Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Een wachtlijst voor de peuter-kleutergroep: ‘Dit gun je eigenlijk ieder kind’

In de peuter-kleutergroep op het Gelderse IKC De Abacus in Huissen zitten kinderen tussen de 3,5 en 4,5 jaar samen in één groep. Leraar en pm'er werken er samen. Zo'n peuter-kleutergroep is in Nederland nog relatief nieuw. Het uitgangspunt is, volgens schooldirecteur Maarten Jurgens, het 'aansluiten op de ontwikkeling in plaats van op leeftijd'. Inmiddels is het IKC de pilotfase voorbij en mogen ze structureel doorgaan met de groep.

Uw peuter krijgt zo de tijd om te wennen aan het schoolse ritme in een veilige, uitdagende omgeving met volop ruimte om te spelen én te leren’ lezen we op de website van De Abacus. Het concept van de combinatiegroep De Stokstaartjes bleek tijdens en na de pilot in samenwerking met de gemeente Lindewaard gedaan succesvol. Peuters komen er twee tot vier dagdelen per week in de groep, de kleuters stromen in als ze 4 worden. Na maximaal ongeveer een jaar stromen ze door. Hoewel wet- en regelgeving voor dit soort combinatiegroepen een obstakel vormt, is het De Abacus gelukt om het ‘binnen de mazen van de wet’ voor elkaar te krijgen.

Naïef

Directeur Maarten Jurgens en Susan Rikken, teamleider kinderopvang van Skar, zagen drie jaar geleden dat de overgang voor veel peuters een enorme stap was. Ze kregen daarnaast ook van ouders de indruk dat de wens voor zo’n groep bestond. ‘Dan is het ondernemerschap en creatief nadenken. Bij het maken van een plan hebben we ook het bestuur en de GGD betrokken. We dachten: het moet toch gewoon kunnen? Misschien wel een beetje naïef: we hebben pas de gemeente om toestemming gevraagd, toen we een plan hadden liggen. Soms moet je een beetje durven en de randjes opzoeken.’

Visie

Al is het uitwerken van zo’n plan in de praktijk niet altijd eenvoudig: het is inmiddels al negen keer herzien. Ze merkten bijvoorbeeld dat ze al snel tegen een te hoog groepsaantal aanliepen. ‘Bovendien kost de groep geld dat je eigenlijk niet hebt: er staat één leraar op slechts acht kleuters.’ Ook voor het kinderdagverblijf is het een investering. ‘Maar uiteindelijk is het de visie die steeds boven komt drijven, waardoor je ermee doorgaat.’

Pilotgemeente

Diezelfde visie is misschien wel dé factor geweest waarom ook de gemeente ervoor open stond. Marieke Prinssen, beleidsmedewerker bij de gemeente Lingewaard: ‘In het beleidsplan Sociaal Domein is opgenomen dat we willen werken vanuit de bedoeling: dat we de leefwereld van de inwoners centraal willen zetten. De combinatiegroep past bij deze visie omdat we de ontwikkeling van kinderen centraal zetten, en niet zozeer het systeem.’ Wethouder Nick Hubers vult aan: ‘Als je kijkt vanuit het perspectief van het kind, wil je die een naadloze overgang geven: aan de ene kant een zachte landing en aan de andere kant een rustige start. Ook kunnen eventuele achterstanden bij kinderen vroeg gesignaleerd worden. Als we een pilotgemeente kunnen zijn – noem het vooruitstrevend – dan kunnen andere gemeentes bij ons aankloppen. Maar ik denk dat het moet beginnen bij schoolbesturen.’

Eindverantwoordelijk

De tijdsinvestering neemt de gemeente graag voor lief. Marieke Prinssen: ‘We hebben de visie voor ogen. Je gaat dit samen aan, en hebt elkaar ook nodig.’ De gemeente is eindverantwoordelijk, vertelt Prinssen. Op basis van de bevindingen en het voldoen aan de verwachtingen hebben ze de combinatiegroep structureel mogelijk gemaakt. De gemeente legt vanuit die positie ook verantwoording af bij de onderwijsinspectie.

