Almere investeert in peuters

VVE voor alle peuters: Almere gaat het gewoon doen, onder leiding van wethouder René Peeters. Vanaf 2015 bestaat er geen peuterspeelzaalwerk meer in Almere en zijn alle peuters, ongeacht het gezin waarin zij opgroeien, gegarandeerd van een (betaalbaar) plekje in een peutergroep.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Almere investeert in peuters

Hoe gaat de gemeente dit plan financieren?

‘Door de peuterspeelzaal volledig onder te brengen in de kinderopvang, krijgt een deel van de ouders recht op kinderopvangtoeslag. Voor de ouders die dat niet hebben, subsidiëren we de plek voor een deel. Deze subsidie is inkomensafhankelijk, waarbij de laagste inkomens bijna niets hoeven te betalen voor een plek.’

Oftewel: het Rijk kan rekenen op een hoger gebruik van de kinderopvangtoeslag.

‘Niet hoger dan wat er is begroot. De overheid houdt dit jaar, schrik niet, tussen de 400 en 500 miljoen euro over op de kinderopvangbegroting. Veel minder ouders maakten gebruik van de kinderopvangtoeslag dan was verwacht. Met deze constructie maken we optimaal gebruik van de landelijke toeslagregeling waar tweeverdieners gewoon recht op hebben.’

Deze tweeverdieners maken nu nog gebruik van een peuterspeelzaalplek.

‘Precies, dat heeft het landelijke beleid mogelijk gemaakt. Er zijn daarom ook wachtlijsten ontstaan bij peuterspeelzalen. Kinderen met een taalachterstand zitten thuis en kinderdagverblijven lopen leeg. Ik kan er tegen ageren, maar ik kan er ook iets aan doen.’

Voor alle peuters is er straks een plekje: twee dagdelen voor peuters zonder taalachterstand en vier voor peuters met een taalachterstand. Moeten er nog veel plekken worden gecreëerd?

‘Ja, we verruimen het aanbod met ruim driehonderd reguliere plekken in de peutergroep en tweehonderd VVE-plekken. Hierdoor verdwijnen wachtlijsten die er nu nog voor peuterspeelzalen zijn. Het grootste voordeel is wat mij betreft de integratie. Kinderen van werkende en niet-werkende ouders, VVE-kinderen en niet-VVE-kinderen maken straks van dezelfde voorziening gebruik.’

Is dat uw grootste drijfveer voor deze grootscheepse harmonisatie?

‘Wij in Almere willen dat er niet langer met twee maten wordt gemeten. Dat ouders, ongeacht voor welke peuteropvang ze kiezen, gegarandeerd zijn van goede kwaliteit voor hun kind. Er is duidelijkheid voor ouders want er is één partij die verantwoordelijk is voor het domein 0-4 jaar.’

Hebt u kritiek op hoe het kabinet dit landelijk aanpakt?

‘Er is een totaal gebrek aan visie. In Nederland zien we de kinderopvang als puur een arbeidsmarktinstrument. Ik kreeg nog even hoop door het regeerakkoord waar het woord ontwikkeling in genoemd werd. Maar helaas leiden de plannen die minister Asscher en staatssecretaris Dekker presenteren alleen maar tot meer segregatie. Doelgroepkinderen gaan naar de peuterspeelzaal (VVE) en kinderen van werkende ouders naar de kinderopvang. Beide groepen in een aparte voorziening.’

We lopen achter de feiten aan…

‘Ik was vorig jaar aanwezig op een internationale bijeenkomst over voorschoolse educatie en moest daar aan een Amerikaanse deelnemer uitleggen hoe VVE hier in Nederland geregeld is. Dat is niet te doen en er was verbazing alom. Nederland staat toch bekend als een hoogwaardige maatschappij. Hoe kunnen we zo met onze kinderen omgaan?’

Dus gaat u aan minister Asscher laten zien dat het ook anders kan.

‘Ik heb contact met minister Asscher en ik weet dat hij de stappen die we in Almere gaan zetten met interesse volgt.’

Kreeg u uw collega’s in de raad eenvoudig mee of kostte het u veel tijd om hen van dit plan te overtuigen?

‘Ik heb gemerkt dat het moeilijke materie is en heb soms ervaren: hoe meer je uitlegt, hoe ingewikkelder het wordt. Je hebt te maken met verschillende geldstromen, verschillende partijen met andere belangen. Natuurlijk hebben we reacties gekregen als: gemeente ga je je nou bemoeien met ons vak? Het is een mooi proces geweest, maar we hebben het wel lastig gehad om iedereen ervan te overtuigen.’

Er zijn in Almere veel spelers op de kinderopvangmarkt. Heeft dat deze peuterplannen beïnvloed?

‘Almere is een jonge stad: veel jonge gezinnen, veel kinderen en inderdaad veel kleine tot middelgrote kinderopvangorganisaties voor wie samenwerken aan de orde van de dag is. Aan de andere kant hebben we maar één grote welzijnsorganisatie waar de meeste peuterspeelzalen bij zijn aangesloten.’

Hoe kan Almere het zich veroorloven om in deze krappe tijden te investeren in peuters?

‘Wij investeren al langer bovengemiddeld veel in peuters. VVE-plekken worden gesubsidieerd vanaf dat een kind 2 jaar oud is. In andere gemeenten is dit 2,5 jaar. Verder hebben we de eisen voor VVE-plekken verruimd. Kinderen met een ontwikkelings- of taalachterstand komen eerder voor een plek in aanmerking. Consultatiebureaus zijn hierover geïnformeerd en trekken sneller aan de bel.’

