De administratieve gevolgen van de harmonisatie

De harmonisatie heeft voor peuterspeelzaalhouders ook administratieve consequenties. Minister Asscher van Sociale Zaken legt uit welke dit zijn. Ook legt uit hoe de GGD zich voorbereidt op het toezicht na de harmonisatie.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Administratie-harmonisatie.jpg
Om in aanmerking te komen voor kinderopvangtoeslag moeten ouders een overeenkomst hebben met de kinderopvanginstelling. Ouders van de peuterspeelzaal hebben zo’n overeenkomst nog niet. - Foto: ANP Photo

Dit zegt de minister in antwoorden op vragen van Tweede Kamerfracties. Meerdere partijen waaronder de PvdA, SP, VVD, CDA en de SGP hebben zich gebogen over het wetvoorstel Harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk. Zij hebben veel aanvullende vragen over de harmonisatie die de minister uitgebreid heeft beantwoord.

Lees hier bijvoorbeeld terug wat de minister antwoordt op vragen als ‘Blijft peuterspeelzaalwerk toegankelijk?’, ‘Leidt de harmonisatie tot meer integratie?’ en ‘Wat is de noodzaak van harmonisatie?’. Lees meer

Inschrijving LRKP

De VVD-fractie brengt de consequenties voor inschrijving in het Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen (LRKP) ter sprake. Als een gemeente ervoor kiest om peuterspeelzaalwerk onder te brengen onder de kinderopvang, kan het zijn dat er op één adres twee registraties in het LRKP komen te staan.  Dat is niet handig omdat dan betekent dat beide locaties apart geïnspecteerd moeten worden, dat er apart invulling moet worden gegeven aan de kwaliteitseisen en beide locaties moeten bijvoorbeeld beschikken over een pedagogisch beleidsplan.

Verzoek indienen

Als het wetsvoorstel voor de harmonisatie in de Tweede en Eerste Kamer wordt aangenomen, dan is de inwerkingtreding gepland voor 1 januari 2018. Minister Asscher wil niet dat bij een harmonisatie een automatische dubbeling in het LRKP wordt verwerkt omdat een houder dan de vrijheid heeft om zelf te beslissen of hij twee locaties gezamenlijk of apart in het register vermeld wil hebben staan. Houders die hun inschrijving in het LRKP willen ontdubbelen, kunnen daarom t.z.t. een verzoek indienen om het aantal kindplaatsen op de bestaande inschrijving op te hogen. De andere locatie wordt dan uit het LRKP verwijderd.

Toezicht

De PvdA vraagt naar de inrichting van de inspecties na de harmonisatie. Peuterspeelzalen worden nu ook al jaarlijks door de GGD gecontroleerd. Na de harmonisatie moeten peuterspeelzalen aan extra kwaliteitseisen voldoen zoals extra kwaliteitseisen voor de buiten- en binnenruimte en de niet formatieve inzet van vrijwilligers.  Bij nieuwe aanvragen voor een kinderopvanglocatie toetst de GGD vooraf of de organisatie voldoet aan de wettelijke eisen en of de GGD de gemeente positief kan adviseren over opname in het LRKP. De peuterspeelzalen die momenteel in het LRKP staan hebben deze toets al gehad op basis van de eisen voor peuterspeelzalen.

Kwaliteitseisen

Minister Asscher denkt dat de GGD’en bij de reguliere inspecties in de aanloop naar de wetswijziging al bekijken of de peuterspeelzaal voldoet of op de korte termijn zal gaan voldoen aan de kwaliteitseisen voor kindercentra. ‘Het deel van de peuterspeelzaalhouders waarvan de locatie nog niet aan de nieuwe wettelijke eisen voldoet, weet op basis hiervan dan welke stappen nog genomen moeten worden voor de inwerkingtreding van dit wetsvoorstel. Na de inwerkingtreding van dit wetsvoorstel ligt het voor de hand dat de locaties die nog niet voldeden aan alle eisen als eerste geïnspecteerd zullen worden.’

Training inspecteurs

De VNG en GGD-GHOR zijn met elkaar in gesprek hoe vanuit toezicht en de handhaving het beste omgegaan kan worden met het wetsvoorstel. Wel benadrukt minister Asscher dat de verantwoordelijkheid voor het toezicht op peuterspeelzalen na de harmonisatiewet bij gemeenten ligt. Het plan is dat er een half jaar na de publicatie van een ander belangrijk wetsvoorstel:  Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang (IKK) wordt gestart met een trainingstraject voor inspecteurs en handhavers.

Overeenkomst kinderopvangtoeslag

Om in aanmerking te komen voor kinderopvangtoeslag moeten ouders een overeenkomst hebben met de kinderopvanginstelling. Ouders die nu nog gebruikmaken van de peuterspeelzaal hebben zo’n overeenkomst nog niet. Hierover stelt de PvdA vragen. Minister Asscher vindt dat organisaties en ouders hier deels een eigen verantwoordelijkheid in hebben, maar voor peuterspeelzalen voor wie dit nieuw is, is ondersteuning van Sociaal Werk Nederland geregeld (SWN). Los daarvan start het ministerie t.z.t. ook een eigen communicatietraject voor organisaties, gemeenten en ouders.

Peuterspeelzaal duurder?

Ouders zullen ook worden bijgepraat over wat zij na de harmonisatie aan kosten voor de peuterspeelzaal kwijt zullen zijn. Of ze er op vooruit of achteruit gaan of dat de kosten gelijk blijven, hangt af van wat zij nu voor peuterwerk betalen. De verschillen tussen gemeenten zijn groot. Maar met uitzondering van Amsterdam hanteren bijna alle peuterspeelzalen in Nederland een inkomensafhankelijke of vaste ouderbijdrageregeling. Uit een onderzoek van Buitenhek blijkt dat het bereik van ouders in gemeenten waar voorzieningen al geharmoniseerd zijn niet is afgenomen. Ouders kunnen in 2017 via een online rekentool uitrekenen wat ze na 2018 kwijt zijn.

Download hier de nota waarin minister Asscher antwoord geeft op vragen van kamerfracties

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.