Permanente educatie en opleidingen

Bijlsma: ‘We moeten flexibeler omgaan met kwalificeringen en diploma’s’

Met toenemende personeelstekorten in de sector zorg en welzijn, klinkt een breed inzetbare medewerker met één flexibel contract als dé oplossing. Inzetbaar in de kinderopvang of (jeugd)zorg, net waar op dat moment vraag is. Is dat een goed idee? En is het uitvoerbaar? We vragen het aan Emmeline Bijlsma, directeur Brancheorganisatie Kinderopvang.

1.600 subsidieaanvragen Taal- en interactievaardigheden

In vier jaar zijn bijna 1.600 subsidieaanvragen verleend voor de subsidieregeling ‘Versterking taal- en interactievaardigheden beroepskrachten en gastouders in de kinderopvang’. Dat laat staatssecretaris Tamara van Ark (SZW) weten.

BKK biedt programma voor middelgrote organisaties

Met een studiereis en een leergang pedagogische klantbelofte richt BKK zich op managers van middelgrote kinderopvangorganisaties.
1 Kwalificatie pm'ers.jpg

FCB bundelt informatie opleidingseisen pm’ers

Op de website van FCB staan antwoorden op veel gestelde vragen over kwalificatie-eisen voor pedagogisch medewerkers.
Gastouders: flexibel

Gastouders: flexibel, solitair en trouw

Het is lastig om een beeld te schetsen van dé gastouder. Daarvoor is de groep te divers. Het ministerie vroeg het Kohnstamm Instituut en het Nederlands Consortium Kinderopvang Onderzoek (NCKO) om onderzoek te doen naar kenmerken van de Nederlandse gastouderopvang. Daaruit komt naar voren: de gastouder is vrouw, heeft zelf kinderen, werkt vanuit eigen huis, vangt gemiddeld 4 kinderen per week op, is aangesloten bij één gastouderbureau, is zeer op zichzelf en ziet gastouderopvang als een serieus vak.
Nederlandse gastouder goed opgeleid in Europa

Nederlandse gastouder goed opgeleid in Europa

De opleidingseisen voor Nederlandse gastouders zijn hoger dan in andere Europese landen. Dit blijkt uit een vergelijkend onderzoek van het Kohnstamm Instituut in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken. Het onderzoek moet inzicht geven in hoe Nederlandse gastouderopvang zich verhoudt tot gastouderopvang in andere, West-Europese landen.
Gezamenlijke inkoop maakt gastouderopleiding goedkoper

Gezamenlijke inkoop maakt gastouderopleiding goedkoper

Samen kun je meer dan alleen. Daarom neemt KNGO (KennisNetwerk GastouderOpvang) het initiatief om gastouders gezamenlijk te laten inschrijven voor een gastouderopleiding (HZW-2). Door het wegvallen van de subsidie voor ROC's eind 2013 zijn de opleidingen voor (potentiële) gastouders haast onbetaalbaar geworden .
Asscher wil kwaliteitsonderzoek gastouderopvang

Asscher wil kwaliteitsonderzoek gastouderopvang

In navolging van de dagopvang en de buitenschoolse opvang ondergaat ook de gastouderopvang een kwaliteitsonderzoek. Dit zegt minister Lodewijk Asscher op vragen van VVD-Kamerlid Ockje Tellegen. In 2014 wordt een meetinstrument ontwikkeld en aansluitend volgt de kwaliteitsmeting.
FCB onderzoekt mogelijkheden voor gastoudersubsidie

FCB onderzoekt mogelijkheden voor gastoudersubsidie

Bemiddelingsmedewerkers van gastouderbureaus komen niet in aanmerking voor de subsidie voor leidinggevenden in de kinderopvang. Dit heeft FCB laten weten na vragen hierover van KNGO (KennisNetwerk GastouderOpvang). Wel wil FCB kijken of de gastouderopvang in toekomstige stimuleringsplannen wel meegenomen kan worden. Dat is nu vaak nog niet het geval, tenzij het om een specifieke gastoudersubsidie gaat.
Alleen pedagogische opleiding bemiddelingsmedewerker van belang

Alleen pedagogische opleiding bemiddelingsmedewerker van belang

Bemiddelingsmedewerkers van gastouderbureaus worden voortaan niet meer getoetst op hun opleidingsniveau. De GGD heeft zich, op advies van het ministerie en branchepartijen, voorgenomen alleen te letten of de medewerker voldoet aan de pedagogische opleidingseis.

Over permanente educatie en opleidingen

Je bent nooit uitgeleerd in de kinderopvang

In de kinderopvang raak je nooit uitgeleerd. De branche is daarom bezig met het invoeren van Permanente Educatie. Dit is een methode waarbij alle pedagogisch medewerkers altijd blijven leren naast hun werkzaamheden op de groep. De afgelopen jaren is er getest met online programma’s. De lessen uit deze pilots worden meegenomen in de invoering van de Permanente educatie.

Lees meer

Permanente educatie en opleidingen

Permanente educatie, ofwel voortdurende scholing, is een manier om te zorgen dat de kennis en vaardigheden van beroepskrachten actueel zijn en overeenkomen met de laatste wetenschappelijke inzichten. De Brancheorganisatie kinderopvang heeft een twee jaar durend project gehad rondom blijvend leren. Deze is in het voorjaar 2017 afgerond en daarmee klaar voor implementatie in het werkveld. Via het digitale platform Permanente Educatie voor Pedagogisch Professionals (PEPP) kunnen pedagogisch medewerkers kennis opdoen van nieuwe wetenschappelijke en maatschappelijke inzichten op het gebied van de ontwikkeling van kinderen. De eerste twee jaar van deze pilot hebben verschillende resultaten opgeleverd. Zo is er een inhoudelijk kader ontwikkeld waarbij de te ontwikkelen leergebieden in beeld zijn gebracht. Voor deze leergebieden zijn en worden er modules gemaakt, met bijbehorende proef- en eindtoetsen. Op het online platform www.pepp.pro zijn ruim 1500 deelnemers van meer dan 60 organisaties actief geweest met het volgen van modules en het maken van toetsen. Op 14 oktober 2016 zijn de eerste certificaten uitgereikt.

