Motoriek: lopen op zes pootjes

Nadoen is leerzaam en leuk. Kriebelbeestjes lopen niet zoals mensen. En ze hebben een heleboel pootjes: vaak wel zes (insecten) of acht (spinnen). Hoe lopen ze? Bestudeer torren, mieren en andere kruipers en doe het dan na.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Adobestock

Dat kan met een Youtube-filmpje, maar leuker is natuurlijk buiten. Een kind speelt een torretje na dat op zijn rug tuimelt met zijn poten in de lucht. De andere kinderen helpen om het dier weer op zijn pootjes te zetten. Sommige insecten kunnen vliegen. Lekker rondrennen en met de armen wapperen. Als je alle dieren hebt uitgeprobeerd krijgt iedereen een dier toegewezen. Je kunt dat duidelijk maken met een eenvoudig plaatje dat je met een veiligheidsspeld op het shirt prikt of je kunt symbolische accessoires gebruiken. De bij krijgt bijensprietjes op het hoofd, de wesp een geelzwarte streepjessjaal, de mug een puntmuts op zijn hoofd, enzovoort.

Energie te veel?

Moet er wat energie opgebrand worden in de groep? Een leuk spel voor binnen is het mierenspel. De kinderen worden verdeeld in twee mierenkolonies: zwarte en rode mieren. Elk team heeft een mierenkoningin die op een centrale plaats zit, soldaten die de gangen graven en verkenners die voedsel zoeken. Overal in de ruimten heb je ballen, kussens of zakjes piepschuim verstopt in de kleuren rood en zwart. De soldaten rennen voorop en ‘graven de gangen’; de verkenners speuren naar ‘eten’ (de rode en zwarte voorwerpen) en brengen dat zo snel mogelijk naar de koningin. Als de koningin tien stuks binnen heeft, heeft dat team gewonnen.

Overige activiteiten

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.