Competenties van IKC-medewerkers

Wat hebben toekomstige IKC-medewerkers nodig aan competenties? De samenwerkingsverbanden Kinderopvang en beroepsonderwijs Gelderland en Overijssel lieten het uitzoeken. Uitschieters zijn een onderzoekende houding en flexibiliteit. ‘Beide zijn heel goed aan te leren.’

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
ikc-medewerker
‘Het vak is aan het veranderen. Je moet kinderen kunnen coachen

Judith Kuiten was jarenlang docent op een ROC. Naast haar werk volgde ze een masteropleiding pedagogiek, leren en innoveren aan de Hogeschool van Amsterdam. Haar afstudeeronderzoek ging over de vraag: welke vaardigheden zijn nodig voor toekomstige ikc-medewerkers? Ze won er de Scriptieprijs Kinderopvang 2015 mee, uitgereikt door Het Kinderopvangfonds. Belangrijke vaardigheden voor IKC-medewerkers die ze vond zijn een integrale houding, interactief kunnen werken, basiskennis hebben van 0- tot 12-jarigen (‘en dat je daar ook over kunt communiceren’), flexibiliteit en het hebben van een onderzoekende houding. ‘Binnen een IKC is het vooral van belang dat je werk zich niet beperkt tot jouw groepsruimte of klaslokaal, maar dat je over de muren heen kijkt.’

Tot en met groep 8

Opdrachtgevers voor het onderzoek waren de samenwerkingsverbanden Kinderopvang en beroepsonderwijs Gelderland en Overijssel. Naar dit onderwerp werd al eerder onderzoek gedaan door PACT, met als uitkomst de ‘T-shaped professional’, maar daarbij was de insteek breder. ‘Zij betrokken ook brede scholen bij de onderzoeksvraag’, zegt Kuiten. ‘Ik heb me uitsluitend gericht op IKC’s.’

Met name flexibiliteit en een onderzoekende houding springen eruit, merkte de onderzoekster. ‘Als medewerkers geen onderzoekende houding hebben, hoe moeten kinderen die dan ooit vasthouden? Daaraan ontbreekt het in de praktijk nog heel erg. Flexibiliteit betekent: snel kunnen schakelen. Er zijn op IKC’s steeds meer combinatiefuncties, zoals een bso-medewerker die ook op de vroegschoolse opvang werkt, of een IB’er die zowel in het onderwijs als in de opvang wordt ingezet. Dan moet je flexibel zijn en makkelijk met iedereen kunnen communiceren.’ De gevonden vaardigheden sluiten aan bij de 21e-eeuwse vaardigheden waar onder andere SLO, nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling onderzoek naar heeft gedaan. Ook keek Kuiten naar internationale studies, en het onderzoek van PACT dat zich richtte op de vaardigheden voor professionals die met 0- tot 6-jarigen werken. De onderzoekster trok de leeftijd door naar 12-jarigen. ‘In een IKC kun je je niet beperken; het gaat juist om de doorgaande lijn.’

Koudwatervrees

Dat vindt ook Arjen Wientjes, voorzitter van de samenwerkingsverbanden Kinderopvang en beroepsonderwijs Gelderland en Overijssel. Als directeur van Zonnekinderen is hij al acht jaar bezig met de vorming van IKC’s, waarvan van de veertig locaties nu twaalf IKC zijn. Wientjes gelooft heilig in de toekomst van het IKC. In de branche wil hij met het samenwerkingsverband graag laten zien wat de voordelen zijn van een doorgaande lijn voor kinderen. In zijn dagelijkse praktijk ziet hij hoe belangrijk het is voor zowel toekomstige als bestaande medewerkers, om ze te coachen op de integrale benadering.

‘We merken dat onze medewerkers in hun eigen disciplines weliswaar expert zijn – in het werken met peuters, onderwijs geven, werken met leerproblemen – maar dat het leggen van de verbinding vaak de grootste uitdaging is. Vooral bij beginnende IKC’s zie je veel koudwatervrees.’ Het begint al op de ROC’s, waar jongeren kiezen voor PW3 of -4 met een achterhaald beeld voor ogen: baby’s verzorgen. Kinderen van 0 tot 12 jaar begeleiden is een totaal ander verhaal, benadrukt Wientjes. ‘Het vak is aan het veranderen. Je moet kinderen kunnen coachen, overleggen, samenwerken, thema’s opstellen; kortom de doorgaande lijn bewaken. Daarmee sluiten IKC’s aan op het recente Akkoord Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang dat de pedagogische omgeving centraal stelt. ROC’s en pabo’s moeten dat meer faciliteren.’

