Blog Marijke Schuurkes (PPINK) – Meer mannen op de groep

Jij weet het, ik weet het: kinderopvang is typisch een vrouwenvak. Slechts vier procent van de medewerkers is man. De helft daarvan werkt in een beleids-, staf- of ondersteunende functie. En áls mannen al op een groep zitten, dan zie je ze vooral op de (sport-)bso, waar ze met kinderen van vijf tot twaalf jaar werken.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan

Op de dagopvang zijn mannen eigenlijk een rariteit. Jammer. Want mannen spelen net als vrouwen een belangrijke rol in de opvoeding en ontwikkeling van kinderen. Hoe fijn is het niet voor kinderen om zich ook aan een mán te kunnen spiegelen? Bovendien is een beetje meer diversiteit in een team prettig. Je krijgt samen een bredere kijk op kinderen. Ook de sfeer verandert.

Waarom mannen zo ondervertegenwoordigd zijn? Daar zijn heel wat verklaringen voor. Onderzoekers noemen bijvoorbeeld de (relatief) lage status van het beroep. En het (relatief) lage inkomen – meestal door deeltijdwerk. Ook het gebrek aan doorgroeimogelijkheden speelt mee. Nu ligt het niet op het pad van PPINK om een beter loon te regelen, voor meer uren te zorgen of voor betere carrièreperspectieven te pleiten. Dat is aan de vakbonden en werkgevers. Bovendien, zouden we ons er tegenaan bemoeien, dan in naam van de héle beroepsgroep. Man en vrouw.

‘Het is vervelend om je als mannelijke beroepskracht in de kinderopvang steeds te moeten verklaren en bewijzen’

Voor nu richten we ons op de beeldvorming rond mannen in de kinderopvang. Want momenteel worden ze te veel gezien als de paria’s van de sector. Bij een misbruikzaak in het nieuws kijkt iedereen met argusogen naar ze. Mannen worden bot bejegend door ouders, in de trant van: ‘Ben jij er ook zo eentje?’ Of ze moeten uitleggen dat ze echt geen ‘doetje’ zijn omdat ze met kleine kinderen werken. Het is vervelend om je als mannelijke beroepskracht in de kinderopvang steeds te moeten verklaren en bewijzen. En huiverig te zijn om een kind te verschonen of te troosten. Kinderen hebben behoefte aan professionele affectie. Die moet je kunnen geven zonder angstig te hoeven zijn.

Het is hoog tijd voor een cultuuromslag, vindt PPINK. En voor een behoorlijke dosis nuancering. Het is waar dat onder mannen het risico op misbruik tien keer hoger ligt dan bij vrouwen. Maar dat percentage bij vrouwen is extreem laag, dus tien keer extreem laag is nog steeds heel erg weinig. Laten we bovendien niet doen of de kinderopvang geen toezicht kent. Dat is er wel degelijk: intern en extern.

Mannen zijn zeer welkom in de kinderopvang en verdienen een veilige werkomgeving. En steun van hun werkgevers én collega’s. Moeilijk hoeft dat niet te zijn. Als je samengestelde teams maakt en de kwaliteiten van vrouwen én mannen weet te benutten, komt dat het werk en het welzijn van de kinderen ten goede. De kinderopvang moet zichzelf daarom niet te kort doen. Wat PPINK betreft is het de hoogste tijd om hiermee serieus aan de slag te gaan!

1 REACTIE

  1. Wat een mooie blog Marijke! Er is nog een voordeel aan meer mannen in de kinderopvang: zij spreken ook wat gemakkelijker de vaders aan. Hierdoor kan de vaderbetrokkenheid vergroten en wordt de beeldvorming dat alleen vrouwen goed voor jonge kinderen kunnen zorgen, doorbroken.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.