Belastingdienst ziet geen overtreding van kinderrechten

De Belastingdienst heeft gereageerd op vragen van kinderombudsman Margrite Kalverboer. Het gaat over de langslepende rechtszaak van tientallen gezinnen wiens kinderopvangtoeslag in 2014 plotseling werd stopgezet. Kalverboer vindt dat de Belastingdienst heeft gehandeld in strijd met het Verdrag inzake de Rechten van het Kind. De Belastingdienst denkt daar anders over.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
ANP

Volgens de directeur- generaal bij de Belastingdienst dr. Jaap Uijlenbroek heeft een recht op kinderopvang niks te maken met het naleven van de minimale rechten van een kind. ‘De kinderopvangtoeslag is niet bedoeld om in een minimum te voorzien, maar is een tegemoetkoming in de kosten van de opvang van kinderen van ouders die werken. (….) Het niet toekennen van kinderopvangtoeslag levert geen strijdigheid op met het Internationale Verdrag inzake de Rechten van het Kind.’ Als extra reden hiervoor draagt hij aan dat kinderopvangtoeslag niet aan kinderen zelf, maar aan ouders wordt verstrekt.

Vermoedelijke fraude

In 2014 werd de kinderopvangtoeslag bij tientallen gezinnen plotseling stopgezet en teruggevorderd. Veel ouders kwamen hierdoor in grote financiële problemen. Een nieuwe aanvraag voor kinderopvangtoeslag (waar ze achteraf gewoon recht op bleken te hebben) werd geblokkeerd. Sommige ouders werden er letterlijk ziek van en de schulden liepen op. De oorzaak voor het plotseling stopzetten van de toeslag was een vermoeden van fraude door het gastouderbureau van de gastouders waar de ouders klant waren.

‘Geen milimeter ruimte’

Eva González Pérez staat enkele ouders in deze zaak als advocaat bij. Haar cliënten procederen al jaren tegen de Belastingdienst. Op 8 maart 2017 deed de Raad van State uitspraak in de zaak: de Belastingdienst was roekeloos te werk gegaan. González Pérez: ‘Na het winnen van de procedure bij de Raad van State dacht ik: nu gaan ze het oplossen. Maar nee, burgers moesten ná datum stopzetting alsnog aantonen dat ze aan voorwaarden voldeden, terwijl ze vier jaar lang in een onmogelijke positie gehouden waren. Ik vond dat onacceptabel en oneerlijk.’ González Pérez vroeg de Belastingdienst of ze mee wilden denken in een meer redelijke oplossing, maar er werd ‘geen millimeter ruimte’ gegeven.

Kamervragen procedure

Ondanks de uitspraak kregen ouders niet meer dan een excuusbrief van de Belastingdienst. De zaak kwam nog eens in opspraak  toen bleek dat de Belastingdienst belangrijk bewijs achter had gehouden voor de Raad van State.  BOinK-voorman Gjalt Jellesma noemde dit toen ‘ongehoord’. Wat volgde was de brief van de Kinderombudsman én Kamervragen van CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt aan staatssecretaris van Financiën Menno Snel. Deze vragen gaan vooral over de procedure en het achtergehouden bewijs van de Belastingdienst in de zaak.

Niet meteen toeslag stopzetten

In de brief aan de Kinderombudsman stelt Uijlenbroek van de Belastingdienst dat de kinderopvangtoeslag in 2014 niet meteen gestopt had moeten worden toen er nog slechts sprake was van een vermoeden van fraude van het gastouderbureau. ‘Eerst had vastgesteld moeten worden of er recht bestond op de toeslag. Achteraf bezien is er onvoldoende oog geweest voor het burgerperspectief en is niet de juiste werkwijze gehanteerd.’ Deze reactie is overigens dezelfde als de Belastingdienst eind november 2017 ook al gaf aan de Nationale ombudsman.

Mogelijke terugvordering

Verder legt Uijlenbroek uit waarom destijds ervoor gekozen is om gedupeerde ouders bij de tweede aanvraag niet meteen kinderopvangtoeslag te verstrekken. In plaats daarvan werd gewacht tot aanvullende bewijsstukken hadden aangetoond dat deze ouders hier ook echt recht op hadden. ‘Het desondanks toekennen van een toeslag zou een mogelijke terugvordering alleen maar groter kunnen maken.’ Het belang van het kind was geen reden om een aanvraag voor toeslag alsnog toe te kennen.

Spijt

Dat een groep welwillende ouders die gewoon recht bleken te hebben op kinderopvangtoeslag geraakt zijn door deze aanpak, betreurt de Belastingdienst. Ook zegt Uijlenbroek spijt te hebben dat de bezwaarschriften in sommige gevallen lang op zich lieten wachten waardoor ouders lang in onzekerheid verkeerden. ‘Er zijn inmiddels maatregelen genomen waardoor deze situaties niet meer kunnen voorkomen’, vervolgt hij. ‘Een toeslag wordt nu alleen nog gestopt nadat is vastgesteld dat er recht op bestaat.’

Download de brief van de Belastingdienst aan de Kinderombudsman hier

Eerder publiceerden we een uitgebreid artikel over deze zaak op Kinderopvangtotaal waarin we de ontwikkelingen op een rij hebben gezet. Daarin reageert de advocate van veel ouders, Eva González Pérez op de langslepende zaak en wat dit heeft gedaan en nog steeds doet met ouders en kinderen. Lees meer

Download hier de Kamervragen over de zaak die Kamerlid Pieter Omtzigt stelde aan de staatssecretaris van Financiën

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.