Smeren in de Zonnetjesweek

Nu de lente in volle gang is, en de zon fel schijnt, is het tijd om aandacht te besteden aan zonbescherming. Daarom organiseert het Huidfonds van 25 tot 29 mei de Zonnetjesweek. Vijf vragen aan huidtherapeut Carolien van Vliet

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
iStock

Waarom is de Zonnetjesweek zo belangrijk?

‘Het is wetenschappelijk bewezen dat zonschade in je jeugd (tot een jaar of vijftien) het meest bepalend is voor het krijgen van huidkanker op latere leeftijd. Omdat men dat vroeger nog niet wist, zijn het juist de ouderen van nu die vaak bij de dermatoloog terechtkomen. Gelukkig zijn we al een stuk bewuster, en smeren we onszelf steeds vaker in, maar het kan nóg beter. Daarom is het goed dat de Zonnetjesweek weer op de agenda staat. Want nog steeds zie ik wel eens een ontbloot kindje in de zon spelen.’

Wat zijn de misverstanden als het om wel of niet verbranden gaat?

‘Mensen denken vaak dat ze zich in de zomer moeten insmeren en dat de lentezon weinig kwaad kan. Dat is absoluut niet zo: ook de lentezon kan al een UV-kracht van 5 hebben (op een schaal van 10). Ook dan loop je dus het risico op verbranden. Ik hoor ook wel eens dat mensen zich niet willen insmeren omdat ze bang zijn dan geen vitamine D op te nemen. Dat valt reuze mee, ook met zonnebrand op maakt je lichaam vitamines aan. En dan zijn er nog de crèmes die beweren twaalf uur bescherming te bieden. Dat is onmogelijk.’

Insmeren is dus erg belangrijk. Hoe vaak doe je dat?

‘Stel dat een kind de hele dag buiten is, dan smeer je het elke twee uur in. Vraag ouders of ze hun kinderen ’s ochtends thuis al kunnen insmeren, liefst twintig minuten voordat ze de deur uitgaan. Dan werkt de bescherming het best. Smeer dik. Gebruik minimaal zeven theelepels per smeersessie. Gebruik een theelepel voor het gezicht en de hals, twee voor de armen en schouders, twee voor de borst, buik en rug en twee voor de benen en voeten. Als je te weinig smeert, zakt de beschermingsgraad van bijvoorbeeld factor 30 naar 20. Kinderen hebben minimaal factor 30 nodig, kinderen met een lichte huid en/of rossig haar factor 50.’

Wat kun je nog meer doen om kinderen tegen de zon te beschermen?

‘Stimuleer ouders om kinderen UV-kleding te laten dragen, en in ieder geval een hoedje of een petje. De samenwerking tussen ouders en pedagogisch medewerkers is sowieso belangrijk. Laat kinderen zo weinig mogelijk in de volle zon spelen. Zoek een schaduwplek, of als die er niet is, creëer er dan zelf een met een parasol of zonnedoek. Ook in de schaduw kun je trouwens verbranden, dus insmeren blijft belangrijk. Vergeet de zonnebril niet: een sterke zon kan ook oogschade op de lange termijn opleveren.’

 Wat is jouw belangrijkste boodschap?

‘Het is niet per definitie slecht om in de zon te spelen. Geniet ervan, maar doe het wel beschermd.’

Wil je meer lezen? 

Abonneer je dan op onze gratis nieuwsbrief en ontvang twee keer per week de beste artikelen en het laatste nieuws in je mailbox. Zo mis je niets meer!

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.