Buitentijd = ontwikkeltijd!

Kinderen die veel buiten spelen, ontwikkelen ze zich tot betere denkers. Wetenschapsjournalist Mark Mieras, één van de sprekers tijdens het Openingsevent van de Week van het Jonge Kind, legt uit hoe dat zit.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan

Waarom spelen de meeste kinderen graag buiten?
‘Omdat ze buiten te maken krijgen met allerlei spannende, onverwachte uitdagingen: op een muurtje klauteren, een paar struiken waarin ze zich kunnen verstoppen, een boom om in te klimmen. Ze kunnen er – meer dan binnen – zelf vormgeven aan hun spel. Dat vinden kinderen heerlijk. En ze leren er ontzettend veel van.’

Wat leren ze buiten bijvoorbeeld?
‘Om te beginnen: bewegen, evenwicht houden, coördineren. De buitenomgeving zet kinderen aan tot het trainen van hun motoriek. En tot een grotere variatie aan spelgedrag: ze klimmen, graven, springen, harken, doen rollenspellen, gaan op ontdekkingstocht. Buiten spelen is bovendien niet alleen goed voor de motorische ontwikkeling en de conditie, maar ook voor de cognitieve ontwikkeling.’

Waarom is buiten bewegen goed voor het brein?
‘Fysieke inspanning, dus rennen, springen en sjouwen, stimuleert de hersenen om meer verbindingen te maken, om te groeien. Complexe bewegingen bevorderen de ontwikkeling van de zogeheten ‘executieve functies’: aandacht, coördinatie, zelfbeheersing, werkgeheugen. Als kinderen een behendigheidsspelletje doen, wordt er direct een beroep gedaan op deze executieve functies. Denk bijvoorbeeld aan tikkertje, loopfietsen of over een boomstam lopen. Complexe bewegingen zijn voor hersenen net zoiets als complexe gedachten.’

Kort door de bocht: van buiten spelen word je dus slimmer. Waar merk je dat aan?
‘Het ruimtelijk inzicht wordt bijvoorbeeld beter – dit is belangrijk bij rekenen en wiskunde. En het werkgeheugen verbetert; dat geeft een hoger IQ. Ook de zelfbeheersing wordt groter; dit helpt kinderen waarschijnlijk om later succesvol te zijn. Ook is er een relatie tussen het ontwikkelen van de motoriek en taalverwerking. Jonge kinderen die bij het praten veel gebaren, hebben meer ‘grip’ op hun woorden.’

Komen kinderen voldoende buiten?
‘Buitenspel moet tegenwoordig concurreren met spelcomputers en smartphones. Die apparaten nodigen niet uit tot buiten bewegen, terwijl beweging de basis is voor de ontwikkeling van een jong kind. Wat ook niet meehelpt: ouders en pedagogisch medewerkers die huiverig zijn voor ongelukken. Buiten nemen kinderen meer risico in hun spel, en dat is ook de bedoeling. Zo leren ze omgaan met gevaar. Volwassenen doorzien vaak niet hoe functioneel het vrije spel van jonge kinderen is. De basis voor iedere cognitieve functie wordt juist gelegd door te spelen. En als dat fundament stevig is, kan een kind daar het hele verdere leven op voortbouwen.’

 Mark Mieras is een van de sprekers tijdens het Openingsevent Week van het Jonge Kind. Een langere versie van dit artikel verscheen eerder in Kinderopvang 10 2018.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.