Zorgen om toezicht kinderopvang

Vijf kinderopvangorganisaties trekken aan de bel met hun zorgen over de GGD-inspectie. In onderstaand artikel en hun position paper schetsen ze de knelpunten maar ook hun oplossingen.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
iStock

Vrijwel dagelijks zijn er inspecties in de kinderopvang. Hoe meer locaties je hebt, hoe vaker de inspecteur langskomt. Dit kan oplopen tot tientallen keren per jaar in meerdere gemeenten en regio’s. Er zijn in de kinderopvang dus duizenden ervaringsdeskundigen, waaronder velen met een zorg over het toezicht. Het wordt tijd dat die erkend en gehoord wordt!

Position paper

Wij – als bestuurders van de opvangorganisaties Kibeo (Goes), KID (Dongen), SkippyPePijn (Pijnacker), MIKZ (Kaatsheuvel) en Pedagogische kinderopvang De Dikkedeur (Rotterdam), tezamen 204 kindercentra en een gastouderbureau – geven een stem aan deze zorg. Dat doen we met een position paper waarin we signaleren dat sinds de transitie van een gesubsidieerde sector naar een vrijemarktsector de opvangkwaliteit is toegenomen, maar de toezichtkwaliteit niet en dat de belangen van aanbieders uit beeld zijn geraakt.

Kwaliteit van toezicht

Het toezicht in de kinderopvang is willekeurig, met ongelijke behandeling tot gevolg; net als in het subsidietijdperk waar elke gemeente eigen regels stelde. De Wet kinderopvang (Wko) met landelijke regels beoogde dat op te lossen; zonder succes. Inspecteurs zijn sindsdien wel veranderd: voorheen meer gesprekspartner, nu vaker ‘controleur’ met een focus op afvinklijstjes en eigen (of door GGD GHOR voorgeschreven) interpretaties van regels. Het Nieuwe Toezicht (start 2018) beloofde verbetering, maar heeft onvoldoende oog voor kwaliteitsdoelen en wegen daarnaartoe. Dit toezicht vindt papieren documenten belangrijker dan kwaliteit in de praktijk; een prikklok (de drie-uursregeling) en LRK-nummers (bso’s clusteren) belangrijker dan maatwerk of uitdagende opvang voor kinderen. In dit toezicht zien we individuele meningen en voorkeuren van inspecteurs (de zogeheten subjectieve beoordelingsruimte) zwaarder wegen dan feiten en wettelijke regels die opvangkwaliteit moeten borgen en willekeur moeten tegengaan. Hiervan zijn allereerst kinderen (en dus ouders) de dupe. Denk aan bso’s clusteren: verplicht in je eentje spelen want de bso-groep om de hoek heeft een ander LRK-nummer.

Belangen en rechten

Maar ook de kinderopvangorganisaties zijn de dupe. Toezicht met deze focus en zoveel subjectieve beoordelingsruimte zit het realiseren van onze kwaliteitsdoelen in de weg. Wat goed is voor kinderen mag niet vanwege een persoonlijke optiek van een inspecteur of de controleerbaarheid die GGD GHOR wenst (zie de prikklok). Het leidt tevens tot onterechte overtredingen plus handhavingsbesluiten die onze goede naam aantasten in gepubliceerde rapporten en het eenoogopslagsysteem. Wanneer een handhavingsbesluit dat in bezwaar of (hoger) beroep geen stand houdt wordt ingetrokken, blijft het inspectierapport met de onterechte overtreding ongewijzigd. De GGD zou als eigenaar van het rapport kunnen en moeten zorgdragen voor rectificatie, maar een algemeen geldend protocol daarover ontbreekt.

Naleving regels

Hoe meer onterechte overtredingen, waarschuwingen en handhavingsbesluiten op jouw naam, hoe moeilijker je het krijgt bij het starten van een nieuw kindercentrum. Want naleving van de regels is in de ‘strenge selectie aan de poort’ een belangrijk criterium. Het verzwaart ook je risicoprofielen, waarin je overigens niet zomaar inzage krijgt. GGD GHOR stuurt aan op geheimhouden ervan met als reden: het is slechts een intern werkinstrument voor het berekenen van manuren. Ook dat roept vragen op over de controlerende toezichthouder, zoals: waarom mogen wij oordelen over onszelf niet kennen?

