Blog Kirsten Fröhlich – Gemiste kinderen

De meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld gaat veranderen. Je hebt er vast al iets over gelezen of gehoord. Maar wat verandert er nou precies en waarom eigenlijk? Wat betekent dit voor ons in de kinderopvang en wat hebben de kinderen er aan?

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan

Jaarlijks worden in Nederland meer dan 190.000 kinderen mishandeld of verwaarloosd. Dat is één kind per schoolklas. Slechts de helft van deze kinderen krijgt hulp. Professionals, zoals leraren en pedagogisch medewerkers, zien deze kinderen dagelijks maar melden hun vermoedens te weinig.  Omdat er nog zo veel kinderen gemist worden, zet de overheid sinds een aantal jaren in op het vroegtijdig signaleren en wordt de meldcode aangepast.

Beroepsgroepen die werken met de meldcode moeten gaan zorgen voor een eigen afwegingskader. Een afwegingskader ondersteunt je in stap 5 van de meldcode. Nu beslis je als professional in stap 5 of je gaat melden of dat je zelf hulp gaat bieden of organiseren. Straks neem je in stap 5 twee beslissingen:  is melden noodzakelijk  én welke hulp kan ik zelf bieden of organiseren? Hulp bieden of organiseren mag; afwegen moet.  In welke situatie een melding noodzakelijk is, wordt beschreven in het afwegingskader.

‘Hulp bieden of organiseren mag; afwegen moet’

Mensen die met kinderen werken, melden nu alleen bij Veilig Thuis als zij zelf inschatten dat het noodzakelijk is. Dat is vaak een lastige afweging. Immers, je wilt de relatie met de ouder(s) niet op het spel zetten of bent bang het vertrouwen van het kind te verliezen. We bieden of organiseren zelf hulp en zijn allang blij als het gezin de hulp accepteert. Maar het kind bevindt zich nog steeds in risicovolle omstandigheden. Helaas gaat het na verloop van tijd vaak opnieuw mis en is er weinig of geen uitwisseling geweest met professionals vanuit andere werkvelden en is het kind alweer buiten beeld. Daarom worden in de aangescherpte meldcode ernstige gevallen van geweld altijd gemeld bij Veilig Thuis. Veilig Thuis kan de signalen over een langere periode en vanuit verschillende bronnen bij elkaar brengen en krijgt de taak om de samenhang tussen melden en de eventueel geboden hulp te monitoren en te verbeteren.

Niet alleen Veilig Thuis, ook de toezichthouders gaan hier beter op letten en nemen dit aspect nadrukkelijker mee in de beoordeling van de kwaliteit van een kinderopvanglocatie. Pedagogisch medewerkers kunnen hierover vragen verwachten tijdens een inspectiebezoek. Net zo goed als je moet weten waar de EHBO kist staat en wat erin zit, moet je de meldcode weten te vinden en weten wat erin staat. Daarnaast moet een houder kunnen aantonen op welke wijze de kennis over kindermishandeling en het gebruik van de meldcode onder medewerkers wordt bevorderd.

‘Is jouw kennis over het gebruik van de meldcode voldoende?’

Pedagogisch medewerkers hebben een kind meestal goed in beeld en zijn prima in staat signalen op te vangen, maar weten soms niet goed hoe ze deze bespreekbaar kunnen maken. Het aanstellen en opleiden van een leidinggevende of beleidsmedewerker tot aandachtsfunctionaris is van groot belang, maar niet voldoende. Nu en ook straks met de aangescherpte meldcode, blijft de deskundigheid en het durven aankaarten van vermoedens door professionals die direct met de kinderen te maken hebben cruciaal. Ook zij moeten betrokken en geschoold worden. Is jouw kennis over het gebruik van de meldcode voldoende en voel jij je zeker genoeg om er naar te kunnen handelen?


Sinds 1 januari hebben alle kinderen in de kinderopvang een eigen mentor. Wat merken de kinderen van deze verandering en wat houdt het mentorschap voor pedagogisch medewerkers in? Wat moet je doen en wat moet je kunnen? En wat als je helemaal geen klik hebt met een aan jou toegewezen kind? Lees deze blog van Kirsten hier


 

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.