Gaat het investeren in peuters ten koste van andere projecten in de stad?

‘Zo simpel is dat niet uit te leggen. Wij hebben in Almere drie speerpunten: veiligheid, economie en onderwijs. Investeren in kinderen vinden we belangrijk omdat we ervan overtuigd zijn dat het zich later terugbetaalt.’

Wat gaat de harmonisatie en het creëren van extra VVE-plekken Almere kosten?

‘We maken al kosten voor opvang en VVE, maar die gaan zeker omhoog. We ontvangen al redelijk veel VVE-gelden, maar die kunnen we straks beter benutten doordat een deel van de ouders gebruik gaat maken van de kinderopvangtoeslag. In totaal is de harmonisatie begroot op 1,4 miljoen euro in totaal.’

Welke kinderopvangorganisatie krijgt straks welke peuters? Stuurt u dat aan als gemeente?

‘Niet iedere organisatie mag zomaar een peutergroep van de welzijnsstichting overnemen. Daar worden strenge eisen aan gesteld. Kinderopvangorganisaties moeten aantonen wat hun visie is op de ontwikkeling van peuters. De doorgaande leerlijn is voor ons van groot belang. Dat betekent dat een kinderdagverblijf aantoonbaar nauw moet samenwerken met een basisschool zodat die doorgaande lijn is gegarandeerd. Er moet sprake zijn van een pedagogische en didactische samenwerking.’

En dan wilt u dat de kwaliteit van peuteropvang binnen de kinderopvang omhoog moet. Waarom?

‘Werken met kinderen in de kinderopvang is een zwaar onderschat vak. Begrijp me niet verkeerd, maar ik vind dat medewerkers met zoveel verantwoordelijkheden te laag zijn opgeleid voor het werk dat ze doen. Ik wil toe naar een hogere kwaliteit van begeleiding en VVE, en ben voorstander van een hbo’er op de groep.’

Hoe wilt u dat bereiken?

‘We zullen erop gaan aandringen dat kinderopvangorganisaties meer faciliteiten aan medewerkers moeten bieden in de vorm van niet-kindgebonden uren. In die uren kunnen pedagogisch medewerkers investeren in zichzelf. Op een basisschool is zoiets heel gebruikelijk. In de kinderopvang lijkt het net of een medewerker alleen maar werkt als ze op de groep staat.’

Meer bijscholing dus. Komt dat geheel voor rekening van de organisatie?

‘Kinderopvangorganisaties met peutergroepen moeten verplicht VVE-scholing aan medewerkers bieden. Wij financieren als gemeente een deel, maar de kinderopvang zal hier ook in moeten investeren.’

Almere loopt voorop in peuterplannen

Peuterspeelzalen komen vanaf 1 augustus 2015 in Almere niet meer voor. Daarvoor in de plaats komen peutergroepen in kindcentra waar alle peuters (2-4 jaar) uit de gemeente terechtkunnen. De dagdelen (twee regulier; vier voor kinderen met een taalachterstand) zijn niet gratis, maar wel goedkoop.
De gemeenteraad van Almere ging onlangs akkoord met een volledige harmonisatie per 1 augustus 2015. Aanvankelijk zouden de peuterspeelzalen al dit jaar worden overgeheveld naar de kinderopvang, maar dat bleek te kort dag. De gemeente maakt het nu eerst stap voor stap mogelijk dat steeds meer peuterspeelzalen worden omgezet in peuteropvang in de kinderopvang.
Ouders die beide werken, hebben al recht op kinderopvangtoeslag en zullen daarvan ook in deze nieuwe constructie gebruikmaken. Kinderen met een taalachterstand komen in aanmerking voor VVE-gelden vanuit de gemeente, maar ook voor de groep daartussen (bijvoorbeeld kinderen van één werkende ouder, maar zonder taalachterstand) stelt de gemeente subsidie beschikbaar.
Tegelijk met het verlagen van de drempel en het beëindigen van de versnippering wil de gemeente dat er wordt geïnvesteerd in de kwaliteit van peuteropvang. Het plan om pedagogisch medewerkers op te leiden in een ‘Expertisecentrum voor het Jonge Kind’ kwam niet door de raad. Toch wil de gemeente dat kinderopvangorganisaties die peutergroepen overnemen van peuterspeelzalen investeren in de pedagogische vaardigheden van pedagogisch medewerkers. Dat kan door bijscholing te volgen, maar ook door bijvoorbeeld 10 procent van de werktijd van medewerkers vrij te maken voor taakuren.

René Peeters

Wethouder gemeente Almere
Portefeuille: jeugd, onderwijs en sport
Partij: D66
Geboren: 13 augustus 1951, Venlo
Loopbaan:
Wethouder gemeente Almere, 2010-heden
Algemeen directeur stichting Amsterdam West Binnen de Ring, 2007-2010
Bestuursmanager openbaar onderwijs Zeeburg, Amsterdam, 2004-2007
Clusterdirecteur bij de Bestuurscommissie voor Openbaar Onderwijs Almere (BCOO-Almere), 1998-2004
Directeur obs De Klaverweide (550 leerlingen) te Almere, 1995-1998
Directeur obs De Grote Beer (350 leerlingen) te Duivendrecht, 1986-1995
Leerkracht op een tweetal scholen in Amsterdam: ’t Palet en de Peetersschool, 1974-1986
Peeters maakt deel uit van de Kopgroep Wethouders van de VNG.
Bron: www.almere.nl

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.