Vanaf 1 januari 2022 tot 1 juli 2026 mogen medewerkers in opleiding als vaste medewerker vaker op de groep staan. Dit wordt de BIO-maatregel genoemd (beroepskracht in opleiding). Het komt er kortgezegd op neer dat 50 procent van de medewerkers die intallig op de groep staan, hun opleiding nog niet voltooid hoeft te hebben. De oorspronkelijke regel was dat maximaal 33 procent van de medewerkers in een kinderdagverblijf of bso in opleiding mocht zijn.
Achtergrond
Dat dit maximaal 33 procent mocht zijn had als doel dat voorál ervaren en goed opgeleide medewerkers op de groep werkten. Zo bleven de veiligheid en de kwaliteit goed. Leerlingen in opleiding konden op deze manier begeleid worden door ervaren collega’s en van hen leren. Ook werd het inzetten van leerlingen in opleiding als goedkope kracht hiermee beperkt. Vanwege personeelstekort in de kinderopvang is in 2022 door het Ministerie van SZW besloten om de 33 procent tijdelijk te verhogen naar 50 procent.
Voornemen
Het voornemen is om die maatregel per 1 juli 2026 te verlengen. Het commissiedebat in de Tweede Kamer over kinderopvang is op 25 juni. PPINK, FNV, CNV en BOinK willen daar namens pedagogisch professionals en ouders hun gezamenlijke stem laten horen. Daarvoor ontvangen ze graag input. Wat zijn jouw ervaring met beroepskrachten in opleiding (BIO’s) op jouw locatie? Wat merk jij van deze verruimde regeling? En hoe kijk jij naar de rol van BIO’s op de groep? Het invullen van de enquête duurt ongeveer 3 minuten en je antwoorden worden anoniem verwerkt.
Ben je pedagogisch professional? Vul de enquête dan hier in >>
Ben je ouder? Vul de enquête dan hier in >>