Plan van aanpak

Prinssen merkt dat veel meer gemeentes interesse hebben. Hoe dat komt? ‘Ik denk vanuit de kansen die iedereen ziet. Dat het vanuit de praktijk blijkt dat hier behoefte aan is, dat het lastig is, maar dat het toch wel kan’. Wat echt helpt, volgens haar: ‘De Abacus had een goed plan van aanpak. Ook al wordt dat vaak aangepast – het is fijn om te hebben, omdat je weet dat er draagvlak is op alle niveaus.’ Verder tipt ze: Betrek ook de GGD erbij. Ook al kijken zij er anders tegenaan, zij zien ook dat er vanuit de praktijk behoefte is aan dit soort ontwikkelingen. Als je daarover het gesprek met elkaar aangaat, dan kan het zeker wel iets moois opleveren.’

Breder trekken

Jurgens hoopt dat er lange-termijn mogelijkheden zullen zijn om de peuter-kleutergroep betaalbaar te houden. Door het breder te trekken en zijn positieve onderbuikgevoel erover ’te kunnen onderbouwen’, hoopt hij dat er meer mogelijk gaat worden. Het IKC heeft onderzoeksbureau Edux opdracht gegeven om uit te zoeken wat de succesfactoren zijn, en binnenkort gaan ze ook mee doen aan een lopend onderzoeksproject van de Universiteit Utrecht. Edux maakte een white paper waarin positieve aspecten van de groep staan beschreven, zoals: meer ruimte voor een aanpak op maat en minder verlies van informatie bij de overgang. Met het onderzoek van de UU hoopt Jurgens op nóg meer onderbouwing, want: ‘Met de white paper hebben we een basis gelegd, maar op deze schaal heeft het helaas nog geen wetenschappelijke waarde.’ 

Tweede kind

Dat onderbuikgevoel – dat een combinatieklas een meerwaarde is voor peuters en kleuters – dwong Jurgens om het project steeds van alle kanten te bekijken. Ouders uit de IKC-Raad waren bijvoorbeeld enorm kritisch, en wilden weten wat de meerwaarde was. Inmiddels zijn ook die ouders enthousiast en schrijven ze een tweede kind soms ook alvast bij de Stokstaartjes in. Jurgens: ‘We hebben echt de pm’ers en leerkrachten nodig gehad om het stevig neer te zetten. De praktische uitwerking is bijna in z’n geheel op de werkvloer bedacht. Een mooi idee krijgt handen en voeten door de mensen eromheen.’

Keuze

Allerlei redenen kunnen volgens Jurgens leiden tot de keuze – want dat is het – voor de combinatieklas. Hij benadrukt dat het zeker niet alleen om peuters met een voorsprong gaat: ‘We kijken echt naar de vloeiende overgang. Dat kan om verschillende redenen zijn: een kleinschalige groep, meer uitdaging, of voor sommige kleuters juist net wat meer herhaling. De ouders die voor deze groep kiezen, doen dat bewust. Zij gaan bijvoorbeeld voor de veiligheid, of voor het overzichtelijke. De redenen lopen uiteen – en dat willen we graag zo houden.’ Naast de combinatiegroep heeft De Abacus nog twee ‘reguliere’ kleutergroepen.

Vanzelfsprekend

De directeur zou graag zien dat scholen in de toekomst vanuit de overheid het vertrouwen krijgen dat ze iets doen, omdat het bij de ontwikkeling van de kinderen past. Jurgens verwondert zich erover dat het bestaan van een combinatiegroep zó vanzelfsprekend voelt, maar vanuit de wet zo ‘dichtgetimmerd zit’: ‘Ouders zeggen ook: het klópt allemaal voor ons. Dat het klopt, zien wij aan de kinderen. Maar als ook ouders dan zo overtuigd zijn, moet je de kansen pakken om het te onderbouwen. Zodat het een vanzelfsprekend onderdeel van het IKC wordt. Een combinatiegroep gun je eigenlijk ieder kind.’

Heb je je al ingeschreven voor de gratis nieuwsbrief van Zosja? Zosja is het online platform dat je helpt om toe te werken naar een IKC of jouw IKC klaar te maken voor de toekomst. Zosja levert je nieuws, duiding, achtergronden, tools en inspiratie over de wereld van de IKC’s.

Bekijk hier het whitepaper dat door EDUX is gemaakt in opdracht van IKC De Abacus.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.