Kosten

Aan permanente educatie zijn verschillende kosten verbonden. Er zijn abonnementskosten per deelnemer, om het platform www.pepp.pro te kunnen onderhouden en ontwikkelen. Daarnaast zijn er kosten verbonden aan het afleggen van eindtoetsen voor het behalen van de PE-certificaten. En er zijn de meer verborgen kosten voor coaching en kindloos overleg, waar de noodzakelijke brug geslagen wordt van nieuwe kennis en inzichten naar verbeterd handelen. Het bestuur van de Brancheorganisatie Kinderopvang is akkoord gegaan met de oprichting van de Stichting Permanente Educatie Kinderopvang (STIPEK) ten behoeve van de gehele sector (met o.a. zowel een zetel voor de werkgevers als werknemers in het bestuur). Het intellectueel eigendom dat het project heeft opgeleverd is overgedragen naar STIPEK.

Reguliere opleidingen

Het aantal studenten aan de reguliere opleiding PW is de laatste jaren enorm gedaald. Door de forse bezuinigingen konden kinderopvangorganisaties geen stageplekken meer bieden. En zonder stageplekken kunnen de opleidingen moeilijk in stand gehouden worden. Het aantal inschrijvingen en afgestudeerden aan de PW-opleiding spreken voor zich. In 2010 schreven zich nog ruim 19.000 studenten in voor de PW3-opleiding. In 2016 waren dit er nog niet eens 8000. Voor PW niveau 4 waren er in 2010 nog ongeveer 15.000 inschrijvingen en in 2016 nog maar 8500. In totaal studeerden er in 2015 slechts 2600 studenten af aan de PW4-opleiding.

Mismatch

Door de enorme afname van het aantal studenten in combinatie met herstel en groei van de sector is er nu grote spanning op de arbeidsmarkt. Door de nieuwe kwaliteitseisen is er nu meer behoefte aan afgestudeerde pm’ers op hbo- of mbo-4-niveau. Maar deze zijn er onvoldoende. De pm’ers op mbo-3 niveau komen haast niet meer aan de bak terwijl er tegelijkertijd grote vraag is naar nieuw en hoger opgeleid personeel.

Overgangsfase

Is de situatie voor de mbo 3’er nu echt hopeloos? Yvette Vervoort van Buro 80/20: ‘We zitten vooral in een overgangsfase, met de nieuwe wet IKK in aantocht. De voorkeur zal tijdelijk bij hoger opgeleiden liggen, maar dat draait ook weer bij. Opleidingen moeten zich wel gaan afvragen in hoeverre hun mbo 3-opleidingen voor pm’ers aansluiten op de eisen die het werkveld stelt.’

IKC

Nieuwe samenwerkingsvormen, zoals binnen een integraal kindcentrum, stelt ook eisen aan beroepskrachten. Wt hebben toekomstige IKC-medewerkers nodig aan competenties? De samenwerkingsverbanden Kinderopvang en beroepsonderwijs Gelderland en Overijssel lieten het uitzoeken door Judith Kuiten. Zij was jarenlang docent op een ROC. Naast haar werk volgde ze een masteropleiding pedagogiek, leren en innoveren aan de Hogeschool van Amsterdam. Haar afstudeeronderzoek ging over de vraag: welke vaardigheden zijn nodig voor toekomstige ikc-medewerkers? Ze won er de Scriptieprijs Kinderopvang 2015 mee, uitgereikt door Het Kinderopvangfonds. Belangrijke vaardigheden voor IKC-medewerkers die ze vond zijn een integrale houding, interactief kunnen werken, basiskennis hebben van 0- tot 12-jarigen (‘en dat je daar ook over kunt communiceren’), flexibiliteit en het hebben van een onderzoekende houding. ‘Binnen een IKC is het vooral van belang dat je werk zich niet beperkt tot jouw groepsruimte of klaslokaal, maar dat je over de muren heen kijkt.’

Flexibiliteit

Met name flexibiliteit en een onderzoekende houding springen eruit, merkte de onderzoekster. ‘Als medewerkers geen onderzoekende houding hebben, hoe moeten kinderen die dan ooit vasthouden? Daaraan ontbreekt het in de praktijk nog heel erg. Flexibiliteit betekent: snel kunnen schakelen. Er zijn op IKC’s steeds meer combinatiefuncties, zoals een bso-medewerker die ook op de vroegschoolse opvang werkt, of een IB’er die zowel in het onderwijs als in de opvang wordt ingezet. Dan moet je flexibel zijn en makkelijk met iedereen kunnen communiceren.’ De gevonden vaardigheden sluiten aan bij de 21e-eeuwse vaardigheden waar onder andere SLO, nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling onderzoek naar heeft gedaan. Ook keek Kuiten naar internationale studies, en het onderzoek van PACT dat zich richtte op de vaardigheden voor professionals die met 0- tot 6-jarigen werken. De onderzoekster trok de leeftijd door naar 12-jarigen. ‘In een IKC kun je je niet beperken; het gaat juist om de doorgaande lijn.’

Uitgelicht congres

Jaarcongres Management Kinderopvang 2021