Randstad kan tekenen van herstel voelen

De omzet van kinderopvangorganisaties daalt het komende jaar gemiddeld nog met 2 procent. Maar de regionale verschillen zijn groot. Kinderopvangorganisaties in de grote steden in de Randstad kunnen het komende jaar als eerste een aantrekkende vraag naar kinderopvang gaan voelen.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Randstad kan tekenen van herstel voelen
Foto: ANP

Dit voorspelt het economisch bureau van ING. Analisten van ING duiken regelmatig in de kansen van verschillende sectoren, zo ook in die van de kinderopvangbranche. Voor het komende jaar verwacht de bank nog geen herstel. De slechtste jaren liggen achter ons, maar het herstel verloopt moeizamer dan veel ondernemers, maar ook de overheid, hadden gedacht.

Minder krimp

De krimp wordt wel geleidelijk minder. In het eerste kwartaal bedroeg de krimp in de kinderopvang nog 5 procent ten opzichte van hetzelfde kwartaal een jaar eerder. In het tweede kwartaal was de krimp 3 procent en in het derde kwartaal 2 procent. Voor 2015 is de kinderopvangtoeslag geïndexeerd, wat betekent dat ouders iets meer terugkrijgen dan in 2014. Verder loopt het recht op kinderopvangtoeslag voor ouders die hun baan verliezen in 2015 en 2016 zes maanden door in plaats van drie.

Meevallers kabinet

Het kabinet schat de uitgaven aan kinderopvangtoeslag al jaren veel te hoog in. Wat overblijft zijn grote meevallers op de begroting. Toch tekent zich voor dit jaar hetzelfde scenario af. Het kabinet heeft voor de komende jaren een lichte toename van uitgaven aan de kinderopvangtoeslag geraamd.  Gezien de verwachting dat ook 2015 niet het jaar van het herstel gaat worden, kan het ministerie van Sociale Zaken opnieuw rekenen op een flinke meevaller.

Informele opvang

De ING-analisten zien dat een bezuiniging op de kinderopvangtoeslag direct invloed heeft op de behoefte van ouders aan formele kinderopvang. Ouders hebben zich ingesteld op minder uren formele opvang en de inzet van bijvoorbeeld opa en oma (informele opvang). Die gewoonte verandert niet zomaar, sterker nog, ouders die gewend zijn minder of geen formele opvang af te nemen, zullen dat voor een daaropvolgende kinderen ook niet doen. Het onvoorspelbare overheidsbeleid moedigt ouders, volgens de ING-analisten, ook niet aan om voor formele opvang te kiezen.

Bso’s

Het imago is dat kinderopvang ‘duur’ is. Dat vertaalt zich ook naar de grote vraaguitval onder lagere inkomens (ouders die tot anderhalf keer modaal verdienen). De vraag naar kinderopvang liep in die groep terug van 34 procent naar 27 procent. De ING-analisten verwachten dat vooral de bso het de komende jaren nog zwaar zal hebben. Het aantal basisschoolleerlingen neemt tot en met 2017 nog met 1 procent per jaar af. Ook de verminderde doorstroom van kinderen van dagopvang naar de bso zal een probleem zijn.

Ontgroening

Opvallend zijn de regionale verschillen. Voor Amsterdam, Utrecht en grote steden in Zuid-Holland verwachten de analisten dit jaar al de eerste tekenen van herstel. Dat komt ook door de grote economische concurrentiekracht. Buiten de Randstad ervaart de kinderopvang meer concurrentie van informele opvang door opa en oma. De fysieke afstand tussen grootouders en ouders is er vaak geringer en er is sprake van ontgroening.

De ING-analyse laat zien dat de kinderopvang ondanks vraaguitval nauwelijks heeft ingeleverd aan capaciteit. Dat baart de analisten enigszins zorgen. Lees hier waarom >>

Bekijk hier de Update Kinderopvang van ING Economisch Bureau >>

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.