Pedagogische coaching werkt

Als er in de kinderopvangorganisatie een cultuur is van permanent leren, wat merken kinderen daar dan van? Merken ze er überhaupt wat van? Jan Peeters van VBJK in Gent deed er samen met anderen onderzoek naar.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
eurofound
‘Traditionele bijscholing van een of twee dagen per jaar heeft geen effect’ - Foto: iStock

Wat moeten we doen aan werkomstandigheden, opleiding en continue professionele begeleiding van pedagogisch medewerkers en leerkrachten kleuteronderwijs om de kwaliteit van de voorschoolse voorzieningen in de Europese Unie te verhogen? Dat was de centrale vraag van de reviewstudie van Jan Peeters, pedagogisch wetenschapper en algemeen coördinator van het Vlaamse VBJK (zie kaders). Uit het onderzoek kwamen geen opvallende, nieuwe conclusies. Over werkomstandigheden bleken zelfs te weinig studies te zijn om daar conclusies aan te verbinden. Maar het onderzoek naar opleidingen en begeleiding bevestigt wel dat de praktijk van pedagogische coaching werkt, zegt Jan Peeters. Interventies hebben effect. Met beperkte tijd bereik je het meest met video-interactiebegeleiding. Deze begeleiding van pedagogisch medewerkers zorgt bijvoorbeeld voor een aanzienlijke vooruitgang bij kinderen op het gebied van taalvaardigheid en cognitieve ontwikkeling.

Bij andere vormen van begeleiding, bijvoorbeeld van het team, moet je meer tijd nemen. Voorwaarde daarvoor is dat er kritische reflectie op de praktijk plaatsvindt, ondersteund door een pedagogische coach en vanuit een pedagogisch raamwerk dat wetenschappelijk onderbouwd is en aangepast is aan de context. Peeters: ‘In bijvoorbeeld een kansarme buurt heb je heel wat anders nodig dan in een betere buurt.’

Onderbouwing

Die wetenschappelijke onderbouwing is geen vanzelfsprekendheid. In Nederland en Angelsaksische landen is de aansluiting bij wetenschappelijk onderzoek veel meer gebruikelijk dan in Scandinavische landen, vertelt Peeters. ‘Dat komt daar pas de laatste jaren op gang, nu blijkt dat de resultaten in het Pisa-onderzoek niet zo goed zijn. Deze landen hebben al lang een goed systeem voor jonge kinderen en hebben daardoor misschien eerder niet de behoefte gehad om dat te evalueren en aan te sluiten bij wetenschappelijk onderzoek.’

Lage diploma’s

Landen met een hoge pedagogische kwaliteit, zoals in Noord-Italië met Reggio Emilia, onderscheiden zich door een systeem waarin ingebouwd zit dat medewerkers tijd hebben voor reflectie, dat ze kunnen praten over de praktijk met elkaar en met een pedagogisch coach. Lange tijd hadden de medewerkers in de kinderopvang en op de kleuterscholen in deze landen lage diploma’s. Maar door jarenlange bijscholing tijdens uren dat er geen kinderen zijn, is de kwaliteit enorm verhoogd.

Volgens Peeters moet de coaching gebaseerd zijn op de cyclus: kritisch reflectie op de praktijk door observatie, verbeterpunten opstellen, uitproberen, evalueren en zo nodig weer aanpassen. Peeters: ‘Dat is geen project. Dat moet een systeem zijn dat is ingebouwd in de kinderopvangorganisatie. Projecten zijn mooi, maar die verdwijnen weer als er te weinig financiële middelen zijn. Terwijl we weten dat de effecten weg zijn als je er niet continu aandacht aan besteedt.’

Traditionele bijscholing

Ook uit eerder onderzoek uit 2007 van Ruben Fukkink bleek dat de traditionele bijscholing van een of twee dagen per jaar geen effect heeft. Peeters: ‘Het kan belangrijk zijn, voor de teamspirit bijvoorbeeld, maar het effect op de kinderen is verwaarloosbaar. Alleen als het daarna opgepakt wordt door een pedagogische coach, hebben die er wat aan.’

Peeters beseft dat de crisisjaren geen goede tijd zijn geweest voor een cultuur van een lerende organisatie. De BKK heeft zijn best gedaan met ‘Lerenderwijs’, maar dat is nog lang niet overal in de sector geïmplementeerd. ‘Eigenlijk weten we best wat we zouden moeten doen. Nu alleen het geld nog en dus de politieke wil.’

Early childhood care: working conditions, training and quality of services – A systematic review is de titel van de studie van Jan Peeters en wetenschappers uit diverse Europese landen. Het is een reviewstudie en dat wil zeggen dat al het bestaande wetenschappelijk onderzoek op een rijtje wordt gezet. Het gaat daarbij om 20.000 studies uit de afgelopen vijftien jaar uit 28 landen. Het onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van Eurofound, een agentschap van de Europese Unie voor de verbetering van leef- en werkomstandigheden in Europa. Het onderzoek is te downloaden via de site van stichting BKK, www.stichtingbkk.nl > Kennisdossier kinderopvang.

Uit de reviewstudie bleek dat gespecialiseerde pedagogische coaches, coaching over langere tijd en reflecteren op de praktijk de kennis van professionals vergroten. En dat heeft weer effect op de manier waarop pedagogisch medewerkers en kleuterleerkrachten naar de praktijk kijken en die kunnen veranderen. Pedagogisch medewerkers gaan zich sterker richten op actief luisteren naar kinderen en ouders. Ze letten meer op spelend leren, zelf laten ontdekken en hebben meer waardering voor de spontaniteit, de nieuwsgierigheid en de creativiteit van kinderen. Deze vormen van permanent leren vergroten ook het initiatief van pedagogisch medewerkers bij het invullen en de evaluatie van leerplannen en pedagogische kaders. Ze kunnen bovendien beter inspelen op de verschillende behoeften van ouders.

Aanbevelingen

Het onderzoek bevat een aantal aanbevelingen die Europese beleidsmakers ondersteunen bij het verhogen van de kwaliteit van de kinderopvang en de kleuterschool.

  • Permanent leren moet gebaseerd zijn op een coherent pedagogisch raamwerk dat gebaseerd is op degelijk onderzoek en dat inspeelt op lokale behoeften.
  • Permanent leren is ingebed in een coherent pedagogisch kader of curriculum dat voortbouwt op onderzoek en op die lokale behoeften.
  • Professionals zijn actief betrokken bij het proces van verbetering van de pedagogische praktijk.
  • Effectieve interventies zijn gericht op leren in de praktijk, maken gebruik van feedback of reflectie over de praktijk, samen met collega’s en ouders. Dit houdt in dat er een mentor of coach aan de organisatie verbonden moet zijn die deze reflectiebijeenkomsten begeleidt tijdens kindvrije uren.
  • Voor effectieve interventies zijn dus ook veranderingen in de werkomstandigheden nodig, zoals kindvrije uren.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.