Kwaliteit dagopvang: emotionele kwaliteit stijgt het hardst

De kwaliteit van de kinderdagopvang in Nederland stijgt al jaren op rij. Metingen uit 2017 tot en met 2019 laten zien dat de kwaliteit zelfs boven het hoge niveau van 1995 ligt. Vooral de emotionele kwaliteit stijgt, blijkt uit de Landelijke Kwaliteitsmonitor Kinderopvang 2019.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
AdobeStock

Van 2017 tot en met 2020 wordt de kwaliteit jaarlijks gemeten met de Landelijke Kwaliteitsmonitor Kinderopvang (LKK). De recent verschenen derde meting van de LKK laat zien dat de Nederlandse kinderopvang significant hoger scoort dan in 2012, en zelfs behoort tot de beste van Europa. Maar er zijn ook aandachtspunten.

Emotionele kwaliteit stijgt het hardst

De grootste kwaliteitsstijging betreft de emotionele kwaliteit, zoals de sfeer op de groep, de sensitiviteit van de medewerker, de mate waarin deze kindvolgend te werk gaat en kinderen kan ondersteunen in het reguleren van hun gedrag. Dit weerspiegelt een sterke nadruk op de emotionele veiligheid en het belang van een goede, positieve gehechtheidsrelatie tussen pedagogisch medewerkers en kinderen.

Educatieve kwaliteit aan lage kant

Het ondersteunen en stimuleren van de brede ontwikkeling van kinderen blijkt echter nog steeds een aandachtspunt. Hoewel de educatieve kwaliteit is gestegen, blijft deze gemiddeld genomen aan de lage kant. De stijgende educatieve kwaliteit is vooral terug te zien in een relatief rijk taalaanbod met veel verbale interacties (bijv. benoemen van objecten/handelingen, vragen stellen en gesprekjes voeren). De aandacht voor de cognitieve ontwikkeling en het stimuleren van het samenspel van kinderen lijkt onderbelicht.

Kwaliteit babyopvang

Op basis van het beschikbare onderzoek blijkt de kwaliteit van de opvang voor baby’s in Nederland beter dan in andere landen. Met betrekking tot de sfeer in de groep, de mate waarin affectie wordt getoond en sensitief wordt gereageerd op de behoeften van baby’s scoort Nederland relatief hoog (hoger dan een 5) in vergelijking met België, Portugal en de Verenigde Staten. De mate waarin baby’s ondersteund worden in hun exploratiegedrag en gestimuleerd worden in hun brede ontwikkeling scoort lager dan de emotionele kwaliteit en blijft daarmee in de middenrange, maar nog altijd hoger dan bevindingen uit België en Portugal laten zien.

Kwaliteit peuteropvang

De emotionele kwaliteit voor peuters blijkt in Nederland hoger dan in België, Portugal, Zwitserland en de V.S. en scoort daarmee voldoende tot goed. Deze scores zijn vergelijkbaar met gegevens uit Denemarken en Polen. De educatieve kwaliteit is in Nederland hoger dan in België, Portugal, Polen en een studie uit de V.S. en vergelijkbaar met gegevens uit Zwitserland.

Kwaliteitsmetingen

Sinds 1995 zijn er meerdere, landelijke representatieve kwaliteitsmetingen gedaan in de kinderdagopvang, voor kinderen van 0 tot 4 jaar. Vanaf 2017 voert de Landelijke Kwaliteitsmonitor Kinderopvang deze metingen uit in opdracht van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW). Hierbij is grotendeels gebruik gemaakt van dezelfde meetinstrumenten waardoor een vergelijking over de tijd gemaakt kan worden.

Van 1995 tot nu

De analyse van de ontwikkelingen in de kwaliteit van de kinderopvang is een nieuw onderdeel van de LKK-rapportage. Voor de kinderdagopvang betreft deze analyse een periode van 25 jaar aangezien de eerste kwaliteitsmeting in 1995 plaatsvond.

Tot 2001 tonen de resultaten uit verschillende metingen dat de kinderopvangdagopvang vanaf 1995 van goede kwaliteit is, vooral wat betreft de inrichting van de ruimte, de meubilering en de interactiekwaliteit. In 2001 is over de hele linie een kwaliteitsdaling te zien, vooral wat betreft de kwaliteit van het taalaanbod en de kwaliteit van de materialen en het activiteitenaanbod. Die laatst genoemde scoren zelfs onvoldoende. Een mogelijke verklaring daarvoor is de sterke toename van het aantal kindplaatsen (van 59.000 in 1995 naar 93.000 in 2001).

