2018 is, laait de discussie over één van de 21 kwaliteitsmaatregelen op in de branche. De drie-uursregeling, waarin kinderopvangorganisaties drie uur van de dag minder beroepskrachten mogen inzetten dan de bkr voorschrijft, heeft altijd voor verwarring gezorgd. Wanneer er minder beroepskrachten op de groep stonden, was voor ouders en GGD niet inzichtelijk. De vakbonden kregen signalen dat beroepskrachten ten onrechte en onverantwoord de groep alleen draaiden. Dus besloten de convenantpartijen in het IKK-akkoord op te nemen dat deze regel meer verhelderd moest worden. Maar hoe precies, daarover zijn de convenantpartijen niet eensgezind.

Exacte tijdstippen

Brancheorganisatie Kinderopvang

3
5601

Wilt u dit premium artikel verder lezen?

Sluit eenvoudig een gratis proefmaand af of neem een abonnement om dit artikel en alle andere premium berichten onbeperkt te lezen.

Bent u al abonnee? Log dan in en lees verder.