De inzet van productontwikkeling

Het vierde en laatste deel van de serie over marketing gaat het over je blijven onderscheiden en het zoeken naar nieuwe omzet door de ontwikkeling van nieuwe producten. Met productontwikkeling wil je bereiken dat dezelfde klanten nieuwe producten gaan kopen, of dat je nieuwe klanten bereikt. En op dit moment ben je waarschijnlijk al blij, als ouders nog langer bij je blijven.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
De inzet van productontwikkeling

Productontwikkeling heeft een ‘technische’ en een marketingkant. Het is in feite hetzelfde of software-ingenieurs discussiëren over de beste ontwikkeltaal voor een softwareapplicatie, of pedagogen over de beste VVE-methodiek voor taalontwikkeling. Het gaat hier om de technische ontwikkeling van een product. Er is sinds de Wet kinderopvang van 2005 veel geïnvesteerd in de technische ontwikkeling (kwaliteit) van kinderopvang, maar bijzonder weinig in de marketingontwikkeling. In acht jaar tijd ziet de aanbodkant van de kinderopvangmarkt er nog bijna identiek uit. Zo ervaren klanten het althans. Wat missen zij vooral, of wat ontvangen zij in onvoldoende mate?

Opvoedingsondersteuning

Voor hulp en ondersteuning bij het opvoeden kan een meerderheid van de ouders terugvallen op hun informele, persoonlijke netwerk. Van de ouders geeft tachtig procent aan met enige regelmaat met iemand uit hun sociale netwerk over de opvoeding te praten, of advies van diegene te ontvangen. Grootouders en vrienden zijn in dat opzicht belangrijke hulpbronnen voor ouders. Vooral ouders van jonge kinderen (tot vier jaar) ontvangen deze vorm van steun. Voor advies over de opvoeding en voor praktische ondersteuning kunnen ouders ook terecht in het formele circuit. Ze hebben hiervoor het vaakst contact met de kinderopvang, peuterspeelzaal en school. Instanties zoals het Centrum voor Jeugd en Gezin, het consultatiebureau, de huisarts en Bureau Jeugdzorg zijn minder in beeld als het gaat om opvoedingsondersteuning. Het lijkt erop, dat veel ouders behoefte hebben aan een vrij laagdrempelige opvoedingsondersteuning, buiten hun eigen sociale netwerk om.

Gemaksdiensten

Ouders besteden een aanzienlijk deel van hun tijd aan het vervoeren van hun kinderen naar activiteiten. Bij de activiteit zelf hoeft de ouder niet aanwezig te zijn, maar om het kind te brengen en te halen, moeten ouders er toch potentiële werktijd voor vrijmaken. Warme maaltijden en de kapper worden ook vaak genoemd in dit verband. Het kinderdagverblijf als logistiek knooppunt voor al je praktische zorgtaken in het jonge gezin. Inspiratie opdoen? Kijk dan eens op www.ah-afhaalpunt.nl. Bij tweeverdieners is de organisatie namelijk ingewikkeld op de dagen dat beide ouders werken. Met tijdregistratiesystemen zou je zelfs het gevreesde uurtje-factuurtje kunnen invoeren, waarbij het niet onwaarschijnlijk is dat dit juist leidt tot meer omzet.

Vrijetijdsbesteding

Vanaf twee jaar beginnen kinderen met televisiekijken en muziek op schoot, met drie jaar beginnen de computerspelletjes en peuterdans, vanaf vier jaar starten kinderen met zwemles of met muziekinstrumentjes, met vijf jaar mogen kinderen op voetbal, met zes jaar starten ze met spelactiviteiten en voorbereiding op drietalhockey, met zeven jaar gaat er een wereld open door de sterke ontwikkeling van spieren, coördinatie en conditie. Kinderen kunnen dan ook op blaasinstrumenten spelen. Dan begint het vervelen op de bso al, althans op de bso die onvoldoende structurele vrijetijdsbesteding biedt. Kinderen en ouders komen op een bepaald moment in een dynamiek terecht waarin vriend(innet)jes van hun kind een vorm van vrijetijdsbesteding gaan doen. Ze gaan daarin mee en zeggen steeds vaker de bso op. Waarom zou je als kinderopvangorganisatie dan ook niet het initiatief nemen om vrijetijdsbesteding structureel aan te bieden zoals de sport- en muziekverenigingen dat doen; dus elke dinsdag en dan het hele jaar door? Als je dat initiatief al vroeg neemt, door te beginnen met het aan peuters aan te bieden, maak je een serieuze kans om kinderen later aan je te binden.

Roze bril

Als je bij de afgelopen drie alinea’s dacht: maar dat doen wij toch?, dan heb je deze tekst zeer waarschijnlijk gelezen met een pedagogische ‘roze’ bril op. Je hebt de technische kant bekeken, maar niet de marketingkant. Met bovenstaande drie innovaties zou je namelijk toch zeker vijf tot tien procent boven op de bestaande omzet uit kinderdagverblijf en bso moeten kunnen realiseren en dat doe je waarschijnlijk niet. En daar begon dit artikel mee: zoeken naar nieuwe omzet. Wat dat betreft hoef je niet ver te zoeken naar productideeën, die zijn er al voldoende om een eerste slag te maken met je marketinggerichte productontwikkeling.

Productie en introductie

Nadat je alle aanwezige ideeën hebt verzameld, kun je met klanten in gesprek gaan om erachter te komen naar welke producten daadwerkelijk vraag is, welke te maken zijn en winstgevend zullen zijn. Daarna gaat een team van technische en marketingexperts aan de slag om het concept te ontwikkelen en te testen. Zie je het dan nog steeds zitten, ga dan aan de slag met een inschatting van het verkoopvolume en de verkoopprijs, bereken de winstmarge en het aantal verkochte eenheden waarop je winst gaat maken. Zien de cijfers er rooskleurig uit, dan gaat het in productie en volgt de introductie aan je klanten.

De productideeën in dit artikel veranderen nog niets aan de basisdienstverlening van kinderopvang. Ook daar liggen kansen voor echte, ingrijpende innovatie van de kinderopvang.

Foto:  Nationale Beeldbank

Laurent Lentz werkte als directeur bij Kindercentrum het Zonnetje, marketing- en verkoopmanager bij TintelTuin en regiomanager bij SKA (Amersfoort) en Korein Kinderplein. Laurent is bereikbaar op laurent@lentekoning.nl.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.