Kwaliteitswetten

Vanaf 2005 worden er verschillende wetten aangenomen om de kwaliteit van de kinderopvang te garanderen. Sinds 2008 stijgt de kwaliteit van de kinderopvang. Het gaat dan om de kwaliteit van de omgeving, zoals de inrichting van de ruimte en materialen, als ook de kwaliteit van de interacties tussen pedagogisch medewerkers en kinderen.

Terug aan de top

In 1995 stond Nederland aan de top met betrekking tot de kwaliteit van de kinderopvang en de huidige gegevens laten zien dat Nederland, na een lange en diepe dip, weer terug is op deze toppositie. Nederland scoort hoog in vergelijking met de Verenigde Staten en omringende Europese landen, waaronder ook Scandinavische landen zoals Noorwegen en Denemarken.

Kindplaatsen

De uitbreiding van de kinderopvangsector gaat door vanaf 2010 met een hoogtepunt van meer dan 215.000 kindplaatsen in de dagopvang en ruim 250.000 plaatsen in de buitenschoolse opvang in 2011. Vanaf 2012 stabiliseert de capaciteit voor dag- en buitenschoolse opvang en vanaf 2017 is er weer een lichte stijging naar ruim 280.000 kindplaatsen in de dagopvang en bijna 300.000 plaatsen in de buitenschoolse opvang begin 2019. De harmonisatie van peuterspeelzaalwerk en kinderdagopvang kan een mogelijke verklaring zijn voor de stijging in de dagopvang.

Steekproef LKK

In lijn met de gevraagde onderzoeksopzet, zijn in 2017, 2018 en 2019 tezamen observaties verricht en interviews uitgevoerd in 93 groepen voor kinderdagopvang, 99 groepen voor kortdurende peuteropvang, 96 groepen voor buitenschoolse opvang en 137 gastoudergezinnen: in totaal 425 onderzoekseenheden.

De groepen in de kinderdagopvang betroffen zowel ‘horizontale’ groepen met alleen baby’s of alleen peuters, als ‘verticale’ groepen met zowel baby’s als peuters. De steekproeftrekking is uitgevoerd volgens een gestratificeerd steekproefmodel om representatieve spreiding over regio’s, urbane en rurale gebieden, en grootte van de opvanglocaties te garanderen.

Respons

De positieve respons was 12 procent voor de gastouderopvang, 33 procent voor de kinderdagopvang, 37 procent voor de buitenschoolse opvang en 52 procent voor de peuteropvang. Er zijn in totaal ruim 1100 gastouders benaderd, 281 kinderdagopvanggroepen, 259 buitenschoolse opvanggroepen en 192 peuteropvanggroepen.

Professionalisering pm’ers

Staatssecretaris Tamara van Ark schrijft in een brief aan de Tweede Kamer dat de sector trots mag zijn op dat het op dit moment tot de beste van Europa behoort. ‘Om het huidige kwaliteitsniveau te behouden en te verbeteren, is het belangrijk te blijven investeren in professionalisering van pedagogische medewerkers. Ik besef dat het met de huidige druk op de arbeidsmarkt voor kinderopvangvoorzieningen een uitdaging is goed gekwalificeerd personeel te vinden. Ik ondersteun daarom met enthousiasme de campagne “Kinderopvang dankzij jou” die het Arbeidsmarktplatform onlangs is gestart. Het biedt een mooie kans om goede en enthousiaste medewerkers voor de sector te behouden en nieuwe medewerkers te interesseren.’

Van Ark: ‘Uit de meting blijkt dat de ervaren werkstress in de sector aan de lage kant is. Ik krijg echter ook signalen uit de praktijk dat door de situatie op de arbeidsmarkt de werkdruk gestegen is. Samen met de sector werk ik nu verdere oplossingsrichtingen uit om de krapte aan te pakken. Hierover informeer ik uw Kamer in de eerste helft van dit jaar.’

Lees de Kamerbrief van Tamara van Ark >>

Bekijk de Landelijke Kwaliteitsmonitor Kinderopvang 2019 >>

Nederland is erg kritisch op de kwaliteit van de kinderopvang. ‘Misschien zijn we jarenlang iets te kritisch geweest’, zegt Paul Leseman, hoogleraar orthopedagogiek aan de Universiteit Utrecht. ‘De eerste kwaliteitsmeting in 1995 liet een hoge kwaliteit zien. De enorme uitbreiding en de marktwerking die volgden, zorgden vervolgens voor een daling. Maar sinds 2008 gaat het echt steeds beter.’ Lees meer

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.