Blog Willem Wijnen – Inrichting speelterreinen

Het nieuwe jaar is begonnen en alle voornemens zijn uitgesproken. Ik wil er één aan toevoegen: “Laat de inrichting van speelterreinen het spel van kinderen vormen”. Daarmee bedoel ik dat we moeten stoppen met het bepalen van de ‘juiste’ inrichting door de ogen van volwassenen. Hierdoor wordt voornamelijk gestuurd op netheid, veiligheid en het uitsluiten van mogelijke risico’s. We moeten terug naar het kind in onszelf om een speelterreinen in te richten. Hoe reageert een kind op de inrichting die wij als volwassen bedenken?

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Willem-Wijnen.jpg
Wat mij verbaasd is dat we in staat zijn om met een pedagogische insteek bewezen lessystemen en methodes te ontwikkelen

Mijn goede voornemen? Laat de inrichting van speelterreinen het spel van kinderen vormen!

Laat ik mij voorstellen, ik ben Willem Wijnen en iedere dag bezig met de inrichting van speelterreinen.  Ik ben van mening dat ontwerpers in staat moeten zijn om zich te verplaatsen in het speelgedrag van een kind als reactie op de inrichting. En natuurlijk kun je dit niet alleen door met de bril van een kind naar een speelterrein te kijken. Het gaat hierbij ook om het signaleren én toepassen van pedagogische ontwikkelingen en kansen. We moeten nadenken over wat ‘onze’ inrichting met kinderen doet. Wat mij verbaast, is dat we in staat zijn om met een pedagogische insteek bewezen lessystemen en methodes te ontwikkelen, maar dat we moeite hebben om deze kansen te benutten in de buitenruimte.

Zien we die kansen dan niet? Of denken we als volwassenen te weten hoe een kind moet spelen? Dat laatste komt naar mijn mening te veel voor. We bedenken een inrichting die schaafwonden en letsel voorkomt en kijken te weinig naar kansen en het bieden van beheerste uitdagingen. Veiligheid is natuurlijk een belangrijk onderdeel, maar zijn we niet vaak ‘te bang’ om als volwassen  te worden aangesproken of verantwoordelijk te zijn? Neem bijvoorbeeld een speelhuisje met glijbaan. In veel tuinen wordt zo’n toestel geplaatst als zogenoemde  ‘gedwongen’ of ‘eenzijdige’ spelaanleiding. Dat betekent dat een kind niet anders kan dan het trapje beklimmen en van de glijbaan te glijden. Daarnaast moeten deze speeltoestellen in een obstakelvrije ruimte staan, waardoor het losse elementen zijn. In mijn beleving moeten we een combinatie van spelbewegingen maken, waarbij we nadenken over welke spelvorm we willen bereiken passend bij de gebruiker, het kind.

‘We bedenken een inrichting die schaafwonden en letsel voorkomt en kijken te weinig naar kansen en het bieden van beheerste uitdagingen’

Daarom lijkt het mij een goed voornemen voor 2017 om die ‘angst’ en ‘het denken te weten’ los te laten. Laten we kijken naar hoe we speelterreinen kunnen inrichten (vormgeven), waarbij de inrichting het spelgedrag van de kinderen vormt. Laten we met elkaar meer en beter nadenken over de ‘output’ bij kinderen op basis van de inrichtingskeuzes die wij als volwassenen maken.

Afgelopen jaar kwam mijn collega met een onderzoek van Elise Peter en Dieuwke Hovinga  aanzetten: ‘Met je billen in het zand’. Hierin is onderzocht hoe de omgeving het spel van kinderen vormt. Uitspraken hieruit “Waar kinderen zijn wordt gespeeld.” en “De spelbedoeling stuurt het pedagogisch handelen.” raakten mij. Ik dacht… JA! Dat bedoel ik. Daar ligt de opgave om als inrichters van de openbare ruimte ook daadwerkelijk iets toe te voegen aan de ontwikkeling van kinderen.

Een opgave die we ook in 2017 moeten verkondigen. Want dat een speelterrein beter moet inspelen op het bewust vormen van het spel van kinderen is voor mij wel een gegeven.  Op de aankomende NOT hoop ik met veel ‘medespelers’ in gesprek te gaan over deze uitdaging.

Willem Wijnen is projectleider sr. bij BTL Advies B.V. in Apeldoorn

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.