Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Wetenschappelijke meetinstrumenten bestaan al

De wens voor een wetenschappelijk onderbouwd meetinstrument voor de kinderopvang van Brancheorganisatie-voorzitter Felix Rittenberg, is al realiteit. Sinds 2004 kent de kinderopvangbranche een meetinstrument van het Nederlands Consortium voor Kinderopvang Onderzoek (NCKO). Maar ook de GGD werkt al jaren met een wetenschappelijk onderbouwd pedagogisch meetinstrument.
1Meetinstrument.jpg
‘Wat de GGD doet, is prima’, zegt Gevers van het NCKO, ‘maar geeft geen compleet en betrouwbaar beeld over pedagogische kwaliteit. Dat doen wij wel.’ - Foto: Thinkstock

Mirjam Gevers is van het NCKO en was enigszins verbaasd toen ze las dat Rottenberg na de kritiek op de kwaliteit van de kinderopvang nu eindelijk toe is aan een wetenschappelijk onderbouwd meetinstrument. Dit zei hij op Radio 1. Rottenberg sprak daarnaast de wens uit voor meer eenduidigheid in inspectie. Want wat in de ene gemeente wel mag, is in de andere gemeente verboden. Dat laatste spreekt Gevers wel aan. ‘Het is een goed idee dat Rottenberg namens de Brancheorganisatie Kinderopvang het initiatief wil nemen om met verschillende partijen, zoals het ministerie van Sociale Zaken, de GGD en het NCKO, afspraken wil maken om de meting van kwaliteit betrouwbaar en eenduidig te maken.’

Randvoorwaarden

Gevers legt in een reactie op de website van de Brancheorganisatie Kinderopvang uit wat het NCKO-instrument precies kan meten. ‘Waar de GGD met name kijkt naar randvoorwaardelijke zaken zoals groepsgrootte, veiligheid, Arbo en het wel of niet hebben van een oudercommissie focussen wij op de proceskwaliteit. Het NCKO-instrument kijkt naar zes belangrijke vaardigheden waarover pedagogisch medewerkers moeten beschikken in de omgang met kinderen. Deze vaardigheden blijken uit wetenschappelijk onderzoek de belangrijke weergave van kwaliteit van een kinderopvanglocatie te duiden.

Sensitiviteit

‘Wij kijken of een pedagogisch medewerker sensitief is, respect heeft voor de kinderen, goed leiding kan geven, veel uitlegt, de ontwikkeling van het kind stimuleert en of de pedagogisch medewerker in staat is om de kinderen goed met elkaar te leren omgaan’, vertelt Gevers. Dit onderzoek heeft inmiddels tot drie peilingen geleid naar de kwaliteit in de kinderopvang: in 2005, 2008 en 2012. Voor deze kwaliteitsmeting blijven observatoren minstens een halve dag op de groep om de kwaliteit van de vaardigheden van pm’ers goed in kaart te brengen. Observatoren volgen een training van minimaal 5 dagen om te leren hoe te observeren en oordelen.

Pedagogische kwaliteit

‘Wat de GGD doet, is prima’, zegt Gevers, ‘maar geeft geen compleet en betrouwbaar beeld over pedagogische kwaliteit. Dat doen wij wel.’ De GGD ontkent alleen te kijken naar randvoorwaarden in het toezicht op de kinderopvang. Toezichthouders van de GGD werken sinds 2012 met het veldinstrument observatie pedagogische praktijk, ontwikkeld door het Nederlands Jeugdinstituut in 2011. Ook dit veldinstrument is wetenschappelijk getoetst en vervolgens aangepast door het Nederlands Jeugdinstituut op basis van de adviezen uit dat onderzoek.

Nog meer pedagogisch toezicht

Overigens wil zowel het ministerie van Sociale Zaken als GGD GHOR Nederland toewerken naar meer pedagogisch toezicht. Hiervoor is onlangs een pilot gestart waarin wordt geëxperimenteerd met een gezamenlijke inspectie van pedagogische kwaliteit door de toezichthouder én de locatiemanager of eigenaar van een kinderopvang.

Landelijke meting

Gevers weet dat het ministerie van Sociale Zaken in 2017 een landelijke kwaliteitsmeting wil aankondigen naar alle vormen van kinderopvang: kinderdagverblijven, bso’s, peuterspeelzalen en gastouderopvang. Deze meting moet over een langere periode een systematisch beeld opleveren van hoe het met de pedagogische kwaliteit binnen deze opvangvoorzieningen gesteld is.

De nieuwe NCKO Kwaliteitspeiling is met veel instemming begroet. De dalende trend is gekeerd. Maar veel reden om te juichen is er nog niet. De kwaliteit wisselt sterk, ook binnen organisaties, en is op veel plaatsen nog maar matig. Lees meer in dit achtergrondartikel

Marianne Velsink

2 reacties

  • M. Balledux

    De pedagogische kwaliteit wordt ook nu al prima door de GGD beoordeeld met het gevalideerde veldinstrument Observatie Pedagogische praktijk. Bijna 100% van de inspecteurs werkt hier mee. Te downloaden op www.nji.nl
    Waarom ineens die roep om andere instrumenten, terwijl Volkskrant stomweg de verkeerde conclusies heeft getrokken??

  • EJW Poerink

    En precies dit NCKO instrument proberen we al sinds de parlementaire hoorzitting kinderopvang in 2013 meer gewicht te geven. Kwestie van politieke wil en financien...
    Zie het oorsponkelijke position paper op www.minvhk.nl

Of registreer je om te kunnen reageren.