Blog Jolanda Rikers – Minder kinderopvang, minder geboortes

Dat de bezuinigingen van de overheid slecht zijn voor kinderopvangbranche, wisten we al. Maar dat het afnemend aanbod van kinderopvang een negatief effect heeft op het aantal geboortes, is relatief onbekend.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Blog Jolanda Rikers - Minder kinderopvang

Tijdens de laatste directeurenconferentie bdKO onderbouwde Gijs Beets, affiliated onderzoeker verbonden aan het NIDI (Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut), deze stelling met concrete onderzoeksresultaten.

Hij begon zijn presentatie met een grafiek waarop mooi te zien is dat in Nederland al een eeuw lang ongeveer 150 duizend kinderen per jaar geboren worden, met uitzondering van twee decennia na de Tweede Wereldoorlog toen er een babyboom was. Om de bevolking op peil te houden moeten dus meer kinderen geboren worden. Dit kan door kinderopvang te stimuleren, aldus Beets. Met een kaart van Nederland toonde hij aan dat in regio’s waar minder kinderopvang is, minder kinderen worden geboren. Oftewel, concludeerde hij, als de overheid de vergrijzing wil tegengaan, moet ze vooral niet bezuinigen op de kinderopvang.

Ook gaf hij aan dat ongeveer de helft van de Nederlandse vrouwen pas kinderen krijgt na hun dertigste. Dat is erg laat in vergelijking met andere landen. ‘Wij zijn wereldkampioen in laat kinderen krijgen’, zei hij. ‘Nederland scoort echter laag op tienerzwangerschappen en abortussen’, vulde hij aan. Dit alles komt omdat vrouwen in dit land al op jonge leeftijd zich bewust zijn van de consequenties van het hebben van kinderen. ‘Wij plannen onszelf goed’, zei Beets gekscherend. ‘Wij plannen de kinderen tussen het werk en andere projecten door.’


‘Als de overheid de vergrijzing wil tegengaan, moet ze vooral niet bezuinigen op de kinderopvang’

Onzekerheid is hierbij een boosdoener, merkte de demograaf op. ‘Onzekerheid drukt het aantal geboortes. Mensen willen dan wel een kind, maar stellen het krijgen van kinderen uit omdat ze onvoldoende zekerheid hebben of ze het kind kunnen laten opgroeien zoals ze willen.’ Je krijgt dan een verschil tussen het ‘gerealiseerde kindertal’ en ‘gewenste kindertal’. In Nederland worden daardoor minder kinderen geboren.

Zoals we allemaal weten, zorgt de overheid in Scandinavië wel voor goede kinderopvang. Gevolg hiervan is dat vrouwen er vroeger kinderen krijgen en het ‘gerealiseerde kindertal’ gelijk is aan het ‘gewenste kindertal’. Dit is wat anders dan het jojo-systeem van onze overheid. De ene keer is er geld en het jaar erop wordt er flink bezuinigd. Dit dempt het aantal geboortes.

Tja,  ligt de oplossing nu bij de overheid of bij de kinderopvangondernemingen?

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.