Door nieuwe eisen VVE verandert ook het toezicht

In de regio Brabant-Zuidoost heeft GGD GHOR ervaring met toezicht op een ruim eisenpakket rond VVE. Nu ook landelijk de VVE-eisen worden uitgebreid, moeten inspecteurs in heel Nederland anders toezicht gaan houden op VVE. Wat houdt dit in en hoe bereid je je hier als houder op voor?

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Adobestock

Vanaf 1 juli 2018 gelden aanvullende eisen voor VVE. De voorschoolse educatie en de randvoorwaarden moeten verankerd zijn in het pedagogisch beleidsplan. Verder moeten pedagogisch medewerkers op VVE-groepen een aanvullend certificaat voor Voorschoolse Educatie in het bezit hebben en er moet een opleidingsplan voor beroepskrachten komen.

Eindhoven loopt voorop

GGD GHOR gaat hierop controleren. Zij houden al sinds 2010 toezicht op het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. Maar ook voor hen zijn de aanvullende eisen nieuw. In Eindhoven is de voor- en vroegschoolse educatie al in 2011 op de schop gegaan met als doel: 100 procent peuterbereik. De 45 voorschoolse voorzieningen werden uitgebreid tot 67, waarbij kinderen met en zonder VVE-indicatie bewust werden gemengd.

Gesprek met beroepskracht

Verone van Kilsdonk, toezichthouder Kinderopvang bij GGD Brabant-Zuidoost, vertelt in een artikel in Management Kinderopvang wat dit voor het toezicht betekende. ‘Wij controleren nu vooral door observatie. Op alle peutergroepen doen we dat zo’n halfuur, maar bij voorschoolse groepen wat langer. We houden een uitgebreid gesprek met de beroepskracht, wat typerend is voor ons nieuwe toezicht. We willen graag weten waarom een beroepskracht in situaties op een bepaalde manier handelt.’

Geen afvinklijstje

Moeten organisaties nu zenuwachtig worden van GGD-inspecties? Van Kilsdonk: ‘Nee, we gaan allemaal voor hetzelfde, een kwaliteitsslag. We zitten niet met een afvinklijstje, maar willen heel inhoudelijk weten hoe je voorschoolse educatie biedt, hoe je het kind volgt en hoe de contacten met school zijn voor de warme overdracht. We stellen dus veel hoe-vragen om de houder aan het denken te zetten.’

Overtreding

Stel dat het nog niet op orde is, wat dan? ‘Soms ontbreekt bijvoorbeeld nog een goede doorgaande leerlijn; daarover gaan we dan samen in gesprek. Het verschil met vroegere inspecties is dat de houders nu uitleggen waarom zij doen wat zij doen. Een overtreding in het rapport wordt ondersteund met hoor- en wederhoor.


In het artikel in Management Kinderopvang is meer te lezen over de Eindhovense aanpak en geeft Verone van Kilsdonk tips hoe je je als houder beter kunt voorbereiden op de nieuwe inspectie. Dit artikel is alleen leesbaar voor abonnees van Management Kinderopvang. Bekijk het artikel hier


Bekijk hier alle artikelen uit het maartnummer van Management Kinderopvang 2018

Auteur: Carla Overduin

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.