Registreren Waarom moet u zich registreren voor deze site? Lees meer

Blog Judith Kuiten - Taalvaardigheid of taalstimulering?

Mijn kinderen weten dat ik ’s ochtends niet aanspreekbaar ben. Sterker nog, ik zet mijn wekker een kwartier eerder om in alle rust mijn koffie te kunnen drinken. Geloof me. Dat is voor iedereen beter.
Blog Judith Kuiten - Taalvaardigheid of taalstimulering?

Vanmorgen kwam ik om half 7 beneden waar ik, tot mijn verbazing, mijn (net) 4-jarige zoon aantrof. Meneer zat heel keurig met een bakje cornflakes (inclusief melk!) aan de keukentafel. Nog voor ik op dit tafereel kon reageren, zei hij: “Zo, wilde jij ook even in alle rust ontbijten en je Macchiato drinken?...” Ik herhaal: net 4.

Duidelijk géén “VVE-kind”.  Toch is het maar zeer de vraag of wij, zijn ouders, het straks vereiste 3F niveau Nederlands, hebben. Met beiden een vorm van dyslexie is dat zelfs zeer onwaarschijnlijk. En hoeveel waardering ik ook heb voor de pedagogisch medewerkers die hem al jaren fantastisch begeleiden, voor hun ‘3F niveau’ steek ik (op basis van de schriftelijke overdrachten) mijn hand niet in het vuur.

'Hij zei letterlijk dat taalvaardigheid niet hetzelfde is als taalstimulering'

Juist hierom was ik zo blij met de woorden van hoogleraar Ruben Fukkink in een recent nummer van het Vakblad Kinderopvang. Hij zei letterlijk dat taalvaardigheid niet hetzelfde is als taalstimulering. Dat juist op dit laatste het accent dient te liggen. Laten wij én de pedagogisch medewerkers daarin nu juist heel erg uitblinken!

Door te benoemen wat je doet en te doen wat je benoemt. Door eindeloos voor te lezen; door onze gezichtsuitdrukkingen “mee te laten praten” en onszelf (als hechtingsfiguren) het allerbelangrijkste te vinden en dus voortdurend ‘in contact’ te zijn.

Natuurlijk moeten er eisen gesteld worden aan het niveau van de nederlandse taal maar laten de woorden van onze hoogleraar nog lang naklinken: Uiteindelijk is de taalstimulering belangrijker dan het feit dat ik nederlands met een hoofdletter had moeten schrijven…

Zeg eens heel eerlijk: was het je opgevallen?

Judith Kuiten

Eén reactie

  • hminkema

    Zoals taalstimulering véél meer is dan taalvaardigheid, zo is taalvaardigheid véél meer dan nederlands met een hoofdletter schrijven.

    Zorgen dat kinderen groeien in taalvaardigheid, dat doe je inderdaad door taalstimulering. Terecht dat Ruben Fukkink en jij dat onderstrepen. Pedagogisch medewerkers moeten dus vooral dáár in worden geschoold. Dat geldt op een iets ander niveau ook voor leerkrachten in het basisonderwijs en de docent Nederlands in het VO. Die komen er ook niet alleen met een eigen voldoende taalbeheersing, maar moeten weten hoe leerlingen aan het groeien c.q. leren te krijgen.

    Maar zeg nu eens: mogen er ook eisen worden gesteld aan de eigen taalvaardigheid van taalleraren? Het ligt niet voor de hand dat een leerkracht of leraar Nederlands zijn leerlingen kan leren schrijven, spellen, lezen of teksten interpreteren als hij/zij dat zelf niet kan. Ook aan het mondeling taalgebruik mogen, nee moeten, eisen worden gesteld die bijdragen aan hun effectiviteit als leerkracht dan wel 'taalstimulator'.

    Het is dus geen of-of-zaak maar een en-en-zaak. Aan VVE-leerkrachten mogen we eisen stellen aan hun taalstimulerende capaciteit en aan hun taalbeheersing. Welke eisen dat precies zijn, is vers twee.
    Overigens vind ik dat alle taaldocenten het woord Nederlands met een hoofdletter moeten schrijven; in het bijzonder taaldocenten die leerlingen schriftelijke taalvaardigheid bijbrengen. Zoals je van een rekendocent ook mag verlangen dat hij/zij weet wat 7 x 8 is.

Of registreer je om te kunnen reageren.