‘Doorbraak in medezeggenschap voor ouders’

BOinK, de Belangenvereniging van Ouders in de Kinderopvang, reageerde in een brief kritisch op het wetsvoorstel Versterking positie ouders. Toch heeft voorzitter Gjalt Jellesma een goed gevoel overgehouden aan het debat. 'Er is een belangrijke stap gezet naar meer zeggenschap voor ouders. De knelpunten die er nog zijn, het adviesrecht over de prijs en de verplichte oudercommissie, daar komen we wel uit.'

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
'Doorbraak in medezeggenschap voor ouders'
Foto: ANP

In de brief, voorafgaand aan het debat, uitte de belangenorganisatie nog stevige kritiek op het wetsvoorstel van minister Asscher. Het wetsvoorstel zou het idee dat een oudercommissie het ondernemerschap in de weg kan zitten alleen maar bevestigen.

Hoe ziet het wetsvoorstel versterking positie ouders eruit? Lees meer >>

Kleine kinderopvangorganisaties

BOinK maakte zich druk om de ondergrens die minister Asscher voorstelt voor een verplichte oudercommissie. Organisaties die minder dan 50 kinderen opvangen of gastouderbureaus met minder dan 50 gastouders, mogen een alternatieve ouderraadpleging organiseren. BOinK is tegen deze ondergrens omdat het een heel groot deel van de branche raakt. Er zijn namelijk veel kleinere kinderopvangorganisaties. Daar is volgens BOinK de ouderbetrokkenheid juist heel erg groot. Zij begrijpen dan ook niet het verband tussen de grootte van de organisatie en het wel of niet verplichten van een aanwezige oudercommissie.

Alternatieve ouderraadpleging

Het wetsvoorstel zegt niet waaraan een eventuele alternatieve ouderraadpleging moet voldoen. BOinK maakt zich daarom zorgen of oudercommissies in de toekomst wel kunnen blijven bestaan. Volgens de vereniging gaat het wetsvoorstel nu teveel uit van de kleine 40 procent kinderopvangorganisaties die geen oudercommissie hebben, terwijl een meerderheid dit, onder dezelfde omstandigheden wel voor elkaar krijgt.

Kosten

Een aantal leden van de Tweede Kamer raakte geïnspireerd door de kritiek van BOinK op het afschaffen van het adviesrecht van ouders op de prijs. ‘Wat zegt geboden kwaliteit zonder een prijskaartje en vice versa? Als je op het één geen invloed hebt en op het ander wel, dan zaag je aan de poten van medezeggenschap’, vindt BOinK. Ze schetst in de brief een paar voorbeelden waaruit blijkt dat kwaliteit en prijs in verband staan met elkaar, net als openingstijden en prijs.

Overleg Brancheorganisatie

Ondanks de knelpunten is er volgens Gjalt Jellesma een grote stap gezet naar meer medezeggenschap voor ouders in de kinderopvang. ‘Wat dat betreft was het debat van vandaag een echte doorbraak. De Brancheorganisatie wil af van het adviesrecht over de prijs, wij willen dat alle organisaties, ongeacht hun grootte, verplicht zijn om een oudercommissie in te stellen’, zegt Jellesma. Hij wil graag met de Brancheorganisatie om tafel om er samen uit te komen. ’80 procent van het plan is gebaseerd op onderlinge afspraken tussen BOinK en de Brancheorganisatie Kinderopvang. Met de laatste 20 procent komt het ook wel goed.’

Onderhandeling

Brancheorganisatie kinderopvang wacht nu eerst de definitieve uitslag van de amendementen en moties af. ‘Maar het beeld van Jellesma herken ik niet’, zegt Lex Staal. ‘Wij hebben een traject van drie jaar onderhandelen achter de rug, waarbij we met elkaar het standpunt hadden gekozen dat de uitwerking ging over hoe invulling te geven aan de uitruil tussen het adviesrecht op prijs en kwaliteit. Die uitruil lijkt na de kritiek van BOINK op het wetvoorstel nu niet meer in de Wet terug te vinden. Dus die 80 procent overeenstemming zie ik niet. Mij is evenmin duidelijk wat ik nu na drie jaar om tafel zitten opnieuw moet bespreken met Boink.’

Zowel de PvdA, het CDA, D66, de SP als GroenLinks vinden dat het adviesrecht op de prijs voor ouders behouden moet blijven. Lees hier waarom >>

1 REACTIE

  1. Prima idee om een ondergrens in te stellen wanneer een oudercommissie moet worden ingesteld. Het is vaak bijna onmogelijk om op de kleinere locaties dat van de grond te krijgen. Op de kleine dagverblijven en de BSO’s is het bijna niet mogelijk om te voldoen aan de richtlijnen van de GGD en moeten er allerlei administratieve zaken worden aangetoond (heb je voldoende effort gestoken om een OC te krijgen). Ouders zijn zoiezo betrokken bij de opvang, een apart OC voegt daar weinig aan toe voor de kleinere locaties. Het argument van BOINK dat bij de kleinere organisatie de betrokkenheid van de ouders juist heel groot is wil niet zeggen dat een opvanglocatie geen OC hoeft in te stellen. Alleen het gaat van het afvinklijstje van de GGD af en voorkomt administratieve rompslomp.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.