VVE en taalachterstanden

Dit kan een pedagogisch coach in de VE bereiken

Het verbeteren van de educatieve kwaliteit in de voorschoolse educatie. Dat is volgens Heleen Versteegen van bureau Sardes de belangrijkste rol van de pedagogisch beleidsmedewerker/coach. ‘Kinderen kunnen veel meer dan je denkt, ook ouders onderschatten kun kind nog weleens. Je mag best hoge verwachtingen laten zien.’
VVE en taalachterstanden
Naar aanleiding van de resultaten besluit het ministerie of tweetaligheid in de dagopvang ook in de wet wordt vastgelegd.

Amsterdam proeftuin tweetalige dagopvang

Gezien het internationale karakter van de stad is er volgens de Amsterdamse wethouder van Onderwijs Simone Kukenheim behoefte aan tweetalige kinderopvang. Drie kinderopvangorganisaties mogen experimenteren met Engels als tweede taal.
VVE en taalachterstanden
Nog 1800 vrijwilligers op peuterspeelzalen

Nog 1800 vrijwilligers op peuterspeelzalen

Nog even en er is geen enkel verschil meer tussen de peuterspeelzaal en het kinderdagverblijf. Maar daarvoor moeten de peuterspeelzalen wel eerst 1800 vrijwilligers vervangen voor betaalde beroepskrachten. De MOgroep raadt peuterspeelzalen aan tijdig actie te ondernemen.
VVE en taalachterstanden
De ambitie is dat zestig scholen internationalisering een structurele plek gaan geven in hun onderwijs.

Amsterdam wil meer tweetalige opvang en onderwijs

Amsterdam investeert twee miljoen euro in tweetalig onderwijs. Als het aan de gemeente ligt, start tweetalige opvang al eerder; als kinderen naar het kinderdagverblijf gaan.
VVE en taalachterstanden
Nog altijd gaan er bijna honderdduizend kinderen naar de peuterspeelzaal in Nederland. Voor ouders met kinderen met een taalachterstand of gezinnen waar maar één ouder werkt

Wie zorgt straks voor peuters zonder toeslag?

Wat gebeurt er met peuters uit gezinnen waar één ouder werkt als het peuterspeelzaalwerk vanaf 2018 onder de Wet kinderopvang komt te vallen? Zij hebben geen recht op kinderopvangtoeslag en de drempel voor peuterspeelzaal wordt hoger
Bso's mogen straks maximaal 50 procent van de opvang

Voortaan twee talen in bso toegestaan

In navolging van het primair onderwijs mogen bso’s meertalige kinderopvang gaan bieden. Dat betekent dat 50 procent van het taalgebruik in het Engels, Duits of Frans aangeboden mag worden. Minister Asscher wijzigt hiervoor de Wet Kinderopvang. Voor kinderdagverblijven voert een wetswijziging nog wat te ver, maar de minister stelt wel experimenteerruimte beschikbaar.
VVE en taalachterstanden
Er zijn verschillende manieren van het uitkeren van kinderopvangtoeslag. Welk scenario levert het meeste op voor de arbeidsmarkt? En welke voor de kinderopvangbranche?

Kinderopvangtoeslag anders inrichten heeft geen effect

Het anders inrichten van de kinderopvangtoeslag leidt niet direct tot grote verschuivingen op de arbeidsmarkt. Dit ontdekte het Centraal Planbureau (CPB). Dat onderzocht in opdracht van het Ministerie van Sociale Zaken de effecten van alternatieve vormgevingen van de kinderopvangtoeslag, zoals een inkomensonafhankelijke toeslag of een aparte tabel voor kinderdagverblijven en bso’s.
Modelrapporten 2015 kinderopvang beschikbaar

Modelrapporten 2015 kinderopvang beschikbaar

Kinderopvanglocaties, peuterspeelzalen, gastouderbureaus en gastouders moeten voldoen aan kwaliteitsregels volgens de Wet kinderopvang. Toezichthouders zoals de GGD controleren hierop. In de nieuwe modelrapporten is te zien hoe zij de kwaliteitseisen uit de wet het komende jaar 2015 beoordelen.
VVE en taalachterstanden
Verschil in peutervisie VNG en kabinet blijft

Verschil in peutervisie VNG en kabinet blijft

Hoe komt de opvang van peuters eruit te zien? Het Ministerie van Sociale Zaken is, onder leiding van minister Asscher, al jaren bezig met de harmonisatie van peuteropvang. Maar zijn plannen gaan voor branchepartijen in de kinderopvang en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) niet ver genoeg. Zij zien liever gratis dagdelen voor alle peuters. Dat is volgens Asscher financieel absoluut niet haalbaar.
Onderzoek naar omvang peuterspeelzalen

Onderzoek naar omvang peuterspeelzalen

In de aanloop naar de peuterplannen van minister Asscher, gaat bureau Buitenhek management & Consult inventariseren hoeveel peuters gebruikmaken van VVE, hoeveel speelzalen er zijn en wat ouders nu gemiddeld bijdragen aan peuteropvang. De MOgroep is nauw betrokken bij het onderzoek.

Over vve en taalachterstanden

Taalachterstanden zo vroeg mogelijk voorkomen

Voor peuters met een taalachterstand is er vroeg- en voorschoolse educatie, ook kinderen zonder achterstand komen op de kinderopvang en de peuterspeelzaal met deze educatieve programma’s in aanraking. Pedagogisch medewerkers leren om peuters al op jonge leeftijd spelenderwijs en themagericht taal bij te brengen en meteen andere ontwikkelingsgebieden aan te spreken. Gemeenten krijgen subsidie om achterstanden aan te pakken. Hier gaat veel geld in om en er is nogal eens kritiek over de efficiëntie van de huidige VVE-methodieken. In dit dossier leest u meer over deze discussie en andere VVE-gerelateerde onderwerpen.

