Blog GGD – Oordeel over kwaliteitsoordeel

Wij mensen zijn goed in oordelen. Ook ik moet schuld bekennen: Ik doe het heel vaak. En vaak ook veel te snel. Een dik kind heeft het overgewicht vast in de genen óf krijgt geen gezond voedingspatroon mee van thuis. Denk ik bijvoorbeeld. Of: Ouders en houders van een kinderdagverblijf moeten het belang van het kind meer voorop stellen. Ik ging trouwens mooi onderuit op die eerste bevinding, door mijn eigen lieve, toch op-enige-magische-wijze-obesitas-baby van 10 maanden.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
MaaikevanLeeuwen.jpg
Maaike van Leeuwen is afgestudeerd in de pedagogische wetenschappen en werkzaam als projectmedewerker bij GGD GHOR Nederland. Ze is betrokken bij onder andere de pilot kwaliteitsoordeel.

De scheidslijn tussen een vooroordeel en een oordeel is soms maar dun. Bovendien lijkt het wel of we als mens niet zonder het maken van oordelen kunnen. In het werk als toezichthouder kinderopvang kom je ook niet onder het oordelen uit. Een houder voldoet wel of niet aan de wet- en regelgeving. Dat toetst de toezichthouder van de GGD. Gezien de omstandigheden in de kinderopvang, zoals de marktwerking en de kinderen in een kwetsbare leeftijd, ben ik van mening dat toezicht in de kinderopvang nodig is. Daar hoort het oordelen bij. Gelukkig is een oordeel van een toezichthouder goed onderbouwd: Het is een zorgvuldige afweging. Hierbij is het beleid van de houder in combinatie met de situatie in de praktijk bepalend.

Meer dan het naleven van de wet

Minister Asscher heeft zijn zinnen gezet op een kwaliteitsoordeel in de kinderopvang. Dat betekent dat er wat hem betreft niet alleen wordt getoetst of er voldoende of onvoldoende aan de wettelijke eisen wordt voldaan. Er moeten meer smaken komen. Een goed of uitstekend erbij, bijvoorbeeld. Het idee is dat de houder op deze manier niet stagneert op de middenlijn, waarbij ‘slechts’ voldaan moet worden aan de wet. Met een kwaliteitsoordeel wordt de kinderopvangbranche gestimuleerd om een hogere kwaliteit te leveren. De moeilijkheid hierbij zit in het woordje kwaliteit. Want hoe beoordeel je dat? Wat is het verschil tussen voldoende en goed? Het is belangrijk om hierbij te beseffen dat we in Nederland op dit moment ook al oordelen. Bovendien beoordeelt een ouder ook nu al de kwaliteit van het kinderdagverblijf, op basis van de informatie die beschikbaar is.

Ontwerp van een gevarieerd oordeel

Ik denk dat het kan: Het ontwikkelen van een meer gevarieerd oordeel. We kunnen in de kinderopvangbranche niet om dat oordelen heen. Dus laten we meer smaken proberen dan alleen voldoende en onvoldoende. Laten we met elkaar vast stellen wat nóg beter is voor het kind dan ‘voldoende’. Dat betekent wel dat we een uitdaging aan moeten gaan. Want een oordeel, ook een ‘goed’, moet een stevige fundering kennen. En dus moeten we bij de ontwikkeling van een dergelijk oordeel de tijd nemen om vast te stellen wat we goede kinderopvang vinden. Wanneer vinden we de pedagogische praktijk bijvoorbeeld nog beter dan voldoende? Hierbij kunnen we lessen trekken uit wat de wetenschap recent heeft opgeleverd aan inzichten. We kunnen leren van andere landen; hoe zij goede pedagogische kwaliteit in de kinderopvang definiëren. En niet in de laatste plaats kunnen we voortbouwen op goede praktijkvoorbeelden uit de huidige kinderopvangbranche in Nederland. Op wat de toezichthouders in Nederland tegenkomen.

Ontvankelijk zijn als norm

Als we dat meer gevarieerde oordeel hebben uitgedacht en vorm hebben gegeven, kunnen de toezichthouders aan de slag. Eerst in de vorm van een pilot. En natuurlijk moet de toezichthouder ook voldoende geëquipeerd zijn. Voldoende geschoold om het oordeel te kunnen geven én uit te leggen. Aan zowel de beroepskracht, als ook aan de houder en de ouder. En, wellicht nog het allerbelangrijkste: Ik, jij, de houder, de ouder en ook de toezichthouder: We moeten constant bereid zijn om ons oordeel gefundeerd bij te stellen. Als blijkt dat de situatie is veranderd. Of als blijkt dat we de situatie toch niet goed hebben ingeschat.

Laten we het proberen. Ik denk dat een kwaliteitsoordeel een meerwaarde kan zijn, dat is mijn oordeel. Nu uitzoeken wat dat oordeel waard is.

Maaike van Leeuwen, afgestudeerd in de pedagogische wetenschappen en werkzaam als projectmedewerker bij GGD GHOR Nederland. Betrokken bij onder andere de pilot kwaliteitsoordeel. Heeft ook zes jaar gewerkt als toezichthouder kinderopvang in regio Zuid-Holland Zuid.

De GGD levert regelmatig weblogs aan voor Kinderopvangtotaal, iedere keer door een andere auteur geschreven:

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.