Samenwerken: de meest vergaande modellen

Samenwerken is soms één stap vooruit en twee stappen terug. Maar het is wel de basis voor succes van ieder kindcentrum. Dit is de derde van een reeks artikelen waarin adviseur Job van Velsen praktische en oplossingsgerichte ervaringen uit de dagelijkse praktijk van kindcentra deelt.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Foto SKBNM

In mijn vorige artikel over samenwerking noemde ik al de vier modellen of samenwerkingsniveaus, Stand alone, Face to Face, Hand-in-Hand en All-in-one. In dit artikel ga ik in op de modellen Hand-in-Hand en All-in-one, de twee meest vergaande vormen van samenwerking.

Hand-in-hand

Een doorgaande lijn van 0-12, peuters en kleuters die misschien wel bij elkaar op bezoek gaan en samen spelen, leren en ontdekken op een gezamenlijk leerplein. Werken als één team van professionals, ook al heb je als leerkracht nog een andere werkgever dan je collega van de kinderopvang. De schoolbestuurder die het prima kan vinden met de directeur/bestuurder van de Stichting Kinderopvang en die regelmatig overleg hebben met elkaar over inhoudelijke en organisatorische zaken betreffende het kindcentrum. Een breed aanbod, onder en na schooltijd, een gezamenlijke teamborrel en ook één Sinterklaas in december. Ik denk dat Hand-in-Hand veruit het meest populaire model van een IKC of kindcentrum is. Ik ben het serieus van plan om dit te gaan onderzoeken begin 2021.

Heb je je al ingeschreven voor de gratis nieuwsbrief van Zosja? Zosja is het nieuwe online platform dat je helpt om toe te werken naar een IKC of jouw IKC klaar te maken voor de toekomst. Zosja levert je nieuws, duiding, achtergronden, tools en inspiratie over de wereld van de IKC’s. Voor een gratis abonnement, klik hier.

Springplank

Wellicht herken je zelfs je eigen praktijk in dit model? Hand in hand, maar je kan het handje ook weer loslaten. Met andere woorden, iedereen is op alle niveaus enthousiast, maar om allerlei redenen is dit voorlopig een samenwerking die ver genoeg gaat. En ik moet zeggen, met deze samenwerking kun je voor kinderen en hun ouders inhoudelijk en organisatorisch heel veel betekenen. Je zit samen onder één dak en er is een duidelijk aanspreekpunt binnen het kindcentrum. De samenwerkingsovereenkomst die bij dit model vaak wordt gebruikt, biedt voldoende borging voor continuïteit, mits deze zorgvuldig en op maat is uitgewerkt. Ook als een enthousiaste of ambitieuze directeur/bestuurder zou vertrekken. En Hand-in-Hand kan, zeker als de processen goed lopen, een springplank zijn richting het meest vergaande model, All-in One.

All-in-one

Bij het model All-in-one verdwijnen de grenzen tussen onderwijs en opvang. Er wordt gewerkt met één team. Het grootste verschil met het model Hand-in-Hand is dat er sprake is van een vergaande bestuurlijke samenwerking. Er wordt een juridische entiteit opgericht onder één naam en onder één leiding. En met één raad van toezicht in plaats van twee.

De leiding van de nieuwe organisatie kan bestaan uit een algemeen directeur, een directeur kinderopvang en een directeur onderwijs. Maar ik ken ook een voorbeeld waarbij alle IKC-locaties die onder de nieuwe organisatie vallen, simpelweg verdeeld zijn over de voormalig directeur van de kinderopvang en de voormalig bovenschools directeur onderwijs. Er wordt dus ook in de volle breedte van onderwijs en opvang aangestuurd en niet meer apart vanuit twee organisaties.

Nieuw elan

De oorspronkelijke naam van de beide organisaties, schoolbestuur en kinderopvangorganisatie, gaat overboord. Alleen dat al is een mooi traject dat – zo ervaar ik – met zorgvuldigheid, enthousiasme en een soort nieuw elan opgepakt wordt; vaak met betrokkenheid van de werknemers. Al het personeel is vervolgens in dienst bij dezelfde organisatie, ze krijgen eenzelfde kerstpakket en ze voelen zich één. Onderschat de waarde daarvan niet! Al moet er ook binnen deze constructie altijd een aparte poot of stichting voor kinderopvang en een aparte stichting voor onderwijs blijven. Maar die hebben dan geen andere naam binnen de nieuwe organisatie dan de stichting onderwijs en de stichting opvang. Niet zichtbaar voor medewerkers, ouders, kinderen, wel voor de belastingdienst en de inspectie.

Hybride modellen

Inhoudelijk hoeft dit model op de werkvloer zich niet te onderscheiden van het model Hand-in-hand. Dat model gaat immers al ver in samenwerking. Zo ken ik ook situaties waar sprake is van een bestuurlijk All-in-one model die nog een vertaling moet krijgen op de werkvloer. Met andere woorden: daar moet de inhoudelijke vertaling nog verder gerealiseerd worden.

Natuurlijk zijn er ook hybride modellen die wellicht niet in een model te vangen zijn of die juist een heel specifiek leer- en ontwikkelconcept hebben. Dat hoeft ook niet automatisch een All-in-one model te zijn; dergelijke tussenvormen vind je ook bij het Hand-in-Hand model.

Geen blauwdruk

En welk model je ook kiest, er is geen blauwdruk, en ook geen áller- állerbeste model. Het gaat er immers om dat de samenwerking meer gaat opleveren dan de som der delen: kinderen en hun ouders die wat gaan merken van de samenwerking. Als dat niet gebeurt, is dat zonde van de energie, tijd en geld en is het tijd om je doelen bij te stellen. Maar het voordeel van welk model dan ook, is dat het je helpt verwachtingen en visie scherp en vooral gelijk te krijgen. Ze maken samenwerking concreet. Zodat je daarna, het leukste eigenlijk, met elkaar tot acties kunt overgaan.

Voorbeelden

Ben je benieuwd naar voorbeelden? Bij ieder model is vanzelfsprekend een aansprekend voorbeeld te vinden. Als ik die hier zou noemen dan doe ik anderen weer tekort, maar mail me gerust als je op zoek bent naar al dan niet specifieke voorbeelden van een IKC. Hou er wel rekening mee dat in deze ellendige Coronatijd een bezoek natuurlijk even wat lastiger is.

Het goede nieuws is dat we met de PO-Raad, VNG, Brancheorganisatie Kinderopvang, Branchevereniging Maatschappelijke opvang en Sociaal Werk Nederland aan de slag gaan om, richting Landelijke IKC dag op 17 september 2021 een aantal aansprekende voorbeelden op video vast te leggen. Via Zosja houden we je daarover op de hoogte.

Dit is het derde deel van serie. In het eerste deel stond de vraag centraal hoe je de samenwerking in een IKC concreet maakt. Het tweede deel ging over de keuze van een model voor samenwerking. In het laatste artikel, dat binnenkort verschijnt, wil Job van Velsen terugkeren naar de oervorm van het IKC: de brede school. Deze kan zich kan verheugen op een revival en in een 2.0 versie. Ook biedt hij in dat artikel een overzicht van alle behandelde modellen, inclusief een aantal belangrijke indicatoren per model.

 

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.