‘84 procent van de thuiszitters is vrouw’

Het niet goed kunnen combineren van werk en gezin is voor een deel van de vrouwen nog altijd reden om niet of deeltijd te werken. Ruim 220.000 Nederlanders hebben geen baan vanwege de zorg voor het gezin. 84 procent daarvan is vrouw. Ligt daar een rol voor de kinderopvang?

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
iStock

In 2008 zaten nog 300.000 Nederlanders thuis vanwege de zorg voor het gezin, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). ‘Maar de afgelopen vijf jaar is het redelijk constant, zo rond een kwart miljoen Nederlanders voor wie dat geldt.’ Dat zegt Peter Hein van Mulligen, hoofdeconoom bij het CBS, in een interview met BNR Nieuwsradio.

Laagopgeleid

Voor het gros van de vrouwen in die groep geldt dat ze laagopgeleid zijn. Zij hebben enkel de basisschool of het vmbo afgerond en hebben geen startkwalificaties op de arbeidsmarkt. Van Mulligen: ‘Hun startkansen zijn sowieso kleiner.’ Hoogopgeleide vrouwen werken twee keer zo vaak als laagopgeleide vrouwen.

Zorg voor kinderen

Een veelgenoemde reden is ziekte of arbeidsongeschiktheid, maar daarna is het zorgen voor kinderen een belangrijke reden. Van Milligen: ‘84 procent van de thuiszitters is vrouw. Zij werken niet vanwege onder andere zorg voor ouderen of het huishouden. Het aantal mannen dat om die reden thuis zit is echt maar een handje vol: zo’n 12.000. Voor vrouwen met jonge kinderen zijn schooltijden een reden om niet meer te kunnen werken. De combinatie van zorg en werk is te zwaar, te veel heen en weer gevlieg. Sommigen vinden een parttimebaan dan wel prima, en gaan meer werken als de kinderen niet meer op school zitten.’

Kinderopvang

Of de kinderopvang iets kan doen aan het stimuleren van de arbeidsparticipatie van laagopgeleide vrouwen, is lastig te zeggen, vindt BOinK-voorzitter Gjalt Jellesma. ‘De overheid kan wel kijken naar de uurprijs van de kinderopvang en in hoeverre dit een belemmering vormt. In de kinderopvang voelen de gezinnen met lage inkomens het het meest als de uurprijs van de kinderopvang boven de maximaal te vergoeden uurprijs door de overheid (via de kinderopvangtoeslag) stijgt.’

Bso

Zeker voor de buitenschoolse opvang geldt dat de uurprijs vaak boven de maximaal te vergoeden uurprijs ligt. Jellesma: ‘De eigen bijdrage van ouders is dan vele malen hoger. In veel landen om ons heen is kinderopvang helemaal gratis. Of je krijgt de eerste 20 uur gratis. De overheid zou eens kunnen kijken of het specifieke maatregelen kan nemen om verbeteringen aan te brengen voor de groep ouders met een laag inkomen.’

Beluister het interview met Gjalt Jellesma en Peter Hein van Mulligen hier terug >>

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.