Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

‘Bij kindcentra kan de opvang buitenspel komen te staan’

Bert Bukman
Gijs van Rozendaal, voorzitter van de Regiegroep Kindcentra 2020, maakt zich zorgen over de positie van de opvang bij de vorming van kindcentra. De sector is volgens hem te weinig aangehaakt bij nieuwe plannen, onder meer van de politiek. ‘Ik zou willen zeggen: word eens wakker! Overal wordt overlegd over de toekomstige inrichting van het stelsel; zorg dat je erbij bent.'

‘Een betere samenwerking tussen opvang en onderwijs is een voorwaarde als we serieus werk willen maken van brede talentontwikkeling. Alleen al om praktische redenen. Als de kinderen na hun schooldag pas rond half vier naar de bso worden gebracht en de eersten om half vijf alweer worden opgehaald, dan kon je amper toe aan brede talentontwikkeling.’

Dat zegt Gijs van Rozendaal. Hij is voorzitter van de Regiegroep Kindcentra 2020, een samenwerkingsverband van bestuurders uit de kinderopvang, het primair onderwijs, de jeugdhulp en het gemeentebestuur.

Helft van de scholen

De regiegroep stimuleert de ontwikkeling van kindcentra (‘Liever zonder de term integraal, dat klinkt zo blauwdrukachtig’), die volgens Gijs van Rozendaal onomkeerbaar is. Als de trend zich doorzet zal naar verwachting volgend jaar al bijna de helft van de scholen in de richting van een kindcentrum willen gaan.

Maar er is een gevaar, voegt hij hieraan toe, en dat is dat de kinderopvang buitenspel komt te staan. ‘Gelijkwaardigheid van onderwijs en kinderopvang is van het grootste belang. Elke sector heeft zijn eigen kenmerken en kwaliteiten. Het onderwijs is didactisch sterk, terwijl de opvang juist goed is in het stimuleren van welbevinden en van brede talentontwikkeling. Dat zijn andere competenties, die je beide moet koesteren. Maar dan moet er wel een balans zijn.’

Geen peuters toetsen

Een verschoolsing van de kinderopvang wil Van Rozendaal voorkomen. ‘We willen geen verlengde schooldag, en ook geen peuters toetsen die 2 of 3 jaar oud zijn. Welbevinden is voor ons juist een belangrijk onderdeel van de schooldag. Maar het gevaar bestaat dat schoolbestuurders onder druk van de omstandigheden of simpelweg vanwege marktaandeel zelf een kinderopvang gaan beginnen. Dat moeten we voorkomen, want daarmee gaat veel waardevolle expertise verloren. Dan wordt de kinderopvang leverancier van de school in plaats van een evenwaardige partner.’

Heb je je al ingeschreven voor de gratis nieuwsbrief van Zosja? Zosja is het nieuwe online platform dat je helpt om toe te werken naar een IKC of jouw IKC klaar te maken voor de toekomst. Zosja levert je nieuws, duiding, achtergronden, tools en inspiratie over de wereld van de IKC’s. Voor een gratis abonnement, klik hier.

Tegelijkertijd moet je vaststellen dat scholen in de samenwerking met de kinderopvang een steviger positie innemen. ‘Dat heeft met een aantal zaken te maken. Om te beginnen is er een leerplicht, terwijl er geen kinderopvangplicht is. Verder is voor de meeste ouders de school nog altijd de pedagogische autoriteit. Dat is aan het veranderen, maar dat gaat niet zo snel. En ten derde is het bestaande praktijk dat de kinderopvang zich bij de totstandkoming van een kindcentrum in het gebouw van de school vestigt en niet andersom.’

Dat zijn allemaal logische en verklaarbare ontwikkelingen, maar het risico bestaat dat de kinderopvang op het tweede plan komt te staan. ‘Dan krijg je zoiets van: jij mag bij mij op school de opvang doen, en als ons dat niet bevalt voor jou een ander.’

Tekort aan leerkrachten

Onderwijsorganisaties kunnen het echter niet meer af, aldus Gijs van Rozendaal. ‘Er is aan alles een tekort, bijvoorbeeld aan leerkrachten. In een kindcentrum los je dat vaak soepel op met een team dat ook uit onderwijsassistenten en pm’ers bestaat. Maar nogmaals: dat werkt alleen als je de samenwerking aangaat met bestaande kinderopvangorganisaties. Als je zelf overhaast een opvang gaat inrichten, is het vragen om problemen.’

Politiek staat de toekomst van de kinderopvang al geruime tijd op de agenda, en met de naderende verkiezingen voor de Tweede Kamer neemt die aandacht alleen maar toe. ‘De partijen die al een verkiezingsprogramma hebben, willen allemaal verder in de samenwerking tussen scholen en kinderopvang. En voor de partijen die dat nog niet hebben, zoals CDA en VVD, verwacht ik hetzelfde. Minister Wiebes van Economische Zaken zei nog niet zo lang geleden in de talkshow van Eva Jinek dat het tijd is voor een reset van de kinderopvang.’

Voorkom koude sanering

Dat laat onverlet dat de politiek zich onvoldoende bewust is van de noodzaak van een goede transitiestrategie, zodat een koude sanering van de kinderopvang wordt voorkomen. ‘Daarom hebben wij als regiegroep vorig jaar al een brandbrief gestuurd naar de commissies SZW en OCW.’

Momenteel wordt door de betrokken ministeries doorgedacht over de vormgeving van kinderopvang en de relatie tot het onderwijs. Dit gebeurt in de zogeheten Scenariostudie vormgeving kindvoorzieningen (SVK). Er wordt een aantal scenario’s’ uitgewerkt, van het optimaliseren van het huidige systeem tot een volledig nieuwe inrichting van opvang en onderwijs.

Er is voor deze SVK te weinig aandacht, meent Van Rozendaal. ‘Het gaat om een fundamentele discussie. Ik zou tegen de sector willen zeggen: word eens wakker! Overal wordt overlegd over de toekomstige inrichting van het stelsel, zorg dat je erbij bent. De ontwikkelingen nemen een enorme vlucht, er is in toenemende mate ongeduld. Laat het je niet overkomen, zorg dat je erbij bent en kunt meepraten. Als je niets doet, gaan anderen het om je heen regelen.’

 

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.