Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Ja ik wil? Op zoek naar een partner voor uw kindcentrum

Avatar
Job van Velsen
Op steeds meer plekken in Nederland ontstaat er een structurele samenwerking tussen primair onderwijs en kinderopvang. Hoe komt die samenwerking van de grond, hoe vind je elkaar als samenwerkingspartner? Adviseur Job van Velsen maakt regelmatig mee dat een schoolleider of bestuurder verrast opkijkt als hij zegt dat het kiezen van een goede samenwerkingspartner een vrije keuze van de partners zelf is.

Het vinden van een partner is de zaak van de school en de kinderopvang en bijvoorbeeld niet van een gemeente. Ieder is vrij in de keuze, een goede samenwerkingspartner is zelfs voorwaarde voor succes!

Aanleiding voor dit artikel is een anekdote die iemand mij vertelde. Het betrof een schoolbestuur dat alleen met een kinderopvangpartner wilde gaan samenwerken als deze uitsluitend nog met dit ene schoolbestuur zou willen samenwerken. Bovendien, zo kreeg de potentiele kinderopvangpartner te horen, was het de bedoeling dat 50 procent van de gemaakte winst overgedragen zou worden aan het desbetreffende schoolbestuur. Dit voorbeeld staat haaks op de zorgvuldige en respectvolle samenwerkingen die ik in mijn werk tegenkom. In de praktijk gaat het gelukkig vaak ook anders.

Perspectief school

Dit artikel is geschreven vanuit het perspectief van een school of schoolbestuur. Niet omdat het zo moet, maar omdat het vaak voorkomt. De school is, in ieder geval in mijn praktijk, vaak de initiatiefnemer die op zoek gaat naar een kinderopvangpartner. Meestal is er in zo’n geval sprake van nieuwbouw waarin ook ruimte gereserveerd is voor een kinderdagverblijf, peuteropvang en/of bso. En uiteraard kan het ook andersom, een kinderopvangorganisatie die structureel wil samenwerken met een onderwijspartner en daar naar op zoek gaat.

In alle gevallen adviseer ik een aantal stappen:

  • Interne standpuntbepaling
  • Beschrijven uitgangspunten en visie
  • Formuleren criteria
  • Benaderen van mogelijke partners
  • Gesprekken met potentiele partners
  • Keuze op basis van objectieve score
Heb je je al ingeschreven voor de gratis nieuwsbrief van Zosja? Zosja is het nieuwe online platform dat je helpt om toe te werken naar een IKC of jouw IKC klaar te maken voor de toekomst. Zosja levert je nieuws, duiding, achtergronden, tools en inspiratie over de wereld van de IKC’s. Voor een gratis abonnement, klik hier.

Interne standpuntbepaling

Voor je überhaupt op zoek gaat naar een geschikte samenwerkingspartner is het natuurlijk belangrijk jezelf de vraag te stellen waarom je wilt samenwerken. En waar dat toe zou kunnen/moeten leiden. Wat is de persoonlijke of organisatorische drijfveer? In deze stap neem je ook de bestuurlijke visie mee, want samenwerking beperkt zich niet alleen tot de werkvloer. Uiteindelijk heeft samenwerking, hoe je het ook wendt of keert, op enig moment bestuurlijk consequenties en is samenwerking iets van alle geledingen binnen een organisatie. Drijfveer kan bijvoorbeeld dat nieuwe gebouw zijn, of de ambitie om een nieuw concept te ontwikkelen voor kinderen van 0-12 jaar. Of om een betere aansluiting tussen de peuters en kleuters te realiseren. Wees eerlijk bij die interne standpuntbepaling. Ook als die een drijfveer is om door samenwerking verzekerd te zijn van voldoende instroom van leerlingen om zo het marktaandeel te vergroten of in stand te houden.

Beschrijven uitgangspunten en visie

Een partner moet weten met wie hij te maken heeft. In deze stap beschrijf je dan ook jullie onderwijsvisie en een aantal uitgangspunten. Hoe duidelijker en concreter, hoe prettiger dat is voor de ander. Ook benoem je eventuele verwachtingen, hier komt de uitkomst van de interne standpuntbepaling weer om de hoek kijken. Wat verwacht je van de samenwerking? Wat verwacht je bestuurlijk en wat op de werkvloer? Wat verwacht je van de (religieuze) identiteit? En wat verwacht je van elkaar ten aanzien van investeringen, bijvoorbeeld bij een nieuw gebouw.

Formuleren criteria

Bovenstaande stappen leiden tot het formuleren van een aantal belangrijke en objectieve criteria waaraan de samenwerkingspartner volgens jullie zou moeten voldoen. Voor de kinderopvangorganisatie maakt het duidelijk welke verwachtingen en ambities de onderwijspartner heeft. Ook de kinderopvangpartner zou naar aanleiding van deze criteria een intern standpunt moeten bepalen. Passen deze ambities en uitgangspunten bij ons als kinderopvangorganisatie of niet?

