Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

De leukste waterspelletjes voor alle leeftijden

Deze spelletjes zijn voor alle leeftijden en makkelijk te organiseren.
Er is voor elke leeftijd een leuk waterspelletje te bedenken.
Er is voor elke leeftijd een leuk waterspelletje te bedenken. - Foto: Free Images

0-1   jaar: Waterbed voor de kleintjes

Maak een waterbed voor de allerjongste kinderen. Je vult een grote plastic zak met water en legt hem op het gras. Leg de baby er voorzichtig op, houd het kind goed vast en beweeg hem heen en weer over het waterbed. Zo voelt het kind de zachte massage van het water. Laat de baby nooit alleen achter, want het is natuurlijk geen echt waterbed, je valt er gemakkelijk vanaf.

 

3-6 jaar: Waterdans

Een variant op 'stoelendans' is 'waterdans'. Zorg voor aantal plastic badjes en teiltjes met water en  zet die in een kring, telkens een paar meter ertussen. Zet een vrolijk muziekje op en dans met z'n  allen rondjes om de teiltjeskring. Als de muziek stopt, springen de kinderen zo snel mogelijk in een bad. Ben je de enige 'droge', dan ben je af. Een teiltje wordt uit de kring gesleept, daar mogen de kinderen die 'af' zijn mee spelen en de muziek gaat weer verder. Doe dit liefst op een grasveld  omdat de kinderen in hun enthousiasme wellicht uit hun teiltje vallen.

3-6 jaar: Waterestafette

Je krijgt kinderen goed in beweging tijdens een waterestafette. Zorg voor een aantal leuke natte onderdelen. Zorg dat er flink wat afstanden worden overbrugd. Een paar voorbeelden.

• Lekke fles: maak een flink gat in de bodem van een aantal plastic literflessen. Elk team krijgt een volle emmer water bij de start en een lege emmer bij de finish. Een kind schept zijn lekke fles vol en rent ermee naar nummer twee, die neemt de fles over en rent naar nummer drie. Nummer vier bereikt de finish en laat het water dat nog over is in de lege emmer lopen.

• Natte dweil: het eerste kind maakt de dweil goed nat in de emmer en rent naar nummer twee. Het laatste kind wringt hem uit in de lege emmer.

• Hetzelfde kun je doen met enorme sponzen of met een schaaltje dat de kinderen boven hun hoofd moeten dragen.

4-8 jaar: Sponstikkertje

Nodig: minstens tien grote, zachte sponzen, tien emmers en een waterkraan. Het spel begint met één sponstikker. Die staat midden op het plein met zijn emmer en mag alleen daar vandaan naar de kinderen gooien. Het kind dompelt de spons zo diep mogelijk in het water en de anderen proberen zo dicht mogelijk voorbij te rennen zonder geraakt te worden. Wie geraakt is, krijgt ook een emmer met water en een spons en gaat op zo'n acht meter van het andere kind vandaan staan. De volgende getikte maakt van deze lijn een driehoek, et cetera. Hoe meer kinderen getikt zijn, hoe voller het plein komt met sponstikkers en hoe moeilijker het is om de natte sponzen nog te ontwijken.

Wat is water? 6-12 jaar

Je draait de kraan open en er komt water uit. Waar komt dat water eigenlijk vandaan? En waarom is het in Nederland zo mooi schoon en mag je het tijdens de vakantie niet overal uit de kraan drinken? Op www.kraanwater. nu geven de Nederlandse drinkwaterbedrijven antwoorden op al die vragen. Er is ook een speciaal hoekje voor de oudere kinderen, die daar informatie kunnen halen voor hun spreekbeurt. Laat een groep kinderen alles over water verzamelen. Ze kunnen de taken verdelen. Elk kind beantwoordt één vraag over water en maakt daar een mooie collage, sculptuur of tekening bij.

8-12 jaar: Oberen

Dit spel is vooral geschikt is voor de oudere kinderen. De groep wordt verdeeld in twee kleuren, duidelijk herkenbaar aan hun shirtje; bijvoorbeeld geel en rood. Het gele team heeft gele shirts, gele emmers en gele bekers. Het team splitst zich op in tweeën: obers en gooiers. Bij de start staat een emmer met water. De gele obers krijgen een dienblad met gele bekers. Die mogen ze vullen vanuit hun emmer en als het startsein gaat, rennen ze zo snel en voorzichtig mogelijk naar de andere kant van het plein, waar ze het water gooien in hun tweede gele emmer. Het rode team doet hetzelfde. De gooiers an elk team proberen met zachte balletjes of sponzen de bekers van de tegenstanders om te gooien. Je kunt het extra spannend maken met een hindernissenparcours. Laat de obers maar over obstakels stappen, over bielzen klimmen of tegen een heuveltje oprennen. Bij een obstakelveld staat bij elk obstakel één gooier van de tegenpartij, anders wordt het te moeilijk. Wie het meeste water aan de overkant krijgt, wint.

Voor alle leeftijden

Deze activiteit is het leukst als je een heuveltje hebt in de buitenruimte en een tuinslang die zover reikt. Leg een langwerpig zeil van enkele meters op de heuvel, doe er flink wat kindvriendelijke zeep op en houd hem nat met de tuinslang. De glibberpret kan beginnen. De kinderen mogen een aanloopje nemen en op hun buik over de waterglijbaan omlaag glijden.

Carla Overduin

Gerelateerde tags

Of registreer je om te kunnen reageren.