Knelpunten

In onze position paper hebben wij ervaringsfeiten vertaald naar knelpunten waarover wij voorstellen doen ter verbetering, met als doel in samenwerking met het toezicht en de handhaving tot oplossingen te komen. Tijdens presentaties van deze paper bij de drie brancheorganisaties BK, BMK en BVOK bleek veel herkenning en steun aanwezig bij de leden. Wij hopen dat meer opvangaanbieders met hun praktijkverhaal naar buiten komen. Op die manier ontstaat een completer besef en diepgaander beeld van de knelpunten in het toezicht en de rechtspositie van de opvangaanbieders. En dat is een voorwaarde voor professioneel en rechtvaardig toezicht van hoge kwaliteit.

De BK en BMK hebben gezamenlijk gereageerd. Ook de GGD GHOR en de BVOK hebben gereageerd op het artikel en de position paper.

Hoofdpunten position paper

In de position paper staan de volgende knelpunten in de toezichtpraktijk opgenomen: 

  1. Willekeur door de structuur van het toezicht: 22 GGD-regio’s en talloze gemeenten geven grote verschillen in oordelen, overtredingen en handhaving. Gevolg: rechtsonzekerheid en rechtsongelijkheid.
  2. Werkwijze van de inspecteur: a) te veel subjectieve beoordelingsruimte; b) te vaak onzorgvuldig onderzoek en geen of gebrekkig onderbouwde oordelen; c) nauwelijks oog voor rechten houders/ondernemers; d) onvoldoende dialoog en e) te veel focus op regels (‘zo moet het’) en ‘papier’. Gevolg: doelloze en ten onrechte geconstateerde overtredingen, zonder dialoog.
  3. Werkwijze van de gemeente die a) meestal de ‘overtreding’ en het handhavingsadvies overneemt zodat de zienswijze van de houder zelden effect heeft; b) voorrang geeft aan registerbelangen (LRK) en een eigen toezicht-agenda, ten koste van opvangkwaliteit en risicogestuurd toezicht.
  4. Werkwijze GGD GHOR die a) eigen, aanvullende eisen stelt of interpretaties kiest in strijd met de bedoeling van de wet; b) namens gemeenten register-eisen toetst (zoals LRK-nummers bij bso’s) ten koste van haar kerntaak: onafhankelijke toetsing van kwaliteit.
  5. Het eenoogopslagsysteem in het LRK, dat in één oogopslag a) niet de kwaliteit, maar slechts het oordeel van de inspectie toont met te vaak ongegronde ‘overtredingen’ en ongelijke behandeling; b) niet de ernst van de tekortkoming toont (een woordkeus in een document of een kindbedreigende overtreding); c) geen rectificatie biedt van onterechte oordelen.

Wat kan direct al anders?

  • meer openheid over interne instructies GGD GHOR en de toezicht-agenda van gemeenten; inzage in risicoprofielen
  • meer verantwoordingsplicht voor inspecteurs en hogere eisen aan hun onderzoek en oordelen
  • meer bescherming van rechten en belangen houders/ondernemers: tijdens inspecties, in de afweging tot handhaving, in het eenoogopslagsysteem en door een rectificatie-protocol
  • opzetten van een digitale Juridische Databank Kinderopvang, met daarin zienswijzen, bezwaarschriften en beroepsschriften zodat we met elkaar onze gezamenlijke rechtsbescherming kunnen vergroten

En wat op de langere termijn?

  • één landelijk toezicht en klachtenloket
  • aanpassen status van toezicht: hogere eisen en expliciete plichten
  • terugkeer naar kernregels: voor de kinderen en de opvangkwaliteit
  • regels die eenduidig (niet voor meerdere uitleg vatbaar) en werkbaar zijn

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.