Benaderen mogelijke partners

Afhankelijk van de lokale situatie worden een aantal partners, ik zou zeggen maximaal drie, benaderd. Dat kunnen kinderopvangorganisaties zijn die al bekend zijn bij de school, omdat zij bijvoorbeeld kinderen ophalen voor de bso. Of andere kinderopvangpartners uit de regio, en wellicht landelijk opererende organisaties. Zij worden uitgenodigd om in gesprek te gaan om te kijken of de ambities en uitgangspunten overeenkomen. En niet onbelangrijk, of er sprake is van een klik tussen de partijen. Voorwaarde tot eerlijke, goede gesprekken is natuurlijk wel dat iedere partij die genodigd is werkelijk een eerlijke en gelijke kans heeft. Als er vooraf al een voorkeur is voor een bepaalde partij, wees daar dan ook open en eerlijk in en ga in eerste instantie alleen met die partij in gesprek. Dergelijke gesprekken, de voorbereidingen kosten de andere partijen immers veel werk, energie en geld. Niets is zo frustrerend achteraf te horen dat de keuze eigenlijk vooraf al bepaald was.

Informeer, of betrek in deze fase ook de gemeente bij jullie zoektocht. Zeker in het geval van een nieuw gebouw is het handig om bijvoorbeeld gemeentelijke verwachtingen en eisen ten aanzien van de exploitatie van de kinderopvangruimtes vooraf al in de criteria mee te nemen.

Gesprekken met potentiële partners

Dan is het zover. De gesprekken met de mogelijk toekomstige partners. Ontzettend belangrijk maar ook gewoon leuk om te doen. Zelf vind ik het belangrijk dat bij een dergelijk gesprek in ieder geval de werkvloer inclusief beide geledingen van de MR goed vertegenwoordigd is, en er ook een bestuurder bij de gesprekken aanwezig is. Neem ruim de tijd om elkaars organisatie, de visies en ambities met elkaar te delen en op zoek te gaan naar aanknopingspunten om samen te werken. En beoordeel objectief op basis van de opgestelde criteria.

Keuze op basis van objectieve score

Op basis van de criteria komt de meest geschikte partner dan vanzelf naar voren. Daarmee hoeft de samenwerking met de andere kinderopvangpartners overigens niet te vervallen, het is en blijft de keuze van ouders naar welke opvangorganisatie hun kind gaat. Maar tussen de gekozen opvangpartner en de school zal zich een intensievere samenwerking gaan ontwikkelen. Op weg naar een alweer een nieuw kindcentrum.

Aanbesteden of niet?

Of de structurele samenwerking van een school met een specifiek kindercentrum aanbesteed moet worden is afhankelijk van wat de samenwerking precies inhoudt. Als er sprake is van een opdracht van de school aan het kindercentrum of van inkoop van diensten zijn de aanbestedingsregels van toepassing. Afhankelijk van de duur van de overeenkomst en de economische waarde van de dienstverlening is aanbesteding noodzakelijk. In de meeste gevallen betreft de samenwerkingsovereenkomst het recht van exploitatie van ruimten in een schoolgebouw voor een bepaalde periode. Verhuur van ruimtes in een schoolgebouw valt buiten de reikwijdte van de aanbestedingsregelgeving. Er is in dit geval immers geen sprake van inkoop van diensten. Omdat andere private partijen mogelijk nadeel kunnen ondervinden van het feit dat een school voor langere tijd haar ruimtes verhuurd aan één specifiek kindercentrum is het belangrijk dat ook eventuele concurrenten de mogelijkheid krijgen om in aanmerking te komen als contractpartij. Dit kan bijvoorbeeld door het openbaar bekend maken van de mogelijkheid om ruimtes van de school te huren, zodat iedere geïnteresseerde partij zich kan melden.

Wanneer de school kinderopvangplaatsen inkoopt bij een kinderopvangorganisatie dan gelden de regels rondom onderhandse gunning, nationale aanbesteding of Europese aanbesteding. De waarde van de opdracht, de inkoop, bepaald welke van deze drie processen gevolgd moet worden. Bij lang lopende inkoopcontracten moet worden gekeken naar de waarde van de opdracht over een periode van vier jaar. Een onderwijsinstelling valt als aanbestedende dienst onder de Europese aanbestedingsregelgeving die in Nederland is geïmplementeerd in de Aanbestedingswet 2012. Onder een aanbestedende dienst vallen: de overheid en publiekrechtelijke instellingen (artikel 1.1. Aanbestedingswet 2012). Bekostigde scholen worden gekwalificeerd als publiekrechtelijke instellingen. Als overheden of publiekrechtelijke instellingen samenwerken geldt de aanbestedingsplicht ook voor het samenwerkingsverband als geheel ofwel zijn de samenwerkende partijen individueel aanbestedingsplichtig. De aanbestedingsplicht heeft betrekking op het verrichten van diensten of het leveren van producten.

Bron: publicatie van het Landelijk Steunpunt Brede scholen in samenwerking met de PO-Raad en de Brancheorganisatie Kinderopvang. 2014

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.