Lees meer

Bij een onderwijsachterstand presteert een kind met bepaalde omgevingskenmerken minder goed in het onderwijs in vergelijking met een kind met eenzelfde leerpotentieel, maar zonder die kenmerken. Het onderwijsachterstandenbeleid is gericht op het verminderen en voorkomen van onderwijsachterstanden. Binnen dit beleid krijgen peuters met een risico op een onderwijsachterstand door middel van voor- en vroegschoolse educatie spelenderwijs een stimulerend en taalrijk aanbod waarmee hun ontwikkeling op het gebied van taal, rekenen, motoriek, en op sociaal-emotioneel vlak op gestructureerde en samenhangende wijze wordt gestimuleerd. Het is de bedoeling dat deze deze kinderen een betere start op de basisschool (groep 3) maken en een toekomstige onderwijsachterstand mogelijk worden voorkomen of verminderd.

Randvoorwaarden
Voorschoolse educatie wordt aangeboden in VVE-groepen op kinderopvanglocaties of peuterspeelzaallocaties en is gericht op peuters tussen 2 en 4 jaar. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van het beleid ten aanzien van VVE. De randvoorwaarden voor de kwaliteit van VVE zijn geregeld in het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. De werking van dat Besluit is naar aanleiding van de cohortstudie pre-COOL geëvalueerd. Het is het eerste Nederlandse onderzoek waarin gebruik is gemaakt van een begintest en waarin peuters tussen 2 en bijna 6 jaar zijn gevolgd in hun ontwikkeling, vanaf het moment dat zij naar een voorschoolse voorziening gaan, tot op de basisschool.

Pre-COOL
Uit het pre-COOL onderzoek blijkt dat VVE eraan bijdraagt dat peuters uit de doelgroep hun achterstand grotendeels inlopen. Het onderzoek laat zien dat deelname aan VVE kan compenseren voor onvoldoende stimulatie in de thuisomgeving. Daarbij toont het onderzoek aan dat een hoge educatieve kwaliteit van de voorschoolse voorziening van belang is voor de ontwikkeling van de aandachtfunctie die een belangrijke voorspeller is voor latere schoolse vaardigheden. Ook uit internationaal onderzoek blijkt dat een hogere, met name educatieve, kwaliteit van voorschoolse voorzieningen leidt tot een betere sociale ontwikkeling, tot een grotere mate van zelfregulatie en tot beter ontwikkelde cognitieve vaardigheden.

Discussie over effectiviteit
Er is in Nederland veel discussie over de effectiviteit van VVE. Zo bleek uit een inventariserend onderzoek van hoogleraar Ruben Fukkink in 2015 dat VVE niet effectief is. Later liet hij in een eigen onderzoek zien dat VVE in combinatie met VIB wel effect sorteert. De overheid blijft onverminderd inzetten op een achterstandenbeleid met gebruikmaking van VVE. Wel worden de VVE-gelden de komende jaren op een andere manier verdeeld. De kleinere gemeentes krijgen meer en de grote gemeentes minder. Dit heeft tot veel protest van grote gemeenten geleid omdat zij inmiddels een infrastructuur hebben opgebouwd van voorscholen en VVE-klassen. Bezuinigigen betekent een gedeeltelijke afbraak van die voorzieningen.

Educatieve kwaliteit
Uit peilingen met betrekking tot de kwaliteit op Nederlandse kinderdagverblijven en peuterspeelzalen blijkt dat de pedagogische kwaliteit goed is, maar dat de educatieve kwaliteit verbetering behoeft. Zo scoorde ruim driekwart van de pedagogisch medewerkers (werkzaam op een kinderdagverblijf) een onvoldoende voor ontwikkelingsstimulering en begeleiding van interacties tussen kinderen. En ook op peuterspeelzalen waren deze educatieve vaardigheden gemiddeld genomen matig tot onvoldoende aanwezig. Ook uit een andere studie blijkt dat Nederlandse pedagogisch medewerkers wel goed in staat zijn om emotionele en gedragsondersteuning te bieden, maar moeite hebben met de educatieve ondersteuning van kinderen. Om de effecten van VVE te verhogen, zijn enkele maatregelen nodig.

Aanpassingen Besluit
De aanpassingen van het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie zetten in op verhoging van de kennis en vaardigheden van de beroepskracht VVE, een betere kwaliteitszorg op VVE-locaties en indirect op verbetering van het toezicht. Zo moet het taalniveau van pedagogisch medewerkers omhoog. Pm’ers die in VVE-groepen werken, moeten naar niveau 3F op de onderdelen Mondelinge Taalvaardigheid en Lezen.

Innovatiecentra VVE
Onderzoek speelt een rol in het zoeken naar factoren die de kwaliteit en effectiviteit van VVE verbeteren. Vanaf het schooljaar 2017/2018 wordt via innovatiecentra onderzoek gedaan naar (potentieel) succesvolle VVE-interventies in de praktijk. Uitbreiding van het aantal uren VVE wordt bijvoorbeeld gezien als een manier om de effectiviteit van VVE te vergroten. Maar deze maatregel is kostbaar en de effectiviteit ervan hangt naar verwachting mede af van de kwaliteit van het aanbod. Binnen de innovatiecentra kan onderzocht worden in hoeverre, op welke manieren en in welke omstandigheden het aantal uren VVE van invloed is op de effectiviteit ervan. Deze innovatiecentra spelen ook een rol bij het delen van wetenschappelijke kennis en goede voorbeelden, zo is te lezen in de toelichting op het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie.

Uitgelicht congres

Jaarcongres Management Kinderopvang 2021