Pilot IKC-stages

Opnieuw in opdracht van de samenwerkingsverbanden Kinderopvang en beroepsonderwijs Gelderland en Overijssel zette Kuiten vorig jaar een pilot op, waarbij drie PW4-studenten stage liepen in verschillende IKC’s. Vooraf waren er strakke voorwaarden afgesproken. Zo werd de stagetijd evenredig verdeeld over kinderdagverblijf, naschoolse opvang en onderwijs. Daarnaast kregen de studenten een opdracht mee tot het doen van integraal onderzoek, om integraal te leren kijken, maar ook vanwege die zo gewenste onderzoekende houding. De uitkomsten waren interessant. ‘Het was natuurlijk leuk om te zien dat de benodigde vaardigheden uit mijn onderzoek ook in de praktijk worden herkend,’ zegt Kuiten, ‘maar vooral ook om te merken dat je die vaardigheden kunt stimuleren. Er wordt wel eens aan getwijfeld of mbo’ers onderzoek kunnen doen, terwijl dat prima bleek te kunnen. Net als kinderen hebben studenten het nodig dat hun nieuwsgierigheid geprikkeld wordt. Ze moeten zich competent en gesteund voelen. Als het onderwijs daarin voorziet kunnen studenten floreren, zoals we tijdens deze stages zagen.’

Bestaande medewerkers

Hoe zorg je ervoor dat niet alleen nieuwe, maar ook de bestaande medewerkers de gevraagde competenties verwerven? Het idee dat bestaande medewerkers zich moeilijk aanpassen berust op vooroordelen, zegt de kinderopvangdirecteur. ‘Laatst hebben we een peuterspeelzaal overgenomen, met pm’ers die er al jaren zitten. Ik heb gemerkt dat, wanneer je ze in contact brengt met ondernemende en jonge collega’s, er heel veel energie vrijkomt. Een organisatie moet mensen op hun talent aanspreken. Als je vertrouwen geeft, komt de ontvankelijkheid voor nieuwe dingen vanzelf.’ Zonnekinderen heeft een interne training ontwikkelingsgericht werken, die ervoor zorgt dat de ontwikkeling van kinderen gevolgd wordt van geboorte tot school. Een andere succesfactor is de eenhoofdige leiding van de IKC’s. ‘Bij ons zijn de directeuren in dienst van zowel de opvang als de school. Er wordt altijd geklaagd over barrières in de financiering, maar dat is te doen. Die ontschotting helpt bij het kweken van nieuwe competenties. Als medewerkers te maken hebben met drie verschillende managers voordat ze iets kunnen neerzetten, schiet het niet op.’

Out of the box-opleiding

Met haar bureau Kuiten & Partners ontwikkelt Judith Kuiten nu zelf een specialistische opleiding voor mbo en hbo, voor pm’ers en leerkrachten. Haar bureau richt zich in eerste instantie op bestaand personeel. ROC’s reageren, onvermijdelijk vanwege hun omvang, langzaam op veranderingen in de branche, zegt Kuiten. Daarom is het de bedoeling dat haar lesmateriaal straks ook gebruikt kan worden door het beroepsonderwijs. ‘Met een kortdurend totaaltraject kun je de IKC-vaardigheden veel sneller implementeren.’ De opleiding komt zonder subsidies tot stand en is onderwijskundig goed onderbouwd. ‘Hij wordt erg out of the box, helemaal volgens de IKC-gedachte.’

Als de overheid ter ondersteuning van IKC’s werk wil maken van een levenslange leercyclus voor alle pm’ers, moet ze daarvoor geld vrijmaken, vindt Wientjes, bijvoorbeeld via de BKK. Intussen is er een groeiend lesaanbod gericht op IKC’s, van keuzevakken en afstudeerrichtingen tot compleet nieuwe opleidingen, opgezet door samenwerkingen van ROC’s en hbo’s. Het gevaar bestaat dat iedereen het wiel gaat uitvinden, meent de directeur. Daarom proberen de samenwerkingsverbanden Kinderopvang en Beroepsonderwijs Gelderland en Overijssel de groei van nieuwe opleidingen in de regio te stroomlijnen. ‘Bestaande opleidingen hoeven niet helemaal op hun kop, als ze maar aandacht besteden aan integraliteit en interdisciplinair werken, bijvoorbeeld met speciale IKC-